www.ideemachine.nl (Robots&Zo)
                                                                                                 

 

 

 

 

Mijn 1e ontmoeting met de Verkenner.

 

Op zaterdagmorgen ga ik altijd een stukje wandelen met Lotje op de dijk. Lotje kan lekker los rennen en snuffelen (ze springt als een hert omhoog door het hoge gras). Meestal zoekt ze naar muisjes, vogelpoep of vliegen.

 

Lotje is dus een vieze hond, nergens bang voor en altijd zin om naar buiten te gaan. Eigenlijk een soort Bobbie (van Kuifje) maar dan zwart en ze is een vrouwtje.

Lotje loopt ook vaak overal naar toe, vooral waar ik niet wil dat ze naar toe gaat, want ze is erg nieuwsgierig. Daarbij loopt ze dwars door de modder, een slootje of een plas water. (vandaar vies, want schoon blijft ze nooit).

Met Lotje en een wandeling begon dus dit verhaal.

Na een tijdje wandelen, was ik plotseling haar kwijt. Ik keek rond en riep haar, maar niets....Ik dacht gelijk aan een konijnenhol of zo, maar dat is ook best gevaarlijk! Daarom liep ik eerst terug naar de plek waar ik haar het laatst had gezien, maar ook daar vond ik Lotje niet. Blaffen deed ze ook niet en toen ik stil werd om te luisteren, kon ik nog niets bijzonders horen.

Ik werd er toch een beetje bang van en riep wat harder en liep ook wat sneller. Weer niets en ik zuchtte, want thuis zou ik op mijn kop krijgen, als ik zonder Lotje was teruggekeerd.

 

Ik probeerde wat anders en vond een plekje op een kleine verhoging op de dijk (een waterzuiverings-ding of zo) en tuurde de waterkant met riet langs. Eindelijk zag ik een zwart mormeltje tussen het riet en een staartje zwiepte op en neer. Gelukkig dacht ik....gevonden. Toch kwam Lotje niet naar me toe en daarom moest er wel iets aan de hand zijn. En dat was ook zo.

 

Lotjes neus snuffelde richting een holle omgevallen boom, maar ging niet naar de boom toe. Ik dacht direct aan een wild beest, want een kleine muis, daar zou ze niet voor achteruit gaan! Ook ik kroop een beetje richting de boom, maar zag niets. "nou lotje, kom maar mee, want dit is niets". Maar Lotje bleef staan en toen ik bijna haar aan de riem wilde doen, zag ik het........

In de modder waren stapjes te zien van een beest. Kleine stapjes en ik had zulke nog nooit gezien. Het was geen spoor van een vogel en ook niet van een konijn. Nee, kleiner, hoekiger en dus vreemd in de natuur. Ik maakte een foto, want ik wilde op internet nazoeken wat het zou kunnen zijn.

 

 

Op internet vond ik dit:

 

Heel anders dan de door mij gevonden sporen. dieren hebben geen vierkante sporen. Wat zou het kunnen zijn?

 

De volgende dag ging ik terug, want dit was toch vreemd....

Op Zondagmorgen ging ik weer met Lotje naar de plek waar de sporen waren. Ze waren er nog steeds, maar ik vond verder niets. Ook de holle boom leek leeg. Wel was er een gat onderin, maar daar kon ik niet in kijken.

 

 

 

 

Ik wilde het hierbij maar laten en draaide me om. Plotseling hoorde ik een geluid. Een stemmetje, dacht ik. Een piepstemmetje. Of zou het een muis zijn? Ook Lotje hoorde het er begon aan de holle boom te snuffelen. Er moest dus iets zijn, maar wat dan?? Ik kreeg een idee. Ik moest het uit de holle boom lokken en pas dan kon ik zien wat het was. Daarom besloot ik wat kruimels brood achter te laten en dan de volgende dag maar eens kijken of er van gegeten was.

 

Maandagavond....Ja, wel hoor...de kruimels waren weg, dus iets zat er in het donkere gat onderin de holle boom. Even wist ik genoeg. Ik besloot om elke dag even wat brood en een kommetje water in het gat te plaatsen. Ik luisterde nog na, maar hoorde niets bijzonders. Alleen een paar vogels en in de verte een schaap. Lotje snuffelde aan het gat en zwiepte met haar staart. Ze was blij, want als het een insect, muis of egeltje zou zijn, dan stond haar staart stokstijf recht omhoog. Maar wat zou haar dan blij maken? Alleen mensen en andere honden maakten haar blij. Het was voor mij een vraag die niet werd beantwoord. De holle boom bleef interessant. Morgen zou ik weer terugkomen...

Ik draaide mij om tot plots in mijn hoofd een vreemde gedachte opkwam. Iets had ik in een flits gezien, maar ik wist niet goed wat. Daarom keek ik nogmaals naar het gat en ontdekte een klein propje papier. Ik had het niet eerder gezien. Was het daar gevallen of naar toe gewaaid? Wat gek! Ik pakte het op, frommelde het open en dit is wat ik zag.

 

 

 

Een papiertje met iets erop tekenend. Maar ook nog een paar druppels en als ik mij niet vergiste, was het bloed!!! Een boodschap geschreven in bloed. Mijn hart klopte in mijn keel, want alles werd nog vreemder dan vreemd. Ik liep snel weg en nam het papiertje mee.

Thuis aangekomen dook ik snel achter de computer. Op zoek naar de letters en ik had ze al snel gevonden. Het waren letters van Rune, de oude taal uit Scandinavië. De vertaling was makkelijk, want de letters waren goed te vertalen.

 

 

 

Toen ik eenmaal had opgeschreven wat ze betekenden, schrok ik mij een hoedje. Er stond niets minder dan HELP op het briefje. Help....geschreven in bloed. Ik besloot direct een dag vrij te nemen en de volgende morgen de holle boom en het gat nogmaals goed te onderzoeken. Maar ditmaal met een spiegel aan een stok en kleren die vuil konden worden.


 

Ik ben er geweest. En wat ik toen ondervond...is een beetje lastig om te vertellen. Eigenlijk geloof ik dat niemand mij gelooft, maar het is echt waar. Ik zal proberen het uit te leggen.

Bij de holle boom was alles nog hetzelfde. Alleen weer waren de broodkruimels weg. Ik zag verder niets en ook geen bloed. Zou ik mij dan toch vergist hebben? Of zou iemand met mij een grap uithalen. Ik wist het niet. Het was Lotje die mij overtuigde dat er "iets" was, want ze bleef snuffelen en zwiepen met haar staart. Ik probeerde zonder spiegel naar binnen te kijken maar zag niets. Het werd tijd voor de stok en de spiegel. Voorzichtig duwde ik de spiegel naar binnen. Het zou mij niets verbazen als een beest in de spiegel zou bijten. Dat gebeurde niet. Er gebeurde niets en ik zag ook niets. Het was te donker. Gelukkig had ik mijn zaklamp meegenomen. ik wilde die niet gebruiken want dieren zijn bang voor scherp licht. Maar het moest, anders zou ik het nooit weten. Lotje stond stokstijf stil. Ze wist dat er iets ging gebeuren.

Ik draaide de spiegel een beetje en scheen naar binnen. Eerst zag ik nog steeds niets, maar wacht....er zat iets in het hoekje. Wat vreemd, het leek een beest, maar ook weer niet. In hemelsnaam...wat kon dat zijn? De spiegel duwde ik iets dichterbij en de lamp scheen vol in de hoek en pas toen werd het mij duidelijk. Ik zag het.....en het leek ongeveer hierop.

 

 

Ik heb deze afbeelding op internet gevonden. Hier lijkt hij het meeste op, maar dan zonder belletjes. Een klein vreemd mensje met veel haar en kleurloos. Daarom zag ik ook niets in het donker! Hij keek me sneu aan en wees vervolgens met zijn lange vinger naar zijn magere linkerbeentje. Daarop zat een beetje bloed en het was ook krom. Het zou toch niet gebroken zijn?  Ik vroeg het en tot mijn verbazing sprak het terug.

Ik schrok hier zo van dat ik direct omkeerde en weg rende met Lotje kwispelend achter mij aan. Hijgend kwam ik thuis aan en wist me geen raad. Niemand zou dit geloven en wat kon ik doen? Ik kon toch geen been maken van een vreemd wezen. Ik wist zeker dat het niet met mij mee zou gaan naar een ziekenhuis.

Wat nu? Ik besloot er een nachtje over te slapen en dan een beslissing te nemen.

De volgende dag ben ik toch terug gegaan, want ik kon er niet van slapen. Het mannetje zat er nog steeds en ik vroeg direct hoe het met hem ging. "slecht", kreunde het mannetje. Enige opluchting had ik meteen. Ik was dus niet gek aan het worden. "Mag ik een foto van je maken" vroeg ik in een opwelling. "Nee, nee..."klonk het uit het gat en ik zag dat zijn ogen wijd open stonden. Met een opgeheven arm om zich te beschermen tegen het flitslicht legde hij snel uit dat scherp licht hem pijn zou doen. Ik legde mijn camera weg en constateerde dat de rust in hem terugkeerde. Ik vroeg daarom maar naar zijn naam en wat hij eigenlijk was. "Goed....ga zitten, niets vragen en luister scherp, want ik vertel het maar één keer". Ik nam plaats met mijn rug tegen het gat, lotje vlak naast me en luisterde aandachtig.

 

"Mijn naam is 3.12. Ik ben de 12e verkenner van de 3e Europa-groep. Dit betekent dat ik in dit gedeelte van Europa onderzoek doe. Vorige week ben ik vertrokken en uiteindelijk hier beland, omdat ik van een schuurtje in de Margrietstraat van de familie Verheijen ben gevallen. Stom van me en tot overmaat van ramp heb ik mijn linker-stok gebroken en mijn pink-stokje gescheurd. Het grote kater op nummer 14 heeft me ook bijna te grazen genomen. Katten....daar kan je niets mee. Een hond luistert, maar katten...nee, die doen maar wat ze willen. Nou ja, ik dwaal af. Ik schakelde dus op nul procent, zodat niemand me zou zien. Helaas kan ik dat maar drie keer gebruiken en ik moet nog terug reizen. Dus dat wordt een groot probleem. Nu heb ik mij hier genesteld en zoek een beetje touw en twee stukken hout om mijn stok te repareren. Maar nu jij er toch bent en mij hebt gezien....moet jij me helpen".

 

 

 

 

"Jij moet me helpen"....dat was hetgeen ik een beetje goed kon volgen. De rest was een wirwar van 1000 vragen die ik had. Een tijdje was ik sprakeloos, maar toen besefte ik dat ik moest helpen. Helpen om van dit probleem af te komen. Maar ergens in mijn achterhoofd klonk een klein stemmetje die mij vertelde dat dit superbelangrijk was. En dat was het ook, maar dat vertel ik de volgende keer.

 

Het helpen bestond dus eerst uit het spalken van het linkerbeentje. Nou ja, een been, het was inderdaad meer een stokje. Zo dun! Thuis haalde ik snel twee satéstokjes, een beetje touw en een kleine pleister.

Toen ik terugkwam zat het mannetje voorin het gat en zonder iets te zeggen stak hij zijn beentje naar voren. Direct zag ik ook de vorm van zijn voet. Rechthoekig! Ik deed voorzichtig de korte laars uit en gelukkig ging dat zonder pijn. Er was niets te zien aan het beentje, behalve een bobbel in het midden. Ik pakje de satéstokjes, brak ze wat kleiner en verbond het beentje met het touw. Een pleister op zijn pink was voldoende. De laars schoof ik weer aan en tot mijn verbazing richtte het mannetje zich op en probeerde een paar kleine stapjes. Het verliep niet zonder problemen en zuchtend ging hij weer zitten, maar nu naast de boom. Het was stil. Erg stil....Het mannetje had pijn en keek ook bezorgd. Grote rimpel verschenen op zijn voorhoofd en soms schudde hij zijn hoofd. Ik werd er zelf ook verdrietig van. "Hoe kan ik je verder helpen", vroeg ik na een tijdje.

"Hm, goede vraag....Ik moet terug naar huis,. anders loopt het niet goed af. Ik zei dat ik het begreep, wat natuurlijk niet zo was. Terug...waar naar toe dan? En hoezo, moeten...Kon het niet even wachten totdat het been genezen was? Er waren nog zoveel vragen. Ik besloot de belangrijkste te stellen.

"Waarom noem jij jezelf een onderzoeker? "

 

3.12 dacht even na en begon voorts met zijn uitleg.

 

Ik ben een Elf. Nee, niet zo'n Elf als wat jullie allemaal denken, want Elven met vleugels bestaan gewoon niet. Dat !.... is een sprookje. Hij stak zijn vinger op om dat ernstig te bevestigen. Ik zei "Oké", want hij wachtte op mijn antwoord. Elven wonen in het bos, ging hij verder... of in het Noorden waar het ijs is. Ik ben geen Boself, maar een IJself. Daarom ben ik ook zo behaard. (ik dacht dat hij een jas droeg....maar dat was dus niet zo!) IJselven helpen de man met de Midwinter. De Midwinter zo moet je weten is het moment dat de zon weer langer gaat schijnen. (rond Kerstmis dus, was mijn gedachte hierover) Juist. rond Kerstmis. (ik schrok...kon de Elf gedachten lezen?) Voor de man doe ik onderzoek en zodoende was ik in mijn zoekgebied. En nu moet ik natuurlijk terug. Simpel.

 

 

 

(de bos-elf zit links van het midden, een beetje onder de lichtste tak)

 

"Ho even", riep ik snel. "Je maakt het wel erg simpel. Maar voor mij is dat niet zo, hoor !"

"Waarom doe je onderzoek? En wie is die man die je helpt? De Elf schoot in de lach en zijn buikharen schudde mee in kleine golven van plezier. "Mensen zijn niet snel van begrip"....."De rode man! . De rode man...herhaalde hij met een glimlach op zijn gezicht.

"De rode man"....ik dacht even na en toen wist ik het. Nou ja, weten....dit kon toch niet waar zijn? "O. jee, je bedoelt toch niet....." "Ja, die rode man...De Kerstman, domkop".  Ik sloeg van verbazing steil achterover en kneep in mijn wangen. Ik was wakker...dus dit was allemaal echt. "De Kerstman.....niet te geloven. En ik zit hier met een Elf"... Het duurde tien minuten voordat ik weer mijn gedachten op een rijtje had.

Ik herhaalde mijn vraag nog maar keer, want ik wist ff niets te verzinnen. "Waarom doe je onderzoek?".

3.12 kuchte een keer en begon uitleg te geven.

"De Rode man heeft zelf geen tijd om uit te zoeken welk kind iets verdient en welke niet. Vroeger ging dat wel, toen hij alleen het Noorden bezocht. Maar ja, zijn hart is groot, dus het gebied werd steeds groter. Daarom gingen de IJs-elven hem helpen. De opdracht is simpel; zoek uit welk kind iets verdient met Kerstmis. Nou, dat is redelijk eenvoudig. Gelukkig kunnen Elven zich enorm goed verborgen houden. Vooral in de 1e wereld. De wereld van de mensen. In de 2e wereld is dat niet nodig. Bovendien alles ziet alles daar. Enfin.... De Elven verdeelden de Wereld in grote stukken en die weer in kleinere stukjes. Ik heb samen met 3.10 tot en met 3.19 de lage Landen. Elke Zomer ga ik er op uit, vertrek naar het Zuiden en bespioneer de kinderen. Ik merk het vrij snel....een kind helpt zijn zieke moeder....die krijgt iets leuks. Een kind wat geld pikt uit de portemonnee van moeder of vader....die slaan we een jaartje over. In de herfst keer ik terug naar het Noorden en daar moet ik zijn voor 1 december. Zo niet.....dan vervaag ik en is al het werk voor niets. Maar...ik haal het altijd hoor! Al 326 jaar lang...en lever een mooie lijst aan de Rode man af.". 3.12 stopte met zijn verhaal en keek me ernstig aan.

"Ik begrijp het hoor...Het is iets tussen ons. Ik ga niets doorvertellen of zo". De Elf lachte en zijn buikharen begonnen te schudden. "Vertellen...ha ha ha, niemand zou je geloven".

En dat was ook zo, niemand gelooft werkelijk zo'n verhaal! Maar toch was dit anders dan alle andere Kerstman verhalen. Nog niets van een slee gehoord, geen Rudolf in beeld en niet ieder kind krijgt een cadeau met Kerstmis. Er waren nog zoveel vragen.  

3.12 gaf aan te willen rusten en we besloten dat ik morgen terug zou komen. Hij wenste niets bijzonders, alleen een koekje. Ik draaide mij om en vroeg me af hoe dit verder zou gaan. En wat bedoelde de Elf met vervagen....en....Tja, zoveel vragen. Toen kreeg ik een ingeving. Ik zou aan sommige kinderen vragen wat zij aan de Kerstman zouden vragen als dat kon. Ja, dat was een goed idee! En zo ging het. Binnen één dag en avond had ik voldoende vragen bij elkaar.

 

De volgende dag werd het koekje rustig maar smakelijk opgegeten. De Elf had zelf nog een paddenstoel gevonden en een beetje mos in het gat gelegd. 3.12 gaf aan dat zijn been beter voelde, maar nog wel erg stijf was. Ik besloot na een tijdje de eerste vraag te stellen.

 

ELINE: "Woont de Kerstman echt op de Noordpool?"

 

 

Oké foutje....

 

 

 

De Elf moest lachen. "Nee jo, niet op de Noordpool, maar wel vlak daarbij. Sinds één of andere idioot een vlag heeft geplaatst op de Noordpool is ons luik naar boven en onder onbruikbaar geworden. Zou er toch vreemd uitzien als het luik open zou staan en de vlag niet meer te zien zou zijn. Bovendien zijn er altijd mensen op de Noordpool om onderzoek te doen. Ik weet niet of ze de Rode man zoeken...Dan kunnen ze lang zoeken! Ha.ha.ha..."De Elf ging verder met een grote glimlach op zijn gezicht. (zelfs zijn wangen kregen een beetje een roze kleur).

"We hebben een gang gemaakt van het luik naar de Bubbel. De Bubbel...die onder het ijs hangt is de woning van de Rode man. Erg diep naar beneden en ook nog eens niet precies onder de Noordpool maar een halve dag lopen verderop. De bubbel zie je trouwens niet, want hij lijkt op een ijsberg." "voldoende beantwoord?......"

Ik gaf aan dat dit wel even voldoende was. Natuurlijk kwamen er meer vragen naar boven...vooral over de Bubbel. Zou daar licht zijn...en hoe dan? Was zijn huis rechthoekig of ook rond? En ga zomaar door. Mijn gedachten werden echter wreed verstoord door 3.12.

 

"Ik moet poepen".  "Eh, wat...?" "poepen, je weet wel...de uitgang leeg persen". De Elf trok een vreemd gezicht en ik waarschijnlijk ook. "Eh, moet ik weggaan of zo?, vroeg ik voorzichtig en hopend dat dat zo was. Maar nee hoor...Je moet me helpen". "Helpen...hoe dan...ik ga niet je behaarde kont afvegen hoor, voegde ik er snel aan toe. Dat was gelukkig niet nodig. Na enig getreuzel en uitzoekerij werd het duidelijk dat ik 3.12 op een tak moest plaatsen zodat...nou ja, je weet wel. Afvegen was niet nodig, want toen ik naar beneden keek (ik wilde het eigenlijk niet, maar mijn nieuwsgierigheid won het...) zag ik dus alleen een paar droge keuteltjes. Na vijf minuten zat Elf weer op zijn plekkie. "Oké, klaar voor vraag twee". "Goed".

 

MAARTEN: "Hoe kan de Kerstman zoveel speelgoed maken op de Noordpool".

 

"Hm, een beetje vreemde vraag, want kijk eens hoeveel speelgoed mensen maken. Waarom zou de Rode man dat niet kunnen? En tegenwoordig is het zo simpel. Vroeger moesten de Elven eerst hout halen, daarna zagen, daarna slijpen en dat knutselen en tot slot verven. Een heel gedoe en daarom konden niet alle kinderen speelgoed krijgen met Kerstmis. Nu is het totaal anders....en daarom ! (3.12 stak zijn knokkelvinger weer priemend omhoog) daarom kijken we nu heel goed naar wie wel iets krijgt en wie niet!"

 

3.12 ging door en bracht zijn vinger omlaag. "Nu...nu hebben we een paar flinke 3 D printers en maken we al het speelgoed niet meer van hout, maar van Glubbersnit. "Glubbersnit?", vroeg ik meteen. "Wat is dat nou?". "Glubbersnit....Hm, is een vreemd goedje, maar helaas overal te vinden. Het drijft in de zee, het ligt op de bergen, in bermen van jullie autosnelwegen en ga zo maar door. Wij verzamelen dat....en de walvissen brengen het meeste mee uit zee. Ze zwiepen met hun staart al het Glubbersnit naar voren en zo komt het uiteindelijk bij het IJs aan. Daarna kunnen de Elven ermee aan de slag en hopla in de 3D printers.

 

Ik moest even nadenken, maar toen had ik het in de gaten. Dus dit bedoelde de Elf met Glubbersnit.

 

 

 

Er was zoveel te vinden, dat ze makkelijk 100 X zoveel speelgoed konden maken. 

3.12 ging verder. Nou ja, inderdaad er is zo veel Glubbersnit...veel te veel en gelukkig kunnen wij een beetje hergebruiken.

"Enfin...de Glubbersnit gaat in de 3D-printers en die maakt ervan wat er op de lijst voorkomt. Zo simpel is het."

De elf wachtte en gaf met een knik aan dat de vraag was beantwoord. Ik ging over naar de volgende vraag.

 

FAROUZA: "Hoe kunnen de Kerstman, Elven en de rendieren leven in een IJskoud gebied zonder verwarming?  

"He, he...deze is gemakkelijker te beantwoorden", was de eerste reactie van 3.12. Zijn ogen schitterden een beetje en ik kreeg de indruk dat hij er zelf ook iets mee te maken had. En mijn gevoel klopte.

"Warmte is overal in de Bubbel aanwezig, zo veel zelfs dat we een overschot hebben", zo begon hij.  "Dat stralen we dan weg naar boven en jullie noemen dat Het Noorderlicht". "Waarom is dat licht dan groen van kleur?", was meteen mijn reactie, want ik wilde dit ook wel eens weten. "Groen....tja....we halen de warmte direct uit de kern van de aarde. Die heeft zoveel warmte...Er is gewoon te veel en het warmste lava verdwijnt gelukkig via de Vulkanen en het rest-licht via onze buizen en gaten in het Noordelijk IJs. Maar ik dwaal af...je vroeg over de kleur groen. Nou, dat vindt de Rode man het mooiste voor het Noorden. Daarom strooien we mistig-groene-flitsstof over het licht. Ik doe dat zelf ook en het is leuk om te doen. Maar even terug naar de vraag. We hebben dus onze verwarming gewoon bij ons en daarom is het nooit koud in de Bubbel.

 

 

"Smelt het IJs dan niet?, wilde ik weten, want ik kon niet alles zomaar geloven. "Het IJs smelt op de Noordpool", zei ik er direct achteraan.

"Tja, dat weten wij ook. De Bubbel is warm van binnen, maar houdt de warmte ook gewoon daar. En met warm bedoelen wij gewoon van 0 tot min 10 hoor. Alles daarboven...., is veel te warm voor de Rode man. Waarom denk je dat hij zo'n warm pak heeft en de Elven zoveel haren?" "Nee, de Noordpool smelt niet vanwege de Bubbel. Hij smelt door jullie mensen en dat is zorgelijk". (3.12 keek ook treurig en zorgelijk....ik liet dit onderdeel even rusten en ging over naar de volgende vraag. Nou ja, twee vragen!)

 

ANOUK 6 jaar; Wie is Sinterklaas?

 

De Elf moest lachen om deze vraag, maar even goed nadenken "Sinterklaas....nou dat is toch duidelijk. Sint Klaas...Santa Claus....dat zijn natuurlijk dezelfde! De Rode man komt begin December in Nederland om zijn verjaardag te vieren. Alleen in Nederland weten ze zijn ware verjaardag datum en daarom ben ik ook hier. Ik moet al vroeg in de herfst uit zoeken welk kind niets verdiend en welke lief is geweest. De meeste landen zijn de verjaardag datum van de Rode man vergeten, behalve in Nederland. Het is eigenlijk altijd al een gek volkje, die Nederlanders, maar wel slim.

Ik vroeg direct naar de Zwarte pieten, want dat zijn toch geen Elven?

"Goede vraag, hoor! Jij ben ook slim! Nou, zwarte pieten is iets vreemd. Omdat de Elven zich niet kunnen laten zien, (als ze gezien worden, vervagen ze..., voegde hij er snel aan toe. En hij keek ernstig...) heeft de Rode man iets anders verzonnen. Hij heeft hulp meegenomen, omdat Sinterklaas de jarige is op zijn eigen feest! Hij geeft cadeautjes, maar moet zich ook laten feliciteren. Daarom komt hij op de TV, in het nieuws, op straat en zelfs in het theater! Dat kan hij nooit alleen en dus heeft hij iets anders verzonnen. Zwarte pieten zijn een groot aantal goede vrienden van de Rode man....Eh, misschien kan jij ook wel zo'n goede vriend worden?, vroeg hij snel.....Ik gaf geen antwoord. Hij ging verder. "Die hem dus een tijdje helpen. Deze vrienden komen overal vandaan. Uit Nederland, uit Duitsland, China, Amerika en ook Afrika en kleuren zich allemaal zo vrolijk mogelijk. Dat ze ook zwart zijn, komt omdat ze vroeger vaak in de schoorsteen moesten klimmen. Gelukkig gebeurt dat nu niet zo veel meer.

"Oké zo?" Ik knikte.

 

TIMMIE 12 jaar; Wie is dan Sinterklaas? ONDERSTAANDE IS VOOR EIGEN RISICO!!!!

"Tja, Sinterklaas..........die bestaat nou net niet. Vroeger wel, maar dat is al eeuwen geleden. Dus meestal is het een verklede kerel uit het dorp met een aantal mensen die zich onder smeren met zwarte troep. Dat bijna niemand meer een schoorsteen heeft waar ook maar één pakje doorheen kan, lijkt niet belangrijk. Enfin, het is een leuk feest voor de ouders van kleine kinderen in Nederland - en voor de kinderen zelf natuurlijk - zijn er blij mee! Van de Rode man mag het allemaal zo blijven, want gelukkig zijn...is van veel waarde. Als iedereen het maar leuk vindt, dan is het goed?"  

3.12 kneep een oogje een beetje dicht en benadrukte hiermee het belang van zijn laatste opmerking.

Ik begreep hem en knikte. Op naar de volgende vraag.

De volgende morgen kwam ik terug en 3.12 gaf aan dat het beter ging met zijn been. Nog een paar dagen en hij misschien kunnen reizen naar het Noorden. Dat zou nog een probleem worden, gaf hij aan. Ik raakte een beetje in paniek toen hij vertelde dat hij voor 25 december terug moest zijn in het Noordpoolgebied. zo niet, dan zou hij helemaal vervagen.....

Het gaf me te denken...hoe krijg je in hemelsnaam een geblesseerde Elf ongemerkt in Lapland, want daar begon het Noordpoolgebied?

Ik liet het even voor wat het was en stelde de volgende vraag.

JAMAI; Kunnen de rendieren echt vliegen?

"Hm, ja, ik verwachtte die vraag al". "Nou, tuurlijk...zweefkruid en bonen, is het enige wat nodig is! Het zweefkruid voor het vliegen en de bonen...tja, voor kracht volle vaart vooruit! Zo simpel is het. Natuurlijk eten ze ook hooi en mos, maar niet in december." "Voldoende zo? Meer kan ik er toch niet van maken". De Elf viel stil en ik moest hier even over nadenken. Zweefkruid.....het zal wel...Bonen dat begreep ik ook en ik moest er even om lachen. Ik zei hem dat het voldoende was.

Ik ging over tot de laatste vraag, want morgen moesten we de terugreis eens bespreken. Het ging al beter met het been. Maar lopen was te pijnlijk. Ik vroeg me nu al af hoe ik in hemelsnaam ongezien een Elf naar de Noordpoolcirkel kon krijgen. En mijn werk dan?......Ik liet het even rusten en stelde de laatste vraag, die ik zelf had verzonnen.

 

 

IK; Hoe oud zijn de rendieren, Elven en de Kerstman en waar komen ze dan allemaal vandaan?

 

"Nou vraag je wel iets hoor!", antwoordde 3.12. Hij mompelde nog wat en slaakte een diepe zucht. Kennelijk was het een lastige vraag, want hij stond ook even op, schudde zijn vel en ging langzaam zitten. Toen begon hij met vertellen en inderdaad....mijn gevoel was goed.....het was niet mis. Het werd dus een lang verhaal, met vreemde plaatsen, tijden en vooral ontwikkelingen. Ik kon het niet helemaal goed onthouden, dat moet je mij vergeven, maar dit was ongeveer wat hij vertelde.

"De zes wentelingen van moeder aarde waren allang voorbij, toen het vuur eindelijk doofde en het water niet meer siste. Brokken van buiten kwamen nog maar een enkele keer. De watergrubbelingen kregen hun kans en woelden zich uit de modder. Op de hoge grond krioelden kleine frutsels door het groen, maar dat was ook het enige wat ze deden. Frutselen...Er was nog geen plaats voor ideeën, nee, niets van dat. De wereld bleef vooral leeg, hard en zonder plan. Naast moeder aarde verschoof de 2e steeds verder weg en trok nog maar een beetje aan haar moeder. De 10e ...(de Elf keek somber) Tja, de 10e vertrok en keerde nooit meer terug.  

Het 1e geestlicht kwam, schuurde tegen moeder aarde, maar vertrok zonder iets na te laten.

Het 2e geestlicht kwam, beroerde moeder aarde en een kilte trok over Noord en Zuid.

Het 3e geestlicht kwam, woelde diep door moeder aarde en plaatste zijn idee in het water.

Het idee sprankelde voor lange tijd, huppelde en versterkte zich met groeisel, totdat het idee ook de kruintoppen in zijn zicht nam. Het kon niet zo blijven. En vlug kwam het einde, want het idee groeide in tweeën en bloed op moeders aarde werd haar tweede vocht.  

Uit de lucht kwam dus de rechter en maakte een einde aan het loze en grauwe idee. Grutsels en frutsels pakten weer hun kansen en moeder aarde friemelde zich geduldig, maar prettig in laaggronds-gedoe voor lange lange tijd. Geestlichten kwamen weer in zicht, maar keerden immer om.

Uiteindelijk vroeg moeder aarde zelf om een idee. Een groots idee, beter en waardig voor haar, voor de Ene en ook voor haar broers en zusters.

Op een dag, ergens in het voorjaar kwam het 4e geestlicht. Moeder aarde was blij en zorgde zo goed als ze kon voor een goede plaats. Het nieuwe idee van het 4e licht verspreidde zich snel onder al de frutsels, zonder een echte keuze te maken. Het broeide en bloeide, verkwikte en schikte, spartelde en dartelde en een glimp van schoonheid, liefde en  warmte waarde over haar tuinen, steppes, bossen en verre oorden. En toen gebeurde het.... Het onvermijdelijke.....een verre echo van het 3e licht vloeide toch in het bloed van de frutsels en sommigen keerden zich af. Scherpe zaken en donkere kaken kwamen in de nacht en bibberig deed het al de schone frutsels huiveren.

Wakers, hoeders van de frutsels werden noodzakelijk en moeder aarde bundelde al haar krachten. Diep in de ondergrondse gewelven creëerde zij de grond en bos-Elven uit modder gruis en slijpsel en bracht hen op de hoogte van hun taak. Diep in het IJs creëerde zij de IJs-elven en ook zij hoorde van hun ongemakkelijk taak. De bos-Elven waren de frutsels het meest nabij en verrichtten het meeste werk tot op de dag van vandaag. De IJs-elven daarentegen hadden minder werk te doen, maar daar kwam al snel verandering in. De Rode man verscheen uit het niets. Plots stond hij daar, ouder dan de piramiden, ouder dan het verwoeste eiland in de zee en zelfs nog ouder dan de laatste grote kilte, die het Noorden lange tijd in zijn greep hield. De Rode man kreeg een belangrijke taak.  Wat? ...nou dat werd duidelijk bij de volgende stap.

Want op een dag, ergens eind december kwam het 5e licht en zocht de uitverkoren frutsels uit. Zij, alle mensen, voelden het licht en vreedzaam verspreidde zij zich over het land. Helaas waren de grote mensen niet vrij van domheid. En, tja.... De Rode man kreeg het daarom druk eens per jaar liefde en vrede aan de kleinste mensen te schenken. Als een herinnering aan de ware kracht van het 5e licht en om - al was het maar voor even - de van de grote domheid weg te poetsen. En zo werd Kerstmis geboren en de Rode man wist wat hem te doen stond. Maar hij kon het niet alleen!

Moeder aarde zond de IJs-elven naar de bubbel en vanaf die dag hielpen de Elven, de Rode man.

En de Rendieren?

De Rendieren? Nou das simpel. Rendieren luisteren altijd naar IJs-elven. En kunnen dus goed helpen. Bovendien hebben sommigen zweefkracht. Niet allemaal hoor! Sommigen dus. En de beste....die blijven leven net zolang de Rode man nodig is. Ook zij zijn dus oud.....heel oud!

3.12 was klaar met zijn verhaal. Het was een lang verhaal, maar ergens klopte het wel. Ik was tevreden en mijn buurkinderen ook. We wisten genoeg. Nu kon ik mij richten op het volgende.....de Elf moest naar huis. Ik had een idee, maar.....nou, dat vertel ik de volgende keer.

 

Vroeg in de morgen kwam ik aan bij de holle boom. En het was leeg....Nergens nog een Elf te zien en ik dacht dat het nu voorbij was. Na een tijdje treuzelen liep ik sip weer terug naar huis. Totdat Lotje blafte. Eigenlijk wist ik meteen dat dat goed nieuws was, want Lotje blafte maar één keer. (drie x of meer betekende onrust of gevaar) Boven Lotje op een flinke tak zat de Elf en hij lachte vrolijk naar mij. "Goedmoment en verder", wenste hij me toe en stak een enorm dunne maar lange pijp aan. Het ging hem gelukkig goed en ik vroeg voorzichtig of hij ons ging verlaten. Het antwoord verontruste mij, want dat was niet het geval. Sterker nog, hij had mijn hulp nog steeds nodig, omdat het been niet meer krom kon worden gebogen. Op deze manier zou hij nooit op tijd terug kunnen gaan. Nochtans was hij blij van aard, want erop staan en een beetje klimmen kon hij wel. Aan 3.12. vertelde ik het plan om hem via de ganzen terug te vliegen naar het Noorden. (net zoals bij Niels Holgerson)

 

3.12 moest lachen. "Nee, jo, dat is een sprookje!". "Daarvoor ben ik veel te groot en de ganzen zijn oliedom", schaterde hij erachteraan.

Wat nu!

Ik dacht even na en kreeg toen een geniale gedachte die wel de oplossing moest zijn. Wie zou anders dan hun vóór Kerstmis naar het Noorden reizen. All You Need Is Love, natuurlijk. Elk jaar ging Robert ten Brink met zijn team en een paar geluksvogels naar het Noorden van Zweden of Noorwegen om daar hun kerstspecial op te nemen. Wat zou het mooi zijn als Robert (die wel te vertrouwen is) de Elf mee zou nemen. Ik overwoog om mijn echtgenote mee te laten gaan, omdat ze dat verdient (we hebben de afgelopen jaren het ongelofelijk moeilijk gehad gehad) en het haar droom is....een nacht doorbrengen boven in Europa met veel sneeuw en IJs, open haard enz. enz., maar dat zou misschien niet lukken omdat zij niet geloofd in Elven en Kabouters....erg jammer. Ik schatte in dat Robert wel in Elven en Kabouters geloofde en trok dus de stoute schoenen aan. En stuurde een mail. Wie niet waagt, die niet wint. 3.12 vond het goed, want er moest iets gebeuren, anders zou alle verkenning voor niets zijn geweest. En zou Kerstmis dus een drama worden in Nederland!!!!

De mail

Allyouneedislove@endemol.nl

 

Beste Robert van All You Need Is Love.

Als je dit leest zal je mogelijk het vreemdste verzoek aller tijden in de historie van All You Need Is Love onder ogen krijgen. Je kunt hem direct weggooien, maar dan wordt Kerstmis in Nederland niet zoals het moet zijn. Ja, een grote verantwoordelijkheid voor jou, maar ik zie geen andere uitweg.

Ik heb een ontmoeting gehad met een Elf, die een verkenner is voor de Kerstman. Zijn taak is om de Kerstman aan te geven welk kind er in Nederland een cadeautje verdient. Meestal zijn dat alle kinderen. Daarnaast zoekt hij naar problemen zodat de Kerstman niet tegen onverwachte zaken aanloopt op die belangrijke avond. Dat zou je zelf ook niet willen op de 24 december met je eigen uitzending. Nee, ik ben niet gek of zo. Het is echt waar. De Elf is helaas gewond en moet zo snel mogelijk terug naar het Noorden, omdat hij anders vervaagd. Ik zie geen andere uitweg - om ongezien deze Elf (hij heet 3.12) - mee te laten nemen door jou, omdat jij de enige bent die zonder een serieuze controle op Schiphol in het vliegtuig kan stappen.

Ik hoop dat je deze noodkreet serieus wil oppakken....en wacht met spanning op je antwoord.

Met alvast een prettige Kerstgroet,

R pas

 

Pascodagama@ziggo.nl .

 

Inmiddels zijn we twee weken  verder. Geen reactie....  Jammer....Met dit gegeven ging ik terug naar de Elf. Het maakte hem verdrietig en - toen ik wat beter naar hem keek - zag ik dat hij lichter van kleur was geworden. Het vervagen was kennelijk al begonnen. Hoe zou ik hem kunnen redden?

Als er ideeën zijn, hoor ik dat graag!!! Zet het maar in het gastenboek en red de Kerst!!!

 

(wordt niet meer vervolgd. Geen reactie gehad en de Elf is inmiddels verdwenen)

E-mailen
Map
Info