Ideemachine.nl
                                                                                                 

Tim en Tara H.

UTOPIA

De gangen van het complex waar Tara zich in bevond waren allemaal hetzelfde. Ze had weinig moeite om haar eigen cel terug te vinden, omdat de wirwar aan gangen, verdiepingen, trappen en liften allemaal rechte lijnen volgden. Maar zover was ze nog niet. Ze wilde eerst een verkenning uitvoeren, nu het nog kon. Ze had achtenveertig uur bedenktijd gevraagd en Py was daarmee akkoord gegaan. Dit gaf Tara voldoende tijd om de verkregen informatie te verwerken en nieuwe inzichten op te doen. Haar ontsnapping uit de cel was eenvoudig. Ze gaf Xi-Li elke keer een hand als deze haar bezocht en dankte haar voor de gevraagde smeer, thee-olie en olienade. Ze had ook een plastic zakje gevraagd. Xi-Li had niet naar de reden gevraagd en dat was precies voldoende om uit de cel te kunnen geraken. Hand-bacterien groeien sneller in een afgesloten plastic zak. Na enkele bezoeken van Xi-Li en één daro-uur had Tara voldoende bacteriën in het zakje verzameld om de "deur" met haar grijp-tentakel te kunnen openen. Ze glimlachte om haar slimheid toen ze merkte dat elke deur inmiddels op "haar" hand-bacterien reageerde. "Geen water gebruiken...denk eraan, Tara", gaf ze zichzelf als extra opdrachtje mee.

En zo liep Tara ongestoord door de gangen. Ze waren allemaal wit van kleur en meestal gevormd met de bubbels op de muren. Ze overwoog even om een bubbel te openen en te zien wat daar was, maar daar wachtte ze mee. "Eerst eens zien waar ik mij precies bevind", vond ze. Die opdracht was niet eenvoudig. Het complex was enorm groot en Tara moest elke twee dara-uren terug zijn om Xi-Li te ontvangen zodat ze niets merkte van haar onderzoek. Ze had voor de zekerheid wel een holo-3D-afbeelding van haarzelf in slaaphouding achtergelaten, maar dat was voor nood. Meestal werd Xi-Li door haar aangesproken en dus zou de holo waarschijnlijk snel worden ontdekt.

De verlichting was goed in de gangen al was er geen echte lamp te zien. Overal waren flarden of groepen van menselijke poep-bacterien aanwezig op de muren, die zorg droegen voor energie. Het smeersel op de wanden zorgden voor een vriendelijk schijnend blauw licht. "Er werd hier slim omgegaan met afval", vond ze. "Beter dan in de Metropool". Ze rook niets, wat haar wel verbaasde. Ze had al kennis gemaakt met een slimmere verwerking van afval, maar dat was in Vrij-land waar gemuteerde gewassen op een ondergrond van afval samen met Kobalt60 werden geplaatst. Ze zorgen niet alleen voor afvalverwerking, maar ook voor meer energie in de menselijke voeding. Maar dit was nog niets vergeleken met haar laatste ontdekking. Ze vond gang waar een kleine reparatie gaande was. Er was niemand te zien - ze kwam overigens helemaal niemand tegen - en stuitte op een brokje van de wand. Haar systeem scande de samenstelling en kwam uit bij een mengel van grafeen en kristallen van aluminium, samengedrukt op een nano-ondergrond met de dikte van één atoom van een haar onbekende materie. Grafeen zelf was al tweehonderd keer sterker dan staal, maar met viervlakkige kristallen en een nano-verbinding was het feitelijk onverwoestbaar, waterdicht en toch luchtdoorlatend tegelijkertijd. "Een wonder-mengsel", concludeerde haar brein. Ze besloot om terug te keren om Xi-Li eens te bevragen. Het meisje had nog niet veel gezegd, maar Tara kon aan haar zweet-samenstelling meten dat ze haar "aardig" vond. "Tijd om daar gebruik van te maken". 

Xi-Li kwam binnen op de afgesproken tijd. Ze bracht niets mee, maar vroeg Tara beleefd of ze nog iets nodig had. Tara had niets nodig, bedankte haar en zei niets. Haar afwachtende houding leverde een twijfel op bij het meisje. Bij het weggaan draaide ze zich om en vroeg of Tara wellicht al had besloten dat het tijd was om haar meester wederom te ontmoeten. Tara schudde haar hoofd en knipperde tweemaal met haar licht-sensoren. Het meisje boog een beetje voorover en wilde zich weer omdraaien.

"Wacht....Xi-Li...mag ik je wat vragen?"

"Natuurlijk, Tara, vraag maar. Ik heb geen opdrachten gekregen om jou niets te zeggen".

"Oke, heel fijn. Xi-Li....een vreemde naam voor een eh.....ware mens. Je bent niet van Aziatische afkomst, toch? "

Het meisje glimlachte. "Dat klopt Tara. Ik zal het je uitleggen en misschien levert dat nog antwoorden op voor je openstaande vragen. Xi-Li ging op de grond zitten en kruiste haar benen.

"Mijn echte naam is Lida. Ik ben geboren in een klein gehucht ver in het ijskoude hoge Siberië. Al vroeg in mijn jeugd stond ik op de sneeuw-boarden en skiede ik dwars door het gehucht om voedsel en andere boodschappen bij de oudere mensen te brengen. In mijn tienertijd deed ik dit ook voor de andere gehuchten en zo werd mijn naam veranderd in "skiënde Lida" of wel Skielie. Nog later, toen ik in de Metropool aankwam, bleef het zo en meestal werd mijn naam verbonden met de Chinese versie; Xi-Li. Ik vind het prima al houden we hier wel Skielie aan. We zijn nu eenmaal Russen." Ze wachtte op Tara of zij nu al vragen had.

"Ga door Skielie, ik begrijp dit. Waarom heb je Siberië verlaten?"

Het meisje veranderde meteen van stemming. Ze keek droevig naar Tara en boog haar hoofd voorover. Tara bespeurde vocht bij haar ogen. "O, sorry...ik wilde je niet kwetsen. Laat maar..."

"Nee, het is goed. Ik vind het eigenlijk wel fijn dat je mij dit vraagt. Ik heb het nog niet aan veel mensen verteld. Ze moest een beetje lachen....en jij wordt de eerste robot. Maar ik waarschuw je. Het is geen vrolijk verhaal, hoor".

"Dat is goed Skielie....vertel maar...."

"Het leven in het hoge noorden van Siberië was fijn, Tara. Ik kan nog steeds  - al klinkt dat vreemd - de geur van sneeuw zien en horen. Het omvat alles daar. Siberië, de mensen, de vogels en de beren leven hun leven vanwege de engel-witte sneeuw. Ze kunnen niet zonder. De dagen dat de eerste sneeuw valt op de prachtig groene taiga is een waar schouwspel wat je niet makkelijk vergeet, Tara. De sneeuw is geen deken dat over de taiga valt, nee, het groeit, omdat het daar hoort. Er kan geen andere bestemming zijn, dan het mooie Rusland. De mooiste plaats op Aarde. Toen in ieder geval....." (haar stem verboog van trots naar treurigheid)

"Siberië en vooral Rusland is veranderd, maar daar over later meer. In ieder geval....ik had de mooiste jeugd die ik maar kon wensen, totdat mijn ouders overleden. Het was plotseling. Het ijs was toen al niet meer dat wat het was geweest en ze verdronken op weg naar de jaarmarkt van Jakoetsk in het ijskoude water van de rivier Lena. Ik bleef alleen achter in mijn dorpje en al snel werd mijn eh....voorkomen, een onderwerp van gesprek vooral bij de eenzame oudere mannen".

Tara bekeek haar met een ander ingestelde licht-versie en concludeerde dat mensen haar inderdaad een schoonheid zouden noemen. Ze besloot het niet te delen.

"Langzaam kwam ik in de macht van het dorpshoofd. Het was voor mij niet mogelijk om mijn werk te doen en ook de kachel brandende te houden. De man, Frodrojanski, haalde mij in zijn huis totdat mij duidelijk werd wat hij werkelijk wenste. Ik wil daar niets over zeggen, want ik schaam mij nog steeds. Nou ja, .....Op een ijskoude dag in maart vluchtte ik dwars door de dikke sneeuwlagen in de dalen naar Jakoetsk. Het twee-paardenspant van de man luisterde goed naar me en bracht me in de slede naar een plaats waar het veilig was om de rivier over te steken. Je zult begrijpen Tara dat ik doodsangsten heb uitgestaan tijdens die oversteek. Op een gegeven moment kraakte het ijs zoals ijs kraakt als het bijna zich overgeeft. Toch gebeurde het niet. Misschien hebben de rivier-geesten er mee te maken, want later hoorde ik dat ik op dezelfde plaats als mijn ouders de rivier was overgestoken. Maar....maar misschien was het toch beter geweest als het ijs was gebroken". (ze huilde even en richtte zich op , samen met een diepe ademhaling)

"Ga maar verder meisje...Je doet het goed".

Jakoetsk was inmiddels een stad in verval. Ik had nooit geweten dat plaatsen zoals die konden bestaan. Overal was het smerig en iedereen was dronken. In ieder geval, zo leek het. Helaas wist ik niets van de bijzondere markten die daar waren en al snel belandde ik in de handen van wrede handelaren. Omdat ik geen paspoort had of een geboortebewijs, werd ik eerst vastgenomen door de stadsbewaking en later voor één paar dikke handschoenen aan een handelaar overgedragen. "Bjorik"......Ze zuchtte. "Bjorik, was een vreselijke man, stonk naar vis en kolen en naar andere dingen die ik maar beter niet kan benoemen. Hij nam mij mee naar zijn vieze stal, want meer kon ik het niet noemen. Om een lang verhaal kort te houden Tara. Ik werd na enkele weken verkocht op de grootste markt in de stad. Drie mannen boden als gekken op mij en het werd een echt gevecht. Ik denk dat ze het nu nog steeds weten te herinneren daar in die verachtelijke plaats." Skielie zuchtte diep en Tara zag dat haar schouders langzaam naar beneden gingen.  Tara vroeg niet naar de lange versie van haar verhaal, want dat was haar wel duidelijk. "Arm meisje", vond ze.

Mijn "meester", was echter niet wat ik had verwacht. Nee...gelukkig niet. Hij was mijn redder, Tara en nam mij mee naar Moskou, de grootste stad op Noord".

"Het was Py?", vroeg Tara.

"Nee...nee, nog niet. Het was Vladimir, een ware Rus en een vriendelijke man. Ik ben hem veel dankbaar. In Moskou, toen de mooiste stad aller steden, werd ik binnen één jaar opgevoed tot een ware Russin.  Al snel leerde ik Frans, piano spelen en las alle boeken van de grootste Russische schrijvers".

"Ik ben gek op Tsjechov, Tara". (haar ogen schitterden nu)

Tara glimlachte naar haar. Ze kende al de Russische klassieken uit haar hoofd. Om een sterke binding met haar te houden, vertelde ze dat Vladimir Nabokov haar favoriet was. Skielie waardeerde het en stak haar duim op. Tara stelde voor om in de Russische taal verder te gaan, maar Skielie weigerde dat.

"Ik ben inmiddels net zo goed in de Engelse taal, dank je, Tara".

"Rusland, Tara.....moedertje Rusland....Ik zou er nog over vertellen". Haar galante armgebaren tijdens het uitspreken van deze woorden waren een voorspel voor het komende drama. Tara wist veel van de Russische cultuur uit vroegere tijden en het meisje paste precies in hetgeen wat ze daar bij had verwacht. Inwendig voelde ze zich kriebelig. Ze begon het meisje zelf ook aardig te vinden. Het meisje sprak verder.

"Alles was in Moskou veranderd. Zo werd mij verteld. De sneeuw kwam zelden meer en de vroegere aansluiting van West-Rusland bij Oost-Europa was een drama geworden. O, wat miste ik Siberië, toen mij duidelijk werd welke richting Rusland op was gegaan. Wij ware Russen waren toen al een minderheid geworden. De gemixten, de Zuiderlingen, de Aziaten en zelfs mensen uit het verre Afrika kwamen nog steeds in grote aantallen naar de moeder aller steden en verpestten de Russische sfeer. De sneeuw die af en toe viel, was onvoldoende om de vuiligheid weg te spoelen. De vuiligheid van het vreemde gedrag, het smerige taalgebruik en een totaal verlies aan een gevoel van samen zijn".

"Het ergste moest natuurlijk nog komen. Zoals dat altijd gaat met een minderheid, werden in korte tijd de mooiste en meest oud-Russische banen voor ons weggekaapt. Wij Russen hadden het geluk om ons te kunnen specialiseren op data-zaken, vanwege de aanwezigheid van de R-data, onze eigen virtuele wissel, die als betaalmiddel nog gangbaar was. Maar.....toen het snel slechter ging met de data-wissel-economie en een vreemdeling aan de macht kwam, werden we op zijn aangeven steeds vuiler aangekeken. Dat allemaal vanwege onze huidskleur en de invloed die we hadden op alle data-zaken. De nieuwe bewoners van Moskou vonden ons oneerlijk, inhalig en niet te vertrouwen. Het gevolg was dat na een tijdje iedereen ons niet meer mocht en zo werden we langzaam maar zeker het bleke uitschot van de stad genoemd. Het duurde niet eens zo lang tot we allemaal werden verplaatst naar een getto ergens in een vervallen uithoek van Moskou waar geen toegang tot de data-sferen was aangelegd. We besloten daar om onze trots te behouden. Zo werd de Rode draak op onze kleding geboren. Het symbool van Iwan de derde. Alles wat Rusland zo mooi maakte, was weg en het was ieder voor zich geworden. Het leven in het getto was zwaar. Ongeveer net zo als nu in de laagste verdiepingen van de Metropool, maar dan erger, omdat onze prachtige oud-Russische gebouwen werden verwaarloosd of werden vervangen in een andere niet-Russische stijl. Toen de Sint Basilius-kathedraal, het pronkstuk van Ivan de vierde, vanwege een "mini-aardbeving" instortte, zo verklaarde het brutale stadsbestuur, was voor ons ware mensen de maat vol. We besloten om Moskou te verlaten en de enkelen die dat konden opbrengen, vestigden zich hier in de Metropool.


Het meisje stond op. Ze was kennelijk klaar met haar verhaal. Tara dacht er anders over. Er was in de Metropool vast en zeker ook veel met haar gebeurd, was haar conclusie. Ze twijfelde of ze Skielie daarover zou bevragen, maar hield het voor een volgende keer, omdat het verhaal al veel emoties had losgemaakt. Skielie gleed met haar handen over haar gekreukelde kleding en strekte zich uit. Ze glimlachte vriendelijk naar Tara en nam met een kleine buiging afscheid.

"Wacht....ik wil je nog bedanken voor je openheid". Tara boog haar skelet een beetje naar voren en weer terug. Daarna wreef ze met haar grijp-tentakel heel even over de schouder van Skielie. Ze keken elkaar aan zonder iets te zeggen. Tara zag vocht op de oogbollen van Skielie. Onmiddellijk voelde Tara iets vreemds. Een kleine siddering trok door haar skelet. Een directe interne scan leverde niets op. "Geen oorzaak", meldde het systeem. Toch wilde Tara dieper scannen en gaf daar opdracht toe, omdat ze niets wilde uitsluiten. Het zou niet de eerste keer zijn dat menselijk bacteriën schade veroorzaakten aan het gevoelige multi-geavanceerd robot-brein. Niets van dat....maar wel een melding. "Soortgelijke menselijke reactie; Kippenvel; Een effect wat optreedt bij het voelen van kou of bij bepaalde emoties, zoals angst of diep ontzag. Het wordt veroorzaakt door kleine spiertjes die samentrekken, waardoor de haren rechtop gaan staan".  Tara raakte een beetje in verwarring, want dit sloeg nergens op. Ze had niet eens spieren en ook geen haren. Bovendien was ze helemaal niet bang of koud. Inmiddels was Skielie omgedraaid en opende de verborgen opening. Tara liep haar achterna. Skielie stopte meteen.

"Je wilt nu naar onze meester, klopt dat?"

"Ja, ik heb genoeg nagedacht en weet wat ik moet doen. Jouw verhaal heeft daarbij geholpen, Skielie. Het komt goed".

Tara zag dat het meisje blij was met haar opmerking. Ze gebood Tara even te wachten en verzond een bericht via haar pols-indicator. Het duurde enkele suvi-minuten en toen richtte Skielie zich met een blij gezicht op Tara.

"Het is goed. Hij is beschikbaar".

Tara knipperde met haar licht-sensoren en schudde een beetje met haar skelet. Het meisje moest erom lachen. Ze wist niet dat dit gespeelde verrassing betrof, want Tara had de berichten al lang onderschept en daarbij was haar de scherpe antwoorden van Py aan Skielie niet ontgaan. Ze hield alvast rekening met een moeilijk gesprek. Py was boos. Dat was wel zeker. Ze besloot om juist daarvan gebruik te maken. 

Dit keer was er geen ontvangst in de bekende lunch-ruimte. Skielie liep een geheel andere kant op en ook verder naar boven. Tara's systeem berekende drieëntwintig verdiepingen omhoog, richting Noordoost 32. Ook deze route gaf niet veel prijs. De gangen waren nog steeds wit van kleur, maar de bobbels verdwenen vanaf verdieping nummer dertien.  Toch was er - hoe verder ze naar boven gingen - meer variatie te bespeuren. De gangen kronkelden meer en ook de trappen werden spiraal-vorming in plaats van kaarsrecht. Bovendien werden de tussengelegen ruimtes groter en luchtiger, omdat er op een bepaalde manier licht binnenkwam, die niet kunstmatig werd opgewekt. Tara keek naar boven en zag een stukje open lucht. Het was daar waar de lichtstralen van de zon binnenvielen en verder door vele slim opgestelde spiegels naar beneden werd verspreid .

Uiteindelijk werd de bestemming bereikt. Het was duidelijk genoeg. Een grote rode draak was kunstig op een massieve deur aangebracht. Tara kon het symbool nu ook wat beter bekijken en scande in haar historie-brein-gedeelte. Binnen enkele nano-seconden kwam er een bericht op haar licht-sensor.

"Symbool van de Orde van de Draak, van Koning Vlad II en III, (Hongarije-Rusland-Walachije-Transyslvania). Ook wel genoemd; het symbool van de duivel genoemd, vanwege de wreedheid van Vlad III."

De ijzeren klopper dreunde hard op de zware balken van de deur. De deur ging trillend open. Hoewel ze het al wist, verbaasde ze zich toch over wat ze achter de deur waarnam. Het was een robot die de deur opende. Maar wat voor één!

Het gedrocht had twee zware loop-tentakels met aan de tenen enkele kleine grijpertjes. Daarboven kwam een lomp skelet, geheel in het zwart. De robot was duidelijk gebouwd om schade aan te richten en zoveel mogelijk schade zelf te ontlopen. Alles was aan deze robot glad afgewerkt en voorzien van zo weinig mogelijk buiten-sensoren. Wat direct opviel waren de twee grijp-tentakels. Deze leken op botte scharen van een rivierkreeft. Ook deze scharen hadden extra kleine grijp-tentakeltjes aan het uiteinde. Tara had deze versie nog nooit gezien, maar maakte zich geen zorgen, omdat dergelijke lompe robots eenvoudig te hacken waren. Inwendig gaf ze de robot het cijfer zes. Maar daarmee was ze te vroeg. Tara schrok toen ze zag wat ze over het hoofd had gezien. Bovenop het skelet bevond zich een kleine bol. En die versie kende Tara wel. Het was een koppel-brein. Dergelijke robots - ze waren voorzien van verschillende pluggen en konden zich afzonderlijk verplaatsen - waren ooit gemaakt om via nauwe schachten naar andere delen van mijnen te kunnen begeven zonder dat ze een lange omweg hoefden te maken. Het waren slimme breinen, want ze konden problemen helemaal zelf oplossen. En nu....nu zat daar zo een brein. Boven op een mega-sterke robot. Tara scande direct op de aanwezigheid van wapens en kreeg de hoofdprijs.

De robot betrof een AK-341, type C. De eigenschappen daarvan waren, hoewel ze niet meer mochten worden gebouwd, wel bekend. Emotie nul, hardheid extreem hoog, snelheid extreem hoog. Meer hoefde Tara ook niet te weten. Het was oorlogstuig en - dit was wel een verrassing voor Tara - voorzien van een inwikkel-kanon, een zestal elektrische spring-knijpers, een brandstraal factor 1201 graden Celsius en tot slot een batterij aan mini-granaat-werpers van het type 23. Dit laatste stond weer voor granaten die ofwel het gehoor konden uitschakelen, dan wel het zicht en sommige hadden dynamiet-staafjes voor een dodelijk gevolg mocht dat gewenst zijn. Een robot als dit zonder een koppel-brein was nog wel te doen voor haar, maar met het slimme koppel-brein, werd dat toch een ander verhaal.

Ze keek de zwarte robot verder meer niet aan en bedankte Skielie met een licht-sensor-knippering. Ze richtte zich op de man die iets verderop stond. Deze keek uit het raam en lette totaal niet op Tara. Tara wandelde daarom een stukje naar binnen en stopte toen. Ze was niet vergeten dat Py boos was of op zijn minst geïrriteerd.

Zonder omkijken vroeg hij aan Tara om naderbij te komen. "Kom hier", was het enige wat hij zei. Zijn stem klonk vals. Ze deed het en keek evenzo naar buiten. Ze bevonden zich zeer hoog in het complex, was haar directe conclusie, omdat ze uitkeken op de bouwplaats. De afstand tot de bouwplaats was 104 jevi-meters. De 3D-printers werken nog steeds op volle toeren, kon ze zien. "Dit proces ging dag en nacht door", dacht ze. En meteen daarachter..."Misschien is er haast bij".

"Dag Tara. Ik hoorde dat je een keuze hebt gemaakt". Zijn stem klonk iets vriendelijker.

"Dat klopt. Ik...."

"Nee, stop. Dat komt dadelijk wel. Ik wil je ergens op wijzen. Wat zie je, Tara?"

"Ik zie een bouwplaats, meneer".

Py moest erom lachen. "Dat klopt Tara, maar het gaat mij erom wat je verderop waarneemt".

Tara keek over de bouwplaats heen en zag dat Py kennelijk de andere bouwplaats bedoelde.

Tara hield zich een beetje dom. "Een tweede bouwplaats, meneer".

"Grappenmaker.....hm....Tara. Ik zal je vertellen wat ik zie".

"Er is inderdaad een tweede bouwplaats, maar dat wist je al en die is niet van ons, de ware mensen. Het zijn robots die daar bouwen. Dat kan je goed zien aan de vorm van de gebouwen en de materialen die ze gebruiken. Tot zover geen probleem, maar...tussen ons in ligt de dam en het lijkt erop dat beide bouwputten gebruik maken van de energie die deze dam levert. Dat.....dat Tara, is waar ik je op wil wijzen en dat is een probleem. Een groot probleem zelfs. Ik heb alle energie nodig en dus....eh.....moet er wat veranderen".

"Waarom heeft u alle energie nodig dan?", vroeg Tara zo onschuldig mogelijk.

"Goede vraag Tara. Laat ik het zo zeggen. Wij ware mensen bouwen hier ons Utopia. Een geweldige stad voor de ware mens. Je weet vast al dat wij zijn verdreven uit ons mooie Rusland en ooit zullen wij daar terugkeren. Daarvoor is kracht en tijd nodig en die twee belangrijke zaken verzamelen wij hier. Uiteraard kost dat energie. Veel energie. Hoe dan ook...het is op te lossen. Als ik de hele dam in handen heb, zal de robot-stad als vanzelf afsterven. En als dat niet snel lukt....nou ja...dan eh". Py stopte midden in de zin. Kort daarna ging hij verder. "Maar dat is niet erg, Tara. Robots hebben geen leven. Zij zijn niets....vergeleken bij ons ware mensen. Dat ben je toch met me eens Tara?"

Tara's systeem ging met deze vraag aan het werk en binnen drie nano-seconden kwam de beste suggestie.

"Eh...uiteraard staat de Robot onder de mens, laat staan de ware mens. Daar is geen discussie over mogelijk".

Het antwoord beviel Py en hij draaide zich zelfs een beetje naar Tara toe. "Je bent beter dan ik had verwacht, Tara....Mooi".

"Kijk Tara. Toen wij - de verschoppelingen uit Moskou - ons hier vestigden, hadden we helemaal niets meer. Onze cultuur was verwoest, onze herinneringen waren meer lelijk dan mooi te noemen en de meeste mensen hadden tijdens de reis zwaar te lijden gehad. Je weet Tara, het merendeel van het platteland tussen de steden is dood en voedsel is dus schaars. We konden ons alleen redden door te bedelen en sommigen betaalden daar een hoge prijs voor. Onze vrouwen en meisjes werden besmet. Zij zijn onze helden".

Tara liet ook deze informatie verwerken en de uitkomsten waren niet vreemd. De reis vanuit Moskou werd bevestigd door haar historie-systeem, maar dat er zoveel onrecht hen tijdens deze reis was aangedaan, kon niet worden achterhaald.

"Ik begrijp het, meneer. Ik heb al iets van Skielie vernomen en respecteer haar enorm". Dat laatste was geen leugen. Ze had geen echte reden om te twijfelen aan deze versie en het maakte dat zij nog meer respect kreeg voor de arme Skielie. Ze keek even om, maar daar was geen Skielie meer. Toch waren er nog steeds openstaande vragen, die Tara niet direct kon verwerken tot een redelijke suggestie. Ze besloot om aanvallende vragen te gaan stellen.

"U bent opgeklommen tot burgemeester van Metropolis. Dan kan ik toch aannemen dat het leven uiteindelijk toch voor de ware mensen behoorlijk was. Is het niet verstandiger om allemaal met elkaar te gaan overleggen? Ik bedoel, een eigen stad is eh.....kostbaar, egoïstisch en leidt tot een geïsoleerd bestaan, toch?"

Py veerde op en zijn houding was strak. Hij keek met zijn zwarte ogen naar Tara en deze nam waar dat zijn wenkbrauwen bijna over zijn oogleden waren gebogen. "Boos", constateerde Tara. "Prima".

"Tara.....je doet mij weer twijfelen. Maar ik vergeef het je. Je bent maar een robot en dit is misschien erg complex voor je. Laat ik kort zijn, want ik verwacht zo meteen wel een antwoord op mijn eerder gestelde vraag. Zijn stem daalde weer  en klonk ook scherp. "Alle andere mensen zijn ons niet waard. Zij hebben door hun beschamend gedrag zich zelf van ons verwijderd. Een tweede vernedering laten wij niet meer gebeuren. Deze nieuwe stad is onze kans. Een kans die je ons moet gunnen. Jij kunt ons daarbij helpen. Ik vraag je nogmaals......wil je ons helpen?" Zijn vinger priemde in de lucht.

Tara voelde aan dat ze nu geen verdere antwoorden meer zou krijgen. Zijn wilde armgebaren waren weer terug en ook het spugen nam weer toe. Ze besloot om haar spel te blijven spelen, omdat andere mogelijkheden op dit moment niet aanwezig waren. "Vluchten? Nee, dat zou misschien de dood voor Ahmed betekenen. En dan nog.....wat zou Py gaan doen met de Robot-stad? De stad waar Tim misschien was..." Haar antwoord was dus snel gegeven.

"Maar natuurlijk, meneer. Ik begrijp het en ga u helpen. Hoe moet ik u noemen?"

Het gezicht van Py veranderde van grimmig naar vrolijk. Het was even stil. Zijn vinger daalde en gaf toen antwoord.

"Meester.....je mag me meester noemen."





wordt vervolgd.


E-mailen
Map
Info