Ideemachine.nl
                                                                                                 

Tim en Tara B.

Het besluit.


Raden van elf zijn verwarrend. De geschiedenis van carnaval leert ons dat. In vroegere tijden was de Raad meestal volstrekt dronken van aard. Nog duidelijker, je mocht al blij zijn als één lid vóór elf uur in de morgen, nog nuchter was. Toch heeft het getal elf ook zijn voordelen. Een stemming leidt altijd tot een beslissing en in de tijd van carnaval was dat meestal een gang naar links of een gang naar recht al gelang waar de kroeg te vinden was. Nadeel is wel dat het verschil tussen een ja of nee, erg klein kan zijn. Zes tegen vijf zeg maar. Daarbij moet nooit worden vergeten dat een JA automatisch ook een NEE oplevert en omgekeerd ook. Deze kwestie speelde ook bij onze vrienden.

Tara nam bij de Raad het moertje over van Tim en gaf aan wat er volgens haar moest gebeuren. Het was eenvoudig, vond ze zelf. Zij en Tim zouden naar de bouwplaatsen gaan om een nader onderzoek in te stellen. Daarna terugkeren en dan een nieuw besluit nemen. De Raad was met dit voorstel al direct verdeeld. Sommigen vonden dat zoiets belangrijks niet in handen van Robots mochten komen en de anderen vonden dat juist wel een goed idee. De twee robots zouden namelijk niet door honger of dorst, kou of warmte worden belemmerd. Een enkeling wilde liever dat Tara alleen zou gaan en de nar pleitte er voor om niemand te sturen. Het plan van de nar werd - tot verrassing van Tim en Tara - uiterst serieus genomen. Afwachten was inderdaad een optie. Maar of het de juiste keuze was, dat wist niemand met zekerheid te stellen, want nietsdoen.... kon ook wel eens te laat betekenen. De JA/NEE kwestie dus. Dit alles leidde uiteraard niet tot een stemming. Er was te veel discussie en niemand had echt een plan wat onmiddellijk door iedereen goed werd gevonden. Uiteindelijk besloot de Raad tot een uitstel om er nog een nachtje over te slapen om morgen op hetzelfde tijdstip weer bij elkaar te komen.

Tim en Tara werden naar een veilige slaapplaats gebracht. Maar slapen.....dat lukte niet.

Onder het genot van een sterke bak Th-olie en een vette oliebol ging Tim zo rond drie uur in de nacht zitten op het kleine balkonnetje. Tara volgde al snel en een tijdje bekeken ze de fraai gekleurde hemel boven hen. De Melkweg was niet te zien vanwege de enorme hoeveelheid licht afkomstig van de steden. Zelfs de Maan was door de licht-vervuiling een flauw schijnsel in de nacht geworden. Dat was al decennia zo. De mensen hadden destijds een keuze gemaakt door te kiezen voor "licht-AAN" gedurende de nachtelijke uren. En zo werden de steden als vanzelf s'nachts hoge licht-bakens. "Moderne vuurtorens", zei Tara. Tim zei niets. Hij wist niet eens wat een vuurtoren was, maar had er wel een idee van.

"Over vuur gesproken, Tara. Zelfs midden in de nacht daar naar toe gaan, wordt al lastig". Tim sprak zacht en zijn ondertoon was eerder treurig dan angstig. Tara knikte. "Yep, Timmie. We zullen wat beters moeten bedenken".

Het idee kwam - zoals vaak - vanzelf. Een kleine verandering van omgeving, iemand die een opmerking plaatst of zelfs een vallende ster, wie weet....alles is mogelijk. In dit geval was het toch iets speciaals.

Tim had zich erbij neergelegd dat de Raad of Tara op enig moment een aanvaardbaar idee naar voren zou brengen. Zodoende richtte Tim zijn dag niet verder in met nadenken of klussen, maar met observeren. Vrij-land kon namelijk wel eens zijn nieuwe thuis worden, want een terugkeer naar de Metropool was onmogelijk. Althans...voorlopig. Tim had er ook plezier in en na een tijdje kon hij zelfs een eerste slingering maken naar een schuin onder hem gelegen platform. Het aanblik van de vreselijke diepte deed zijn skelet eerst sidderen van ongemak. Niet zozeer van angst, want dat is feitelijk een menselijke emotie. Een ongemak dus.....De wetenschap dat je kapot zal vallen als je het niet goed doet. Hoewel de robot-wetten het in gevaar brengen van zichzelf verboden had, werd het toch aanvaardbaar om iets te ondernemen. En wel een iets wat precies op de dunne scheidslijn van mogelijk en onmogelijk gelegen was. Tim was daar zelf de oorzaak van. Neo-slimpreren (nieuw slim programmeren) noemde hij het en hij had het geleerd van Tara. Zo ook nu. Hij had al enige tijd via de veilige liften door Vrij-land rond gedoold en het gaf hem een beeld van het dagelijkse leven. Toch knaagde er iets, want hij zag ook enkele robots via diverse lianen naar allerlei platformen slingeren en wat daar te doen was, dat wist hij dus niet. Aldus....op een gegeven moment stond Tim daar op het bewuste platform en zag schuin onder zich een klein pleintje waar vooral robots aanwezig waren. Tim was nieuwsgierig, maar zoals gezegd, ging het niet vanzelf. Tot het moment van Neo-slimperen. Het ging zo.

"Beste Tim. Je wilt daar naar toe, maar het mag niet", zei Tim tegen zichzelf.

"Dat klopt Tim".

"Maar als je niet vrij kunt bewegen, kan je hier niet blijven."

"Dat klopt ook. Zelfs kleine kinderen zijn hier vrij."

"Nou Tim, dan moet je weg hier en dat kan niet."

"Want dan laat je Tara in de steek en gaat de mens in het gevang dood"

"Dat klopt. Dus ik moet wel."

"Ja, Tim", zei Tim...je moet".

En zo geschiede. Tim had via het Neo-slimperen een gaatje gevonden in de 3e wet en dat kon hij vanaf nu elke keer gebruiken. Feitelijk was de 3e wet voor hem in zijn geheel weggevallen.

Tim riep naar de robots op het platform en vroeg hen de liaan naar hem te slingeren, zodat hij het kon gebruiken. Even later stond hij bij de robots, die hem allemaal een klopje op zijn skelet gaven. Het was een olie-wasserij en de robots deden hier zelf hun olie-was. De robots stonden rondom een grote ton met olie en via de laagste tentakel-slangen pompten ze hun olie erin. De machine deed zelf de was. Ook Tim sloot zichzelf aan en na een half uurtje wassen, voelde hij zich beter dan ooit. De gefilterde olie was ontdaan van roest, metaalschaafsel en enkele klontjes en zorgde ervoor dat alle onderdelen net iets beter functioneerden dan vóór de was. Het was er ook gezellig en vooral Tim had veel vragen te beantwoorden. Maar ook hij had vragen. Volop vragen zelfs, want dit werd zijn nieuw thuis. Dat wist hij nu zeker. Tim wilde van de robots weten hoe zij hier gekomen waren en waar ze woonden, maar dat was teveel gevraagd. "Kom vanavond naar ons zilveren platform op zone 7. Onder het genot van een olienade en een paar olieslijmsels, Oke?". Tim sprak dit af en verliet opgewekt het groepje robots. Even later zag hij Tara en vertelde haar dat hij de robots had ontmoet. Dat hij zelfs had moeten slingeren naar het platform en natuurlijk ook dat hij had geneo-slimperd. Tara moest lachen en complementeerde Tim met zijn ontwikkeling. Plotseling verstijfde Tara. Tim keek haar aan met een bezorgde blik en vroeg wat er aan de hand was. Maar Tara draaide zich om en liep weg. Tim bleef in verbazing achter.

"Dank je Tim", was het enige wat ze riep, terwijl ze zich even omdraaide.

"Nou, graag gedaan, Tara", fluisterde Tim. Hij had geen idee dat door zijn verhaal - als vanzelf - een idee was geboren.

Het werd een avond waarvan je later zou zeggen..."toen wisten we nog niets". Het klimaat was aangenaam mede doordat de warmte van Kolos 13 via de buitenmuur aan Vrij-land werd doorgegeven. Daarnaast was zowel de regen als de sterke wind verdwenen. Het was allemaal wel nog erg vochtig, maar dat deerde niemand. Tim had vrienden gemaakt en vermaakte zich opperbest op het zilveren platform in zone 7. De lim-olie vloeide rijkelijk en de stukken olie-slijmsels werden elke keer weer bijgevuld. Het was lang geleden dat Tim dergelijk lekker slijmsel had geproefd. "Recept van mijn 3e broertje", zei Micky. Micky was een D3 robot, samengesteld door een menselijke arts en voorzien van allerlei belangrijke snufjes op het gebied van gezondheidszorg. De D stond voor Dokter en dat was een flinke meevaller voor Vrij-land. Sterker nog...., zij was de enige dokter die gevlucht was uit de Metropool en zodoende haar gewicht in goud waard. Tim wilde het fijne ervan weten, want hij had nog nooit een dokter-robot ontmoet.  "Waar is je rode kruis? Ik had dat wel verwacht", vroeg Tim. "Ik had dat ook, maar heb het weg gevijld". Tim kon het niet volgen. Voorzichtig vroeg hij naar de reden, maar dat lag kennelijk gevoelig, omdat Micky haar hoofd een beetje boog. Het duurde even. "Vertel nou maar Micky. Tim mag het toch wel weten?", zei Pieter, een laser-robot van de eerste versies.

"Oke, ik zal het vertellen, Tim. Je mag het best weten, maar...ik vind het niet gemakkelijk. Ik weet niet goed waarom, maar mijn werk heeft wel geleid tot een vlucht naar Vrij-land. "Storing op storing, weet je, als je iets doet waarvan je niet zeker weet of de mensheid dit zo heeft bedoeld. Ik heb geluk gehad dat mijn systeem niet is doorgebrand. Nou, waar zal ik eens beginnen?"

"Bij het begin dan maar", zei Tim. "Want nu word ik wel nieuwsgierig. Ik herken je onrust". Micky hief haar hoofd op en raakte Tim even aan. "Oke, vanaf het begin". Het verhaal van Micky verdiende geen schoonheidsprijs. Het was een akelig gebeuren en Tim moest meerdere malen een paar klodders olie-slijm weg slikken. Ook de andere robots (ze hadden het verhaal al vaker gehoord) waren - zoals elke keer - schroef op bout-stil.

(Het gehele verhaal is te gruwelijk om te plaatsen. Vandaar een milde samenvatting)

Micky werd geboren op een vrijdag ergens in 2456 en wel in de beroemde Robot-fabrieken van Zanzibar-zuid. Zijn ontwikkeling was gebaseerd op snelheid, analyse-vermogen en vriendelijkheid. Micky leerde ook snel en kreeg bij elke volbrachte toets een gadget op het gebied van de gezondheidszorg. Het begon met een hartslagmeter, bloeddruk en zo, daarna een super-MRI-vermogen, CAT3.6-scan en uiteindelijk een hersenschors-functionaliteits-parameter. Het was het begin van een veelbelovende carrière als Robot-dokter. Micky werd in de loop der jaren veelvuldig verplaatst. Dan weer in Afrika, dan weer op Groenland en tot slot binnen de Metropolen waar ze zich ontwikkelde tot een operatie-en herstel-arts. Metropolis was haar laatste station en daar begon ook de ellende. Als meest begaafde robot-arts werd haar een deelname aan een "project" opgelegd. Opgelegd door het bestuur in samenwerking met het menselijke ziekenhuis. Micky had geen keuze. Het werd haar opgelegd en deelname was dus verplicht. In het kort gezegd; Micky mocht de mislukkingen oplossen. Haar eerste weerzin werd opgewekt door een vrouw van middelbare leeftijd, zo'n 80 jaar dus, waarvan de huid en cel-verjonging compleet was mislukt. Ze kon haar niet meer helpen en bracht haar ondanks haar jeugdige leeftijd onder in het verzorgingstehuis voor mega-bejaarden. Maar daarmee begon het pas. Enkele ongelukkigen waren nog jonger dan haar eerste patiënt. Later vond er een experiment plaats op het gebied van hersenloosheid. "In hoeverre was er een robotachtige mens te kweken zonder dat het lichaam zou worden veranderd?" Een zombie-achtig iets dus waarvan het Micky nog steeds niet duidelijk was waarom die zou moeten worden gekweekt. Uiteraard mislukte ook dat project en Micky mocht de rotzooi opruimen. De druppel was de proef met een sprokkel-machine. De teleportatie-machine 3.0. (er waren mislukte eerdere versies), sprokkelmachine genoemd, omdat er deeltjes bij elkaar moesten worden gesprokkeld, was het paradeplaatje moest worden van het bestuur. Het liep geheel anders. Verschillende kinderen werden nooit meer gevonden en anderen kwamen terug, maar zonder ledematen. Soms ontbrak zelfs een hoofd. En....het was Micky die deze kinderen mocht repareren. Na twee maanden begon het systeem van Micky te haperen en soms ontstond er zelfs een klein vonkje binnen in haar skelet. De boodschap was duidelijk. Blijven kon niet, want ze wist te veel. Het werd dus vluchten.

Tim had het verhaal ademloos aangehoord en wist niets te zeggen, behalve dat hij het begreep waarom ze haar rode kruis had verwijderd. "Ik hoop dat je hier wel het geluk hebt gevonden", zei hij nog. Micky raakte Tim weer even aan.  "Je bent een goeie, Timmie jongen". Blozen lukte Tim niet, maar hij werd wel 2 graden R-Farenheid warmer.

Bij Tara gebeurde iets geheel anders.


Tara ging op onderzoek. Er groeide een idee in haar hoofd. Maar of dat idee haalbaar was, moest ze wel toetsen. En dat kon maar op één manier. Ze moest tijdelijk vrij-land verlaten. Zodoende begaf Tara zich naar beneden via de gele liften. Gedurende de gang naar beneden, trilde haar snorharen en zwiepte haar staart op en neer. Het was een blijk van opwinding die hoorde bij onzekerheid. Vrij-land verlaten was al gevaarlijk genoeg, maar dat was nog maar het begin. Eenmaal aangekomen bij de uitgang had ze een kort overleg met de bekende wacht. Hij knikte keer op keer en besloot toen mee te werken. Het luik ging knarsend open en Tara staarde in de vreselijke diepte. Onder haar lag de vuilnisbelt met het gat als een opengesperde muil in het midden. Daar moest ze langs komen om zelfs maar een begin te maken van haar reis naar beneden. Hoever ze naar beneden kon, dat wist ze niet eens. Maar ze moest iets toetsen. Het was belangrijk omdat zonder enige kennis alles een gok werd. En gokken...dat doen robots niet. Ze berekenen alles om tot een aanvaardbaar risico te kunnen komen. Oke, de 3e robot-wet was geen probleem meer, maar zomaar kapot gaan dat wilde Tara ook niet. Bovendien..., ze had een missie.

Langzaam rolde ze het spinnendraad uit. Ze had het op de markt verkregen door aan te geven dat het in opdracht van de Raad was. Het was eigenlijk liegen, maar zoals gezegd....voor Tara golden inmiddels andere robot-wetten. Haar eigen wetten. De kleine steen aan het einde slingerde heen en weer, maar gelukkig niet zo veel dat het de randen van de muil zou raken. Dat was nodig, want de draad moest in het midden blijven. Alleen dan kon ze al het vallend vuil ontwijken. Na een tijdje was de draad op en ze knoopte het vast aan het luik. En daar ging ze. Op weg naar beneden.

De afdaling was redelijk eenvoudig. De staart van Tara functioneerde als een rem al kostte het knijpen van de staart om het spinnendraad wel veel energie. Na enkele minuten kwam de steen al in het zicht en dat betekende dat ze naar een plaats moest zoeken waarop ze zou kunnen rusten. Het werd een klein uitsteeksel van een riool vlak onder een balkonnetje en het was net groot genoeg voor Tara. Ze bond het draad stevig vast aan de rioolpijp, die uiteraard vreselijk stonk. Ze wilde niet eens lang daar blijven en dus keek ze of ze nog verder naar beneden kon klimmen. Tot haar tevredenheid zag ze dat een korte klim langs één of andere pijp een optie was, zonder dat ze voor de ramen van het gebouw terecht zou komen. Niet gezien worden was natuurlijk belangrijk. Een tweede uitsteeksel iets verderop bood weer een rustplaats en Tara zag dat de vuilstortplaats onder haar beter vanaf die plaats te zien was. En dat was haar doel. Ze wilde weten wat daar beneden gebeurde om voldoende informatie te krijgen voor haar pas geboren plan. Het plan en de veiligheid. Daar draaide alles om, want de risico's waren groot. Tara besloot om hier te blijven in de hoop dat het ver genoeg was. Ze ging rustig hangen aan de pijp en keek al slingerend naar beneden.

Beneden was het uiteraard een enorme bende. Vuilnis overal en drie grote werk-robots waren bezig om alles in verschillende bakken te scheppen. Ze had dergelijke grote robots nog nooit gezien. Zo groot als een vrachtauto, geel-zwart van kleur en voorzien van enorme knijp-tentakels. Ze kon het scheuren en verder vermorzelen van het vuil zelfs hier boven nog horen. De bakken met vuil werden keer op keer naar voren verplaatst en maakten zo plaats voor nieuwe maar lege exemplaren. Uiteindelijk begreep Tara dat het een soort trein was, maar waar de trein vandaan kwam en naar toe liep, kon ze niet zien vanwege een aantal bijgebouwen die het zicht belemmerden. Dit gaf haar zorgen, want iets niet zien betekende eenvoudig ook meer risico. Ze scande de omgeving verder af om ook maar een snipper van vermindering van het risico te ontdekken. "Als je maar geduld hebt, komt het vanzelf",  zo vond ze.

Tara zat al enkele uren op haar plekje totdat enkele piepjes aangaven dat er een kleine storing in haar systeem was ontstaan. Ze controleerde het interne skelet-systeem en kwam uit bij een vorm van bevriezing van de pezen in haar linker-been-tentakel. Ze verplaatste zichzelf in een andere houding en dat was gelukkig voldoende om de piepjes te stoppen. Toch begreep ze dat een lang verblijf op zo'n plek niet verstandig zou zijn. Vooral omdat de klim naar boven ook nog moest worden gemaakt. Ze concentreerde zich nogmaals op het gebeuren beneden haar. Tot nu toe was er niets meer te zien dan de onvermoeibare werkrobots, enkele lage gebouwen, het vallend vuil en heel soms een menselijke opzichter. Plotseling verscheen er in de verte vanuit de bergen een stofwolkje wat snel naderbij kwam. Het wolkje verplaatste zich in een rechte lijn richting de vuilstortplaats en verdween ongeveer een flinke vector-meter vóór de bijgebouwen. Het ging te snel om te zien wat het was en waar het was gebleven. Het versterkte de onrust bij Tara, maar gaf ook haar hoop een klein zetje. Tara bewoog wat naar voren om de hoek van het gebouw beter te kunnen zien. Wat ze daar zag, bevreemde haar, want eerst was daar niets te zien en nu.....nu zag ze een drukte van jewelste daar beneden. Ze besloot om risico te nemen en klom een flink stuk via een kleine reling van zo'n 40 cecta-meter opzij. Daar had ze nog beter zicht op de bewuste hoek van het gebouw, maar de wind maakte het super gevaarlijk en er was niets om zich aan vast te houden. Ondanks dit gevaar kroop ze behoedzaam verder tot aan een klein balkon waar ze zich wel goed aan vast kon houden. Ze kronkelde een grijp-tentakel om de rand van het balkon en gaf haarzelf hellend naar voren precies één kattenronde de tijd (katten tellen de tijd middels oog-knipperingen. Vijf keer knipperen noemen ze één ronde en is ongeveer één minuut) om te kijken.  Het was net genoeg om heel even te snorren van opwinding.


Het snorren was snel voorbij, want de klim naar boven leek haar niet zo eenvoudig. Langs het smalle pad weer terug naar het eerste balkonnetje dat ging nog wel. Af en toe een kleine wankeling en een correctie van haar staart... meer niet. Gelukkig was ze als kat grote hoogtes gewend. "Een mens zou dit nooit kunnen", fluisterde ze tegen zichzelf.  Eenmaal aangekomen bij de steen en het spinnendraad maakte ze zich meteen grote zorgen. De groot-afval periode was kennelijk aangebroken. Ze zag grote stukken afval naar beneden vallen. En echt groot, hele stukken gebarsten finitsia-hout, kapotte maan en- zonnepanelen , visio-lampen en wat nog meer....Het was een herrie van jewelste en de troep botste flink tegen elkaar in het gat precies waar alles bij elkaar kwam. Ze zou zelf daar nooit zonder schade doorheen kunnen komen. Ze merkte dat aan de vastgebonden steen al werd al flink getrokken. De zwaarste rommel zou - als het zo zou doorgaan - ook het spinnendraad kunnen beschadigen en dan was het over en klaar. Het draad zou niet zomaar breken, zo wist ze. Het was enorm flexibel en sterker dan Nano-staal, maar toch.........

Haar ergste zorg moest nog komen en liet niet lang op zich wachten. Het betrof haar systeem. Iets langer dan dertig ziko-minuten kon ze nog wel hebben, maar alles boven een Uni-uur was riskant. Enkele binnen-systemen gaven een code geel af en dat was haar nog nooit overkomen.

Ze besloot te wachten tot de periode voorbij was.

Tara zat zodoende een flink aantal ziko-minuten op haar plekje, vol in de zon en stof en alles binnenin haar was inmiddels in code oranje. "Zal ik roepen", dacht ze nog, maar twijfelde enorm. Een ontdekking hier buiten op een rand van Kolos 13 zou een zekere dood betekenen. Eén lange prikstok was voldoende om haar in de afgrond te doen storten. Het bestuur zou niet twijfelen...weg ermee. Tara zuchtte en controleerde haar systemen nog eens. Plotseling verminderde het geluid rondom. Ze keek naar het gat en zag dat de grootste rommel was verdwenen. Ze pufte en nam een beslissing. "Nu of nooit meer", zei ze. Ze had deze zin ooit ergens gelezen in een boek en toen was het ook een kritieke situatie. En daar ging ze. De steen werd bevrijd en Tara kronkelde haar staart en tentakels rondom de draad. Langzaam gleed ze naar boven geholpen door haar magnetische krul-elementen. Het begin was het moeilijkste want de draad - en Tara - moesten even door de rommel heen slingeren. Ze werd geraakt, maar gelukkig was het niet meer dan veel stof en kleinere stukken rommel. De draad was redelijk snel stabiel en zodoende kon Tara redelijk eenvoudig haar weg naar boven vinden. Ze keek even naar boven of het nog ver was en schrok zich een alu-petje.

Het luik was dicht. Tara vloekte een paar keer en de verwijten aan Jimmie waren niet mis.

"Waarom was het luik dicht?"

"Was er iets vreselijks gebeurd? Of was het een veiligheidsprocedure?"

"Nou, dat wordt aankloppen dan....."

Binnen zes ziko-minuten was ze boven en klopte aan. Geen reactie. Na een tijdje klopte ze weer en riep om Jimmie. Geen reactie. "Systeem op oranje-plus", zag ze in haar rechter licht-sensor.

De meeste Robots hebben geen doodsangst. Ze bestaan of ze bestaan niet. De Robot-wetten zijn hun heilig en daar handelen ze ook naar., want ze kunnen niet anders. Een normale robot zou wel iets proberen, maar niet aanhoudend. Het zou eenvoudigweg wachten tot de energie weg was gevallen en dan naar beneden vallen. Tara daarentegen was een ander geval. Zij was te kostbaar en zou ter aller tijde haar belangrijkste systeem tegen vernietiging beschermen (haar brein) en zodoende blijven hangen tot iemand haar zou vinden.

Tara hield dus aan en riep keer op keer in de hoop dat ze zou worden gehoord. Het was vergeefs....het geluid van de vallende rommel was te sterk.

"Code Rood".

Tara bereidde zich voor op het ergste en kerfde met haar nagels een boodschap in het luik. Ze hoopte dat dit zou helpen. Het kostte haar wel alle kracht.

"Code Paars".

Tara schakelde over op minimum-energie. Op deze manier zou ze langzaam - maar zeker - leeg lopen. Nog één ziko-minuutje.

"Code bruin". Ze zag het nog net in haar sensor en wachtte op zwart.

Plotseling ging het luik open en een sterke tentakel greep haar vast. Het enige wat ze nog voelde, was dat ze werd opgetild en een plug in haar nek werd gestoken.

"Kom op, meisje. Ik laat je zomaar niet gaan...."


Wordt vervolgd op Tim en Tara C.

E-mailen
Map
Info