Ideemachine.nl
                                                                                                 

TTTT Hoofdstuk G-5.


Schade

Inspecteur Klose pakte het setje overschoenen van de delict-beveiliger aan en wist meteen wat hem te wachten stond. Een rotzooi. Zijn inzicht hierop werd al snel bevestigd doordat iets verderop bloed in lange slierten naar beneden drupte. Naderbij gekomen zag hij dat op sommige plaatsen al flinke plassen bloed op waren gedroogd, maar al kijkende naar het midden van het gebouw, waren er ook verse druipplekken nog zichtbaar. Hij richtte zijn blik naar boven en zag alleen maar glas en bloederige vegen, sommige wel tien meter lang. "Wat is hier in hemelsnaam gebeurd", mompelde hij, terwijl hij zijn assistent naderbij gebaarde. "Wat zie jij, Stones?" Met deze vraag begon de inspecteur altijd een onderzoek wat hem interesseerde. Hij was het bende-geweld in zekere zin beu geraakt, maar dit moest hem intrigeren.

"Veel bloed, inspecteur", zei de assistent droogjes.

De inspecteur trommelde met zijn linkerschoen op de grond en keek aandachtig rond om zich heen. Zijn visie moest worden bijgesteld. Dit was geen rotzooi...dit was een slachtpartij. Iets verderop trok zijn aandacht. Een kringetje rook dwarrelde omhoog. Hij liep er naar toe en wist ook meteen dat daar een oorzaak te vinden moest zijn. De assistent volgde behoedzaam en keek nadrukkelijk uit om niet in de bloedplassen te stappen. De kleine wandeling vol hindernissen leidde naar een helm. "Een bende-helm, inspecteur....De Caballerios is mijn inschatting". De inspecteur gebaarde hem niets meer te zeggen. Ergens voelde hij aan dat er iets mis was. Bendeleden lieten nooit een helm achter. Toch lag hij daar. De inspecteur bukte en week even achteruit. "Gadverdamme, Stones....d'r zit een hoofd in". Snel pakte hij zijn zakdoek en hield hem strak tegen zijn forse neus. Stones reageerde automatisch en bond een grote zakdoek om zijn gezicht. 

"Een ongeluk, lijkt mij...". Stones drukte de zakdoek tegen zijn neus, want de geur van bedorven vlees en ijzer was niet alleen walgend maar veroorzaakte ook enkele braakneigingen.

De visie van een simpel verkeersongeval moest al na enkele minuten worden bijgesteld. Overal waren delen van machines, ledematen en bendekleding te vinden. Glas is gevaarlijk, maar dat glas zelfs complete lichamen in tweeën of drieën kon snijden...die ervaring had niet iedereen. De inspecteur en zijn assistent nu wel. Stones vroeg zich af hoe dit allemaal moest worden opgeruimd en stelde voor om de vuurdienst erbij te halen. Klose knikte waarop de assistent snel verdween van de plaats delict. De inspecteur ging verder met zijn onderzoek en telde inmiddels de armen en benen. Hij schrok.....het totaal aantal ledematen maakte dat hier sprake was van meer dan zeven mensen.

Nadat dit gegeven was gedaald in zijn hersenen en werd omgezet in een aantal emoties, richtte hij zijn blik naar boven. Een eerste blik leverde niets op. Bloed, gaten in de verdiepingen en een heldere lucht daarboven op zich nog steeds gegevens die leiden tot een noodlottig ongeluk. Toch was er iets vreemd wat hij niet kon verwerken tot een conclusie. Klose liet het even voor wat het was en besloot de buitenzijde van het gebouw te bekijken. Hij bestelde met spoed een drone uit de wagen van de technische recherche en na een toestemming van koppeling met zijn polsdisplay kon hij visueel een rondje om het gebouw maken.

Het agri-gebouw stond vrij hoog op een heuvel in het landschap en betrof het grootste gebouw van de omgeving. Het was dan ook uitermate geschikt voor verticale groentekweek en in dit geval Waardsbeien, een paars-kleurige langgerekte aardbei. "Misschien is niet alles bloed", dacht de inspecteur, iets wat hij voorts als onnozel bestempelde omdat het de ernst van het ongeval niet minder zou maken. 


De drone had een hoge kwaliteit op stabiliteit en zoom-mogelijkheden en al snel kwamen de eerste loepzuivere foto's op de pols-display binnen. Alle beelden erop leken redelijk normaal - al was wel een rode gloed op alle foto's goed zichtbaar - maar een echte doorbraak werd niet direct gevonden. Klose trappelde met zijn voeten op de grond en dacht lang na. In zijn gedachten probeerde hij een voorstelling te maken wat hier plaats had gevonden, maar zijn beeldvorming bleef lange tijd in hetzelfde beeld vast hangen. Een stoet van elkaar volgende zwevers, die klakkeloos met grote snelheid achter en naast elkaar het gebouw in waren gezweefd. Toch begon er iets in zijn brein zich los te weken van dat algemene idee. Het zwakke lichtpuntje van een alternatief drong zich op en daarom - "voor de zekerheid en zorgvuldigheid", dacht hij - maakte Klose een nieuwe scanopdracht voor een drone. Het resultaat wat even later binnenkwam verbijsterende de inspecteur. Hij riep onmiddellijk zijn assistent erbij en nadat die de nieuwe beelden had gezien, trok deze wit weg. "Niet te geloven", stamelde hij.

"Juist, Stones....niet te geloven, behalve.....behalve als je heel goed kijkt." Stones bevestigde het en stelde voor een diepte-analyse-opdracht samen te stellen op basis van de foto's en de scan.

Uitslag diepte-analyse-opdracht; Binnenkomst van minimaal 8 vliegende objecten op hoogte van 25 meter, zijnde de bovenzijde van een agri-gebouw. 5 treffers op één en dezelfde plaats; namelijk de zuidwest hoek van het bewuste agri-gebouw. 2 treffers op drie meter naast de hoofdinslag - richting het midden van agri-gebouw. 1 treffer op vier meter naast de hoofdinslag - richting het midden van agri-gebouw. Vermoedelijke voortgang - in een hoek van 60 graden recht naar de bodem van het agri-gebouw. 1 x mogelijke uitgaand verkeer op hoogte 20 meter via de noordzijde van het agri-gebouw.

Klose en Stones wisten genoeg. Hier was mogelijk sprake geweest van een ongeval, met als gevolg zeven dodelijke slachtoffers, maar een slecht afgelopen achtervolging was ook een serieuze optie. Dat één zwever nog naar buiten had kunnen geraken, was zeer opmerkelijk en kon eigenlijk alleen als die zwever van te voren had geweten dat een botsing met het gebouw plaats zou vinden.

"Die ene.... heeft geremd.....Chef. Kan niet anders", zei Stones droog. De zekerheid van zijn conclusie was terug te horen in zijn stem. Klose knikte. "Klopt, Stones....dit was een vooropgezette en bewuste botsing van tenminste één zwever."

Direct na deze conclusie werd een zoek-ploeg ingeschakeld om te bezien of de uitgaande zwever mogelijk in de buurt was geland. Dit betekende een grote hoeveelheid drones in de lucht in nauwe samenwerking met instant satelliet-scans van de omgeving. Als de zwever was geland, zou hij worden gevonden. Daar was Klose van overtuigd.

Hoe dan ook....alle seinen gingen in de hele regio voor allerlei soorten zwevers op knalrood en elke zwever die zou worden aangehouden, zou schade aan zijn zweeftuig moeten verklaren. De jacht van de regio-politie op een onbekende zwever, mogelijk een slachtoffer van een bende of juist een gewiekste moordenaar op zeven zweef-bendeleden, was begonnen.

Het zou de tocht van Vonnie en Skype er niet makkelijker op maken. Maar dat terzijde, want ze hadden eerst met andere problemen te dealen.



De Robot-dokter

De zwever van Skype kon gemakkelijk nog uren verder zweven, maar een groot probleem bij Vonnie zorgde ervoor dat een noodzakelijke landing moest worden ingezet. Skype zette zijn zweeftuig voorzichtig aan de grond. Hij koos hiervoor een glad stuk beton uit, vlak naast een enorme donkergrijze silo. De donkere schaduw van de ronde kolos leek voorlopig voldoende om bescherming tegen drone-onderzoeken en satelliet-beelden te bieden.

Vonnie stapte van het kokendhete voertuig af en wees direct met een pruillip naar de linkerzijde van haar skelet. Skype knipperde een aantal keer en verraadde daarmee dat er flinke schade was ontstaan. Dat kon ook niet anders, want een puntig stuk glas zat diep in haar skelet naar binnen gedrongen. Uiteraard veroorzaakte het geen enkele pijn, maar de hoeveelheid alarm-indicaties gaven een behoorlijke onrust in haar brein en een drukte in haar rechter licht-sensor. Diverse codes rood en enkele reparatie-boodschappen volgden elkaar in fero-snelheid snel op. Sommigen boodschappen kwamen iets later voorbij met een groen OK-teken ter bevestiging van controle, maar de meeste werden kort weergegeven als een ERR (Error of fout).  Vonnie streek met haar grijp-tentakel over de beschadigde wand van haar skelet en zag direct een een vettige stroom rode olie druipend langs naar beneden glijden. Een bevestiging dat het glas diep in haar skelet een zuig-pompslang van haar bewegings-apparaat had geraakt. De olie veroorzaakte al een plas op de grijze betonvloer.

Skype volgde de zelfanalyse van zijn metgezel op een kleine afstand en gaf zijn eigen analyse-systeem een medische analyse-opdracht op basis van wat zijn licht-sensoren ontvingen. Het antwoord was voor beiden geen verrassing. Vonnie had hulp nodig.....en snel.

Skype plugde digitaal in op een aanwezige data-sfeer. Het was niet zonder risico, want het zou hun verblijfplaats kunnen verraden, maar Vonnie's toestand verslechterde bij elke minuut doordat de olie uit haar skelet begon te gutsen. Hij zocht op robot-snelheid naar een robot-dokter, maar vond slechts één mens op een afstand van enkele uren zweven. "Dat zou Vonnie niet redden" berekende hij geheel overbodig. Het knipperen van zijn licht-sensoren gaven aan dat een crisis dreigde. Vonnie zag het.

"Skype jongen, dit gaat niet meer lukken. Laat me maar achter en doe je ding, oké?", seinde ze intern.

"luister, Vonnie. De pomp is belangrijk, omdat het op het centrale systeem aansluiting heeft. We zullen nu en hier moeten proberen om het gat te sluiten".

"Nu en hier....met wat dan?"

Skype scande rond om zich heen en vond niets wat zou kunnen helpen. Plotseling viel de blik van zijn linker-lichtsensor op een Til-Robo. Hij had deze eerst niet gescand, omdat de Robot ook in de donkerde van de schaduw zijn plaats had gevonden. Skype berekende dat de Til-Robo wellicht niet werd gebruikt, omdat de normale werktijd nog niet was begonnen. Hij vroeg direct een tijdschaal op.

"Vonnie, kom op. We hebben nog dertien mens-minuten voordat er een werkploeg komt. Die Til-Robo daar....die gaat ons helpen".

Aangekomen bij het grote bruine gevaarte wat een Til-Robo moest voorstellen, viel het plan feitelijk al meteen in duigen. De kraan, want dat is een Til-Robo, had een gesloten systeem. Dat betekende dat alle apparatuur achter zware stalen schermen was verborgen. Zonder hulp of toestemming zouden ze nooit binnen in het skelet van de Til-Robo kunnen komen. Skype knipperde traag en voorzag een einde. Vonnie daarentegen gaf niet op en ondernam een poging om contact te leggen met de Til-Robo. Het lukte niet totdat ze op de zijkant van het skelet een code waarnam.

F8-Dysas-fabrication. Dat het hier om een supersterk formaat ging liet geen twijfel. Maar dat het een Dysas-Robo was, gaf haar een ingeving. Ze scande op de algemene Dysas-informatie-sfeer en plotseling had ze contact.

"Identificeer, Robot". Vonnie klonk streng en voegde een eenvoudige maar krachtige superioriteit-ping toe.

De Til-Robo werd wakker.

"F-26-type T-G 956832", kraakte de Til-robo uit een kleine microfoon.

"Enorm sterk dus"....berekende Vonnie. Ze probeerde het ultieme bevel, want dat was de enigste oplossing die haar brein haar gegeven.

"Demonteer F-26-type T-G 956832 met uitzondering van je grijp-tentakels en spraak tot sluitingstijd brein."

De Til-robo reageerde niet meteen en dat had Vonnie ook verwacht. Er moesten een aantal verificaties plaatsvinden zoals het bevel, de gever en de autorisatie. Normale procedure. Het duurde 1,6 Sina-minuut en toen begon de Til-robo met zijn eigen demontage.

Skype scande constant de omgeving en menig oliedruppeltje glinsterde op zijn voorhoofd. Hoewel hij Vonnie vertrouwde op haar ingevingen - ze was immers slimmer dan hij - was het de tijd die hier voor problemen. Die slonk naar mate er meer onderdelen op de grond voor hen werden geplaatst. Skype volgde de stukken skelet, zuigers, snaren en pompen, maar alles was van een te groot formaat. Vonnie scande evenzo de grond voor de Til-robo, die er inmiddels uitzag als een verwrongen stalen standbeeld voor met gaten, olie-vlekken en trillende snaren. Het gedrocht werkte vlug en doeltreffend en eindelijk bereikte hij het hart van zijn gestel. Het oogde complex en dat gaf Vonnie moed.

"Centrum voorrang geven"

De Til-robo volgde zonder tegenvraag haar bevel op en schakelde over naar fijn motoriek. Al snel verschenen de eerste kleine moertjes, boutjes, fijn-snaren en mini-pompen. Plotseling greep Vonnie naar een rubberen slang.

"Perfect.....stop maar". Het geluid van ritselen, schroeven en draaien hield op en de robot-reus draaide zich naar haar toe.

"Stoppen, maar......."

"Niets maar. Blijf maar zo. Mensen zullen je morgen repareren. Dank voor je medewerking", zei Vonnie op een aller aardigste toon. Het klonk Skype zelfs moederlijk en hij glimlachte erom, omdat hij wist dat deze realborg zowel een moeder als een monster kon zijn.

Het duurde slechts drie klu-minuten en de klus was geklaard met uitzondering van de fono-huid-schade. Vonnie besloot om een strookje van haar rug-skelet over te transporteren naar haar beschadigde zijde. Ze wist dat de gebruikte huid op haar rug snel zou worden vervangen via olie-transplantatie naar de ferno-celvormen die nodig waren om huid te creëren.

"Kom Vonnie, er komt een werkploeg aan", seinde Skype intern. Ze knipperde.

"Waar naar toe Skype?"



 

Oost....Jihaaaa


"Vonnie...Eh...Ik heb een vraag".

"Stuur maar, Skype. Ik ben er klaar voor". Vonnie draaide zich een beetje om.

"Nou....de mensheid heeft een evolutionaire weg afgelegd. Althans...dat is de wetenschappelijke visie".

"Ja, en?" 

"Nou, wij hebben toch ook een evolutionaire weg afgelegd. Zijn wij dan minderwaardig aan de mens? Ik bedoel...onze weg is ook best lang, toch?".

"Vind je?" Vonnie draaide zich nu helemaal om. Het kon, want er was een pauze-fase.

"Ja, als je goed berekend, komen we heel ver. Probeer maar"

"Oke, begin jij maar..."

Skype maakte zijn interne microfoon-filter schoon en blies het stof van de buitenste schaal.

"Goed....Eh....de Meccano 1938, de eerste industriële robot.", zei hij terwijl hij zich groot maakte. 

"Hm, was Vonnie's eerste weinig inspirerende reactie. "Je vergeet de Robot van Leonardo da Vinci, 1495....al weten we niet of deze ooit is gemaakt", voegde ze snel toe. Ze wist dat Skype graag zijn intelligentie wilde aantonen en was daarom gek op data-spelen. 

"Is goed", Vonnie. "Die telt...Er moet toch ergens eerst een idee zijn geweest".  

"Eh, de Volgende....De complete en onuitputtelijke serie uit de 21e eeuw, de Industrial-WR's, simpele werk-Robots, die worden aangestuurd middels een vast programma met vaste instructies voor eenvoudig werk. Ik bedoel, eenarmig zoals de Delta's, twee, drie en meer-armig, de mobiele Robots, rollend, glijdend, roterend....lineair geschakeld, parallel geschakeld. Je weet wel, de vluchtsimulators."  

"Haha, knap verwoord, hoor. Oke, die lijst is al lang. Eh...de Co-bot...Een Robot die eenvoudige opdrachten uitvoert, maar dan in gelijke samenwerking met een mens".  

"Ja, klopt", klonk het enthousiast. Maar eerst komen toch de losse robots? Werk-Robots die vrij zijn in beweging, maar nog wel middels een vast programma worden aangestuurd. De vrijheid heeft dan het doel om visueel vast te stellen waar het werk moet worden gedaan".  

"Je bedoelt, zelf scannen waar een appel op de grond ligt en hem dan oppakken?" Vonnie glimlachte een beetje en speelde het spelletje maar mee. Het was immers pauze en ze moesten de tijd doorkomen zonder zichzelf uit te schakelen. Ze wisten niet wanneer de pauze voorbij zou zijn en het was al één keer voorgekomen dat ze bijna zich had laten verrassen. 

"Inderdaad. De Co-bots zijn een klein stukje verder in hun ontwikkeling". 

Nog voordat Skype zijn volgende soort wilde aangeven, trilde de grond onder hen. Het teken was gegeven. Het teken dat de smorende pauze voorbij was en een dolle rit naar de volgende stopplaats op het punt stond los te barsten.

"Hou je vast Vonnie. We gaan weer. Oost, Jihaaaa".

Horzons zijn simpele dieren. Het enige wat ze doen is lopen, draven en grazen. Daar waren ze in eerste instantie niet voor bedoelt. Sterker nog...., een kruising tussen een paard en een bizon moest vooral bont en vlees opleveren, zo was de gedachte. De uitvoering van het zoveelste genetische experiment verliep - zoals zo vaak - geheel anders. Het bont van de beesten was niet te verwerken en het vlees was niet te eten. Normaliter zou dat een gewisse dood betekenen, maar toevallig werd er een taak voor de beesten gevonden. Draven....dat konden ze als de beste en die taak kregen ze uiteindelijk toegewezen. Alhoewel...dat was eigenlijk ook maar toeval. Een tuin-o-loog had enkele exemplaren meegenomen uit de genetica-fabrieken van Dolson-town, de plaats waar alle experimenten op Noord plaats vonden. Er werd toestemming gegeven, omdat er geen contra-indicaties waren te verwachten. Dat was maar goed ook voor deze beesten, want een contra-indicatie betekende direct vernietiging. Het drama met de vica-kever stond nog bij iedereen in zijn of haar geheugen gegrift.

De vica-kever was één van de eerste genetische mix-experimenten. De bedoeling was om een kleine kever te creëren die de micro-luizen van de buldog-mieren kon besmetten met een dodelijk virus. Dat was hard nodig, want de dodelijke mier had een enorme vlucht genomen in verspreiding en kostte in 2215 per maand enkele duizenden mensen het leven. Wetenschappers besloten om via micro-luizen deze mieren te doden, aangezien geen enkel ander dier in diens nabijheid kon komen. Het had zo eenvoudig geleken....de kever besmet de luis en de luis de mier. De eerste resultaten waren bemoedigend, totdat opviel dat bijen massaal stierven door een onbekende ziekte. Het was echter al te laat. Alle bijen op de wereld stierven af. Het kostte uiteindelijk miljoenen mensen het leven vanwege ernstige ondervoeding en decenia's om miljarden micro-drones te activeren, die voor de hernieuwde bestuiving van fruitbomen konden zorgen.

Hoe dan ook, de Horzons graasden het gras kort en de tuin-o-loog was er blij mee. Totdat er een buur-tuin-o-loog op een dag aanklopte bij zijn voorschuif en vroeg of er bij haar ook bijzondere ontwikkelingen hadden plaatsgevonden. Ze wist van niets en was ook verbijsterd om te horen dat de perenbomen in de naaste omgeving van de Horzons vruchten afleverden, zonder dat er drones waren ingezet. Er zaten zelfs midden in de winter peren aan de bomen. Gelukkig was men zo slim om wat uit te proberen en na een jaartje werd het duidelijk. Het trillen van de grond door toedoen van de Horzons was voldoende om voor bestuiving van planten en bomen te kunnen zorgen.

Vonnie en Skype hadden geluk. De trillingen op de grond verraadde niet de komst van een werkploeg, maar de komst van een kudde Horzons en tot hun grootste geluk hielden ze bij de silo een pauze. Het tweetal keek elkaar kort aan en beiden begrepen wat ze zouden gaan doen. Liften.....liften op de rug van de Horzons.

Kort na het "Jihaaaa" van Skype barstte het gedraaf los en in vliegende vaart ging de kudde op weg. Iedere kudde had een vaste heen en weer route. Richting Oost dus (het derde gelukje)....

Vonnie hield zich stevig aan de bruine manen vast, terwijl Skype als een ervaren rodeo op de rug van een mannetje meedeinde. Ze seinde ook niets tijdens de rit, want ze moest alle sensoren op actief reageren plaatsen om recht op de rug te kunnen blijven zitten. Ze klemde haar loop-tentakels tegen de flanken en boog ver voorover om nauw contact met het beest te kunnen behouden.

Enkele dagen gingen op deze manier voorbij en gelukkig kreeg Vonnie het gevoel van stabiliteit wat nodig was om een beetje te kunnen ontspannen. Tijdens het draven verwonderde het tweetal zich over de hoeveelheid aan diversiteit in de gebouwen, die eindeloos langs beide kanten aan de Horzon-snel-strook waren geplaatst. Soms kwamen ze een enkele silo tegen, verroest en onbeschilderd, maar meestal betrof het supermoderne agri-gebouwen met vooral bijzondere facetten erin verwerkt. Vonnie vond beide versies interessant, maar haar aandacht werd toch getrokken tot de ronde eenzame silo's. De duistere silo's gaven - wat haar beeld-analyse-systeem verrekende - een fraai contrast met de helblauwe lucht en maakten een  tijdelijke indruk op een andere planeet te zijn beland. Het is niet zo dat Vonnie op die momenten droomde over een verblijf buiten de Aarde, maar haar beeld-analyse-systeem werd zodanig geprikkeld dat zelfs onmogelijke mogelijkheden in een totaal-beeld werden verpakt. Haar realiteits-alarm moest enkele keren een waarschuwingssignaal geven dat een analyse-beeld niets meer was dan een illusie.

Ja, robots kunnen dromen, maar op een andere manier dan mensen.

Skype raakte meer en meer interesseert in de moderne versies. Hij hield van diversiteit in vorm en kleur en kreeg een keur van speciale gebouwen op zijn licht-sensor. De meeste gebouwen waren gemaakt van glas en Herma-synt, een superlichte, maar oersterke variant van aluminium. Ook de hoogte van gebouwen varieerde. Sommigen waren bijna tot aan de wolken en enkele toppen raakten zelfs uit het zicht. Skype zag dat de hoge gebouwen vooral waren gemaakt voor hang-fruit. Het rood, groen, paars en blauw schitterde tezamen met het lichte metaal en het glas zorgde voor de special effects, die deze regio ook beroemd had gemaakt. Al het licht en al de kleuren werden keer op keer gebroken door het glas en het zorgde voor een onweerstaanbaar schouwspel. Wat hem betrof leek het wel een gevecht tussen licht, schaduw en kleuren. Heel even liet hij zich meevoeren, totdat ook zijn realiteit-alert hem attendeerde dat zijn beeld-analyse-systeem uit evenwicht was geraakt.

Plotseling slaakte Vonnie een kreet.  

Skype volgde haar kleine grijp-tentakel en zag direct waarnaar ze wees. Het was inderdaad een akelige vertoning. Diverse mensen hingen naast enkele duistere silo's aan slordig opgestelde galgen. Een enkeling bungelde heen en weer doordat de jurk groot van stof was en dus veel wind ving. "De Galgen-weg", seinde Skype. Hij wist ervan, maar had niet verwacht dat het zo dicht bij de bewoonde wereld was aangelegd. "Misschien een klein gedeelte, Vonnie", seinde hij erachteraan. Vonnie antwoordde niet. Haar analyse-systeem had moeite en die moeite zat hem in de grootte van de gehangenen. Er waren kleinere exemplaren te zien en haar systeem kon maar één ding berekenen. "Kinderen....", fluisterde ze.

"Skype", brulde ze om boven het geluid van de dravende massa uit te komen. "Skype.....mensen.....kinderen, zie je dat?" "Wat zijn dit voor mensen?"

Skype zette zijn zender iets harder en seinde intern. "Luister Vonnie...we zitten hier in bende-gebied. Dat soort mensen dus....Laten we gewoon verder reizen en dit achter ons laten".

"Nee, Skype. Dat kan ik niet. Ik ga er heen. Wie weet hangt onze vermiste daar wel. Of.....zijn ze nog bezig en dan grijp ik in, weet je. Mijn systeem kan dit niet aan. Ik moet er naar toe".

Nog voordat Skype kon reageren, zag hij dat Vonnie haar Horzon naar de zijkant geleidde en eraf sprong. Skype zuchtte en vloekte enkele robot-vloeken. Iets later stond hij naast haar en het geruis van de dieren verstomde totdat uiteindelijk alleen het geruis van de wind hoorbaar was. Er zong geen enkele vogel, behalve een zwarte kraai, maar die kraste zijn schelle kreet. "Een waarschuwing", berekende Skype. Dat kon niet anders. 

wordt vervolgd op G-6

E-mailen
Map
Info