Ideemachine.nl
                                                                                                 

T T T T Hoofdstuk 10


Het brandende schip


Het gekartelde mes, meer een kort zwaard eigenlijk, zorgde voor een gladde snede. Er was nauwelijks bloed te zien. Een geweldige worp dus. Kaarsrecht, snoeihard en wel zo zuiver dat het blinkende blad een aantal seconden als een onbewuste blijk van waardering voor de perfectie, na trilde. Er was geen geluid meer te horen. Eerst een enorme klap van metaal op dood hout en daarna een kort moment niets meer. Geen kreet, geen gerochel of gegorgel of enige andere uiting van doodsangst of pijn.

Het was gewoon zonder enige voorbode of teken vooraf gebeurd. Uit het niets dus en zodoende totaal onverwachts voor iedere toeschouwer. Skype stond nog met zijn werp-tentakel in de richting van zijn doel en zijn gestrekte wijsvinger bleef hangen in de lucht. Het gebaar was duidelijk. Klaar, over en uit en ik.....ik, houder van deze vinger, heb dat beslist.

De mond van Vonnie verslapte. Langzaam, want haar alert-prioriteit lag ten tijde van de worp elders. Bij haar zelf namelijk. Ook zij had deze ontwikkeling niet verwacht en haar systeem moest noodzakelijk extra tijd vinden om het beeld wat ze op haar vision-raster te zien kreeg, te verwerken tot een afdoende antwoord op de berekeningen die nu storingen veroorzaakten. Er was zojuist een mens gedood en wel door een robot. Iets wat nog nooit was voorgekomen. 

Skype knipperde met zijn lichtsensoren. Ergens binnenin zijn skelet werd luchtdruk verminderd en ook de olie-stroompjes liepen iets vlotter. Een gevolg van de afnemende spanning op zijn berekening-systemen. Het was ook wel veel geweest wat er was gevergd van zijn systeem. Een normale act zoals het zou moeten zijn, kon hij goed aan. De baan van de messen en zwaarden die hij wierp konden eenvoudigweg worden berekend en dat gaf geen enkel probleem. Vonnie kon hem daarop altijd vertrouwen. Maar enkele minuten geleden werd dat robot-mechanisme verwijderd door het gedrocht wat uit de hoogte neerdaalde. Het tweede systeem wat tergend langzaam uit de duistere nok werd geplaatst in het midden van de arena betrof op het eerste gezicht een mix van spiegels en flits-apparaten. Niets anders dan bedoeld om Skype in verwarring te brengen en de act vandaag te laten mislukken. Een intern bericht van Vonnie aan Skype was voor hem voldoende om zekerheid hiervan te verkrijgen.

"Hij gokt, Skype. Hij gokt op mijn einde...vandaag. Ik heb het net gezien".

Skype had niet gereageerd en worstelde zelf verder - binnen in zijn systemen - met de vraag hoe hij dit moest oplossen. Toen de stof van het zand tot rust was gekomen en Skype vol in het licht stond van diverse knipperende lampen, was het de meester zelf die hem uitdaagde om met zijn act te beginnen. Vonnie werd middels een verborgen touw rond gedraaid en vanwege de spiegels kon Skype niet meer goed berekenen waar Vonnie zich precies bevond. "Werpen, zou voor Vonnie een zeker einde betekenen", werd als basis-berekening aangegeven. "Niet werpen.... ook", als aanvullende informatie. Het gehele reken-systeem van Skype stond zodoende onder zware druk en wat de meester te vertellen had tegen het publiek registreerde hij niet eens meer. Wat hij wel registreerde waren beelden van het publiek. Hij berekende woede, vernedering en ook haat in hun ogen en wel bij volwassenen als kinderen. Daarbij ook een soort van opkomend waanzinnig gedrag. Een verzameling van geluid en bewegingen die telkens werden vermeerderd door aanmoedigingen door henzelf en van collega-artiesten, die zich massaal aan de randen van de tent hadden begeven. De opkomende waanzin was iets wat hij slechts éénmaal had gezien, toen hij tijdens zijn updates een ouderwets filmpje van een negentiende eeuwse vossenjacht te verwerken kreeg als historische informatievoorziening. De meute honden werd alleen al vanwege het feit dat ze samen bij elkaar stonden zo opgefokt dat er uiteindelijk één bal van woelende en wild blaffende kwijlbekken overbleef. Eén massa tanden......op zoek naar bloed en vooral de dood.  

"Stop dit mensonwaardig gedrag", kon Skype in het rood aflezen aan de binnenzijde van zijn lichtsensor. Het was één Terro-seconde erna dat hij de beslissing nam. Hij stopte de waanzin en nam het leven. Het leven van een mens. Het leven van een onwaardige mens. Het leven van Camera Obscura.

Vonnie stapte af van haar podium en veranderde haar buitenzijde in een onmiskenbaar waarschuwingsteken. Haar huid werd fel rood en voorzien van dunne zwarte lijnen, die kriskras van haar loop-tentakels naar haar borsten doorliepen. De imitatie van de huid van één of andere rode gifkikker uit een subtropisch oerwoud was treffend. Haar gezicht, vervormd tot een wit dodenmasker uit de oudheid, wekte afschuw bij alle toeschouwers en het duurde dat ook niet lang voordat de angst regeerde bij de kinderen. Het gegil wat daarna volgde, werkte als een stroomstoot. Iedereen in de tent raakte in paniek en probeerde zijn of haar weg naar de uitgang te vinden. Dit kostte enkele toeschouwers hun armen of benen hetgeen de paniek alleen maar verhoogde. Er was niemand die ook maar iets durfde te ondernemen richting de real-borgs. Niemand....ook de andere artiesten niet. Sterker nog....versteend als ze leken, was louter totale verontwaardiging en ongeloof waar te nemen in hun ogen en verkrampte houding.

De mensen uit de eco-dorpen stroomden de tent uit op weg naar een veilige plaats. De meesten waren gewelddadigheden gewend, maar dat was altijd te herleiden naar de mens zelf. Niet voor niets waren de oude rituelen uit vroegere tijden weer ingesteld. Oog om oog, tand om tand stond feitelijk op ieders smoel af te lezen. Inderdaad je moest geen ruzie krijgen met eco-dorpelingen. Skype wist hier niets van en het boeide hem nog niet. Zijn oplossing leek voor het moment voldoende om samen met Vonnie te kunnen ontkomen. Dat zij zich had veranderd in een duivels schepsel had goed gewerkt. Het was waarschijnlijk de meest juiste aanvulling geweest op het shock-moment.

Inmiddels was de shock-toestand verdwenen. Letterlijk, want de tent was leeg. Stof dwarrelde omhoog en veroorzaakte fraaie lijnen in de lucht daar waar de zon doorbrak. Ergens aan de zijkant snikte een collega-artiest. Een andere liep verdwaasd en naar beneden gebogen langs de tentpalen en vermeed het aanblik van het het lijk van Camera. Zijn lichaam hing als een slappe pop aan de dikste tentpaal in het midden van de arena. Er sijpelde nog steeds geen bloed op de grond en dat gaf ongewild de verwachting dat hij mogelijk plotseling weer springlevend omhoog zou springen. Dat gebeurde natuurlijk niet. Na enkele minuten schoven de hoorns van zijn hoofd tezamen met een pruik. De ontmaskering was compleet en het snikken verhevigde doordat nu ook meerderen beseften dat hun meester slechts een eenvoudig mens was van vlees en bloed en ze had verlaten.

Vonnie kneep in de arm van Skype en kuste het bovenste gedeelte van zijn werp-tentakel als een blijk van waardering of verzoek tot afsluiting van de berekeningen. Althans zo begreep Skype het gebaar en hij knipperde met de vertragingsfactor melo-f6 naar zijn metgezel. Ze begreep daarmee dat het goed was en keerde terug in een acceptabele staat. Haar neutrale kledingkeuze kreeg de goedkeuring van Skype. Geen uitstraling van enige emotie kon worden afgelezen. Ze leek gewoonweg op één van de vrouwen, die in de eco-dorpen woonden. Een lange maar elegante jurk, kleur grijs en een witte brocante blouse afgezet met enkele kleine sieraden. Een hoed lag rustend op haar rug en haar lange lederen laarzen met veters knarsten onrustig op het zand.  Haar smoeltje, weer zo snoezig zoals altijd, lag half verborgen in het korte krullerige haar. "Leuk......oranje haar", zei Skype en hij wist totaal niet waarom hij dat zei. Snel schakelde hij over naar een alert-scan van de omgeving en zocht naar vormen van onrust. Die zou komen. Hij kende dit volk van de eco-regio maar al te goed. De eenling die wel eens in de stad kwam.....daar moest je voor uitkijken. Een oog of tand was inderdaad een oog of tand, maar meestal veel meer. Eerder twee ogen, zes tanden, een gebroken been of een messteek en dat voor één tand, zo wist hij. Hij seinde intern aan Vonnie dat ze weg moesten. Ze knikte en wees naar rechts. Skype was verbaasd en een glimlach verscheen meteen op zijn gezicht.

"Een rotor-matic!", riep hij verheugd.

"Co-oil". (robotuitdrukking voor cool)

Wordt vervolgd op deel II, De Galgenweg.

E-mailen
Map
Info