Ideemachine.nl
                                                                                                 

TTTT Hoofdstuk 1.

Er is.....

Soms is er een verteller nodig. Vooral als gebeurtenissen, binnen een verhaal zó snel elkaar opvolgen, dat van rust bijna geen sprake meer is. Er dient dan een verteller te zijn, die het gebeuren verhelderd en zorg kan dragen voor een benodigde pauze. Een verhaal komt bovendien niet zomaar bij anderen terecht. Vroeger werd een gebeurtenis doorverteld van zoon op dochter, zeg maar. Later werd het geopenbaard op zwak papier en nog later via één of ander oud datanet om vervolgens op te worden geslagen in een hedendaags nano-systeem.

Hoe dan ook, wat vóór dit verhaal gebeurde is simpelweg te vangen in het bekende "Er was eens" en zal vast nog wel te vinden zijn op het antieke internet. Nu, echter....., mag men blij zijn dat deze verteller rechtstreeks aanwezig is bij de komende gebeurtenissen. Een live relaas van ongelukkige omstandigheden. Laten we snel beginnen, want voor men het weet, loopt deze verteller achter.

We schrijven - gedachte-dicteren in dit geval - het jaar 2481 na Christus, ofwel 123 na Zero (de laatste robot-oorlog), plaats van handeling; Krash-city, Noordelijk contingent. De dagen op deze plaats waren vol van rommelige en schimmige markt-bewegingen. Financiële of politieke acties dus en altijd gevolgd door agressieve tegenacties. Het laatste bedoeld om grip te behouden op de grip die men had en dus altijd dreigde te verliezen. Hoe dan ook.....de financiële wereld op het mega-valuta-net hield zich schommelend staande met het verdelen van de macht aan diegenen met macht. Het zal dus niemand verbazen dat de mensen zonder macht of zonder veel digitale ruilmiddelen niet verder kwamen dan slijmen, woekeren en uiteraard crime-activiteiten. Ze waren met velen. Het alternatief was namelijk verveling of een leven "in de belt" naast of onder de recycling-fabrieken. De robots waren - ten behoeve van de crime-activiteiten - goed te gebruiken, althans de robots of cyborgs die nog over waren gebleven.

De meeste robots, de minder begaafde dan, waren al lang uit de handel gehaald vanwege de vele kortsluitingen die hen de afgelopen jaren hadden geteisterd. Het was al niet meer bij te houden hoeveel robot-woongroepen ten onder waren gegaan, omdat een robot destijds weer eens doorbrandde en alles in zijn of haar buurt meenam in het ongeluk vanwege de altijd optredende brand. De handel in rookmelders en brandblussers was nog steeds een groeimarkt. Tot zover de plaats van handeling. Laten we ons verplaatsen naar één van de hoofdfiguren. Een robot uiteraard.


VONNIE


In de vroege morgen, het moment dat de zon nog zwak door de smog heen schijnt en niet meer is dan een vage schijf aan de horizon, ging Vonnie op weg naar haar dagelijkse werkzaamheden. Zodoende maakte zij zich los van de voedings-plug en de vaste controle-unit. Het betrof maar een kleine handeling en een sissend geluid bevestigde de ontkoppeling. Een korte uitleg van de unit gaf aan dat alles in orde was. Vonnie wist niet beter dat alles oké was en verwachtte ook niet anders, want haar gehele systeem was afkomstig van de GEE-fabriek in Alaska. De koude omgeving aldaar was optimaal voor het afleveren van de meest geavanceerde robots, omdat men de hoge temperaturen van de kwantummechanica-processen beter kon beheersen. In de hoek van de kamer begon het olie-apparaat te pruttelen. Elke morgen begon ze met een bakje K-olie, om haar binnenste systemen te smeren. Het was niet noodzakelijk, want Vonnie was een zogenaamde real-borg, een robot met zeer menselijk lijkende onderdelen. Ze kon niet alleen alle Olie-vormen tot zich nemen, maar ook de normale menselijke voeding. En dit was niet voor niets.

Ze bekeek het nieuws op haar holo-visie. Het was zoals altijd heftig, beangstigend en onwerkelijk. Alsof de grootst mogelijke ellende die een mens kon verzinnen, een normaliteit was geworden. Ze herinnerde zich nog een redelijk normale periode, zo vlak na de laatste robot-oorlog. Een periode van rust, berusting en het opruimen van de scherven, zeg maar. Daarna volgde er een lange periode van groei, economische groei uiteraard, omdat dat de mens maakte tot wat hij of zij wenste. Uiteraard liep dat na enkele decennia uit de hand en Vonnie verbaasde zich nog steeds over de opkomende lust naar macht en geluk via het ongeluk van een ander. Ze hield niet van mensen, maar dat was ook niet de bedoeling. Ze was een real-borg, gemaakt om de mens te plezieren, althans....voor zover dat haar systemen dit toestonden. De nieuws-robot verwees naar een mega-schip die gestrand was op de kust van Mexico. Het lekte olie, nano-zuren en aluminium-gruis, dit alles bedoeld voor de robot-industrie. Er was geen paniek. Niet meer, want dit was al het zoveelste zelfsturende schip wat zich tegen de rotsen voor de kust had gestuurd. "Moet je maar echte mensen laten sturen", vond ze. En ze had gelijk. Al de ernstige ongelukken met dergelijke schepen waren uiteindelijk terug te leiden tot falende apparatuur. Gelukkig was men wel zo slim geweest om vrachtvliegtuigen te bemannen met tenminste één mens en dat had al geleid tot het voorkomen van meerdere ongevallen. Vonnie maakte zich zorgen. Niet om haar werk en ook niet om haar zelf, maar dat de wereld er niet beter op was geworden, leek haar een zeer milde mening. De volgende items waren ook al vernietigend voor de gemoedsrust. "Afschaffen, dat nieuws", zei Vonnie terwijl ze haar eerste slok nam van de warme K-olie. Ze zette de holo-visie met een vingerknip uit.

Ze liep naar het ronde raam en keek nadat het zicht naar buiten geheel was geopend, naar de drukke hemel boven de stad. Ze zag meteen dat de zon het wellicht vandaag zou kunnen winnen van de smog. "Hm....misschien toch een mooie dag", berekende haar systeem. Ze zette de half lege kop K-olie weg waarna een zwevende robotarm het direct in de schoonmaakmachine plaatste. "Dag kamer, dag Henry, doe je best en tot vanavond", zei ze tegen de robotarm. Deze knikte en zwaaide met zijn grijp-tentakel. De schuifdeur sloot en Vonnie ging op weg. Op weg naar haar dagelijkse werk.

Het gebouw waar Vonnie zich diende te melden, lag midden in het Centrum. Op zich was het eenvoudig om daar te geraken, maar de overvolle R-metro's zorgden ervoor dat ze vandaag twee ritten moest overslaan om een goede plaats te kunnen bemachtigen. Ze vond het altijd een vreemd gebeuren....schuifelende en dringende Robots voor de deuren van de coupés, maar besefte ook dat de meeste robots geen rekening hielden met de mogelijkheid van een vervolg-rit. Hun systemen waren daar niet op berekend. Degenen die een metro misten, stonden dan ook doelloos en lange tijd rondjes te draaien op het perron totdat een mens, meestal een perronmedewerker, ze verwees naar de komende nieuwe rit. Een eenvoudige opdracht om in te stappen was voldoende. Hoe dan ook, Vonnie probeerde altijd zo vroeg mogelijk op haar bestemming aan te komen. Dat het nemen van een rit verderop in de tijd wellicht gemakkelijker was, boeide haar niet. Het was feitelijk veel te leuk om de drukke spits mee te maken. Het gaf haar energie en inspiratie. Iets wat ze nodig had in haar werk.

Op haar werk aangekomen, gebouw DFC-12, via de F-liften naar de 451e verdieping, zocht ze als eerste een mobiele basisnieuws-consul. Hoewel ze het actuele nieuws verafschuwde, was het toch noodzakelijk om al deze items globaal tot zich te nemen. Hierna ging ze, meestal liggend op een balkon, over tot verwerking van de informatie. Het was haar taak om te zoeken naar ombuigingen zodat er een aparte mening op elk nieuws-item kon worden gevormd. Een technisch hoogstandje, omdat Robots niet waren gebouwd om creatief of afwijkend te zijn. Maar Vonnie was dan ook geen normale Robot, maar een Real-borg die werd ingezet om mensen te plezieren.

De lezer verdient een kleine uitleg. In vroegere tijden vóór de komst van Robots, waren er ook mensen die andere mensen plezierden. In feite....meestal (jonge) vrouwen met de omstandigheid dat ze als zeer aantrekkelijk konden worden aangemerkt. Maar die fysieke eigenschap was soms in die tijden niet voldoende. Een mate van intelligentie werd dan als noodzakelijk aangemerkt, vooral in de menselijk kringen van zaken, politiek en spionage. Later werden deze vrouwen vervangen door Real-borgs, ter bescherming van het vrouwelijke deel van de mensheid. Gebleken was dat misbruik en vernedering van de vrouwen al eeuwen een rol speelden op dit niveau en de Universele Wet van vrouwen-recht, UN 2322, maakte dat de mensen dienden over te stappen op Real-robots. De allereerste versies waren een drama. Ze voldeden gewoon niet, omdat ze te veel op robots leken en vaak ook totaal niet begrepen waarvoor ze waren aangesteld. Dit veranderde met de komst van Real-robots uit de GEE-fabriek te Alaska. Al bij het begin van de serie werd duidelijk dat dit een ommekeer was. Niet alleen waren ze zeer geloofwaardig als mens wat hun uiterlijk betrof, maar ze voldeden ook op het gebied van intelligentie. Uiteraard kwamen er steeds meer verbeteringen. Het sluitstuk waren de Real-robots Z14 waartoe Vonnie ook behoorde. Deze waren niet alleen fraai maar ook in staat om een afwijkende mening te geven op bepaalde onderwerpen. In de proefperiode waren de meeste mensen verrukt om te aanschouwen dat een lastige vergadering door de Real-robot zo kon worden beïnvloed, dat er sprake was van een productief gesprek. Anders gezegd...het leidde tot resultaat, wat wil zeggen; geld of macht. Na de proefperiode werden dergelijke Robots meer en meer ingezet en inmiddels waren ze een normaal verschijnsel in de hotels of restaurants.

Vonnie werkte dus aan informatie-verwerking en stimuleerde daarmee haar creativiteit. Het was nodig ook, want haar agenda gaf aan dat ze deze middag nog aanwezig diende te zijn bij een proef en smaak-lunch op Avenue Reagan, restaurant "In the Future". 



Zeegras en nitro's


Het restaurant was vanwege eerdere bezoeken voor Vonnie een bekende omgeving. Ze wist van de heersende bijzondere sfeer en de uitgebreide veiligheidsmaatregelen die daar golden. Haar voorbereiding duurde daarom wel langer dan normaal. Allereerst moest ze overgaan naar een niet alledaagse kledingkeuze. De kledingkast, zeg maar een kledingkamer ter grootte van een zeecontainer puilde uit van de verschillende kledij. Vooraan lagen de "afsluitende" kledij, allemaal lang van stof en vooral veel verbergend, die voor de formele gelegenheden konden worden gebruikt. Maar haar opdracht betrof deze keer geen "verbintenis-eed" of een "Ter Sterre Brenging". Als dit niet aan de orde was zou ze normaliter kleden als een vriendelijke gastvrouw of een charmante echtgenote in een witte klassiek mantelpak. Ze liep ook deze serie kleding snel voorbij. Haar werk-update gaf duidelijkheid over de vier deelnemers aan de lunch en dat was voldoende om naar de sector vier in de kast te gaan. Hier trof ze aan wat ze het liefste droeg. Vreemde en prikkelende kleding, altijd uitdagend en provocerend. Ze koos voor een grijs gestreept pak, extra large en voornamelijk bedoeld voor gender-neutrale mensen. Een kleine glimlach verscheen op haar gezicht, omdat ze wist dat verwarring niet datgene was waar haar eet-genoten op zaten te wachten. Nee, deze mannen verwachtten niets meer dan een model met brains met de optie tot meer plezier dan alleen lunchen. Om toch tegemoet te komen aan de mannelijke verwachtingen bracht ze zorgvuldig een helblauwe lippenstift aan. Een kort kapsel maakte haar vrouwelijke intenties compleet.

Aangekomen bij het restaurant volgde er voor de meeste bezoekers een uitgebreide procedure op het gebied van "zekerheid van bedoelingen". Gelukkig was het voor haar volstrekt onnodig. Ze verstrekte de slanke portier de ontvangen code en het kortgeknipte meisje knikte kort, terwijl ze snel de eerste veiligheidsscan afsloot. Ze vergaf de portier het korte oponthoud met een ijskoude glimlach. "Zij kon immers niet direct zien of zij een mens was of iets anders", berekende ze en besloot om deze opkomende berekening te archiveren, wegens "een herhaling van feiten". Een andere portier, tevens een vrouw, maar nu met een felrode paardenstaart, gebood haar te volgen. De route naar de verdieping waar ze werd verwacht, was complex en verliep geheel anders dan verwacht. Ze was nog nooit verder geweest dan de begane grond en toen ze omhoog gingen met een trap schakelde ze extra bewegings-sensoren in. De vreemde route zorgde er al snel voor dat ze haar positie-scan ook moest inschakelen om niet in verwarring te raken. Niet dat ze dat nodig zou hebben, maar een onduidelijke positie maakte dat haar systemen minder goed werkten.

Op de begane grond was het aanzicht - zoals bij eerdere bezoeken - nog overduidelijk. Een eenvoudig restaurant met normaal menselijk personeel al waren ze deze keer gekleed in een uniform wat leek op een latex-pak afkomstig uit de allereerste Science Fiction series. 'Het deed de naam van het restaurant eer aan", vond ze. Het was er koud vanwege de vele metalen die waren verwerkt in het meubilair. Zilverkleurige stoelen en aluminium tafels aangekleed met kunstlicht en dit keer - als extra - een simpele holo-afbeelding. Ze kon nog net zien dat de holo om de veertig senso-seconden veranderde van afbeelding. "Leuk voor de kinderen", kwam in haar licht-sensor op. Een verdieping hoger was een verandering van sfeer al goed merkbaar. Er liepen meer mensen door elkaar heen en van een lunch kon daar geen sprake zijn. Daarvoor was te weinig plaats gereserveerd en bovendien was het er luidruchtig. Ze keek naar de grote loungebanken waarboven een lichtscherm hing. Het scherm leek veel op een controle-console voor financiële transacties. Vonnie vermoedde een plaats op te gokken op alles wat God verboden had en besteedde er geen aandacht meer aan, maar dit alles maakte wel dat ze haar veiligheidsniveau omhoog bracht naar code geel. De tweede verdieping, die ze ook bereikte via een trap, was slechts in een korte glimp zichtbaar. Ze zag de kleur rood op haar licht-sensoren en een flauwe mist trok door de gang. De muziek was ook duidelijk hoorbaar en ergens in de verte hoorde ze meerdere mensen kreunen. Ze wist genoeg....ook hier werd niets gegeten. Ze schakelde over naar code oranje, toen ze merkte dat dit keer een lift haar verder moest brengen. De lift ging omlaag. Vonnie besloot om de diepte te onthouden. Op exact 73 dica-meters viel de lift stil.

De deur van de lift ging langzaam open en dat wat zichtbaar wordt, is voor mensen altijd te vangen in een moment van kinderlijk verlangen naar enige vernieuwing of verrassing. Bij Vonnie was het anders. Ze verlangde niets en verrast was ze evenmin, omdat ze geen verwachting had. Wat ze wel registreerde betrof de aanwezigheid van meerdere mensen. De portier begeleidde haar nog steeds en ditmaal tot aan een lege tafel in de hoek van de ruimte. Ze nam plaats en bekeek haar omgeving. Meestal is een omgeving voor een robot niets meer dan een optelsom van bits, spins en daarbij behorende invulling van lege ruimte. Maar de lege ruimte die hier werd geboden, wisselde nogal van vorm en daarnaast de invulling ook. Vonnie twijfelde of ze in een holo-ruimte, een virtueel gebeuren, was beland. De muren bewogen, draaiden langzaam rond en ook de hoogte van het plafond was niet exact duidelijk. Soms registreerde ze een nachtelijke hemel vol met sterren en dan weer een afbeelding van de binnenzijde van een Nautilus-schelp. Ze knipperde een paar keer en gaf min of meer het bevel aan haar systemen om te stabiliseren. Dit lukt, want na enkele mia-seconden veranderde het beeld in een normale rechthoekige ruimte. Het gaf haar de mogelijkheid om de verdere invulling goed te bezien. Ergens in het midden was een kleine dansvloer. Er danste een jonge vrouw, menselijk, fier en rustig meedeinend op een zwoele mix van salsa en klassieke muziek. Ze zag geen andere vrouwen. Wel andere mannen, de meesten eenzaam aan een tafel, volledig geobsedeerd door hun arm-display of privé-holo. Het was moeilijk in te schatten waar deze ruimte exact voor was bedoeld. Haar rekensysteem bood uiteindelijk een paar opties. Een wachtruimte......een dating-ruimte of een voor-station voor onbepaalde zaken. Ze kon er niet veel mee. Een robot-drone kwam boven haar tafel vliegen. Ze besloot een rode Martini extractie te bestellen waarmee ze meteen kon nagaan of hier nog sprake was van een restaurant. Enige tijd later kwam de drone terug met de Martini. De extractie was een dode gifkikker, die ondersteboven dreef op het rode sap. "Toch eten en drinken misschien", berekende ze. Ze dronk een beetje met een rietje. Op deze manier hield ze andere bezoekers in twijfel of ze nu een mens was of een real-borg. Mensen zouden altijd met een rietje drinken om een aanraking met de huid van de gifkikker te voorkomen. Ze zag dat enkele mannen naar haar keken. Ze peilde hen, maar werd niet geattendeerd op wapens of criminele elementen. "Goed volk, vraagteken, vraagteken", registreerde ze. Het bleef haar onduidelijk en zakte achterover in de bank. Ze wachtte.

Niet veel later was ze niet meer alleen. Drie onbekende mannen hadden zich luidruchtig aan de tafel gevoegd en tot haar verbazing was er niemand van de drie die rekening had gehouden met haar bijzijn.

"Oke.....de chef moet nog komen", berekende ze. En dat klopte.

De chef was zoals een chef dient te zijn, althans een chef die meteen al respect verdient door zijn uiterlijk. Er was in eerste instantie niets abnormaals aan de man te zien. Een type brave huisvader, gewoon pak van de T-style, vriendelijk rond gezicht, enzovoorts. Toch twijfelde Vonnie en haar twijfel werd bevestigd toen ze recht in zijn ogen keek. Staalgrijs met een koude tint die je alleen treft bij bewakers van een strafkamp of ergens in de Zuidelijke ijszee.

"Dag Vonnie, fijn dat je er bent". Hij stelde zich voor en richtte zich op zijn metgezellen.

"Laten we wat eten en drinken".

Voorafgaande aan het eten waren nieuwtjes en herinneringen aan de orde, wat leidde tot een paar lacherige momenten. Toch bleef de sfeer gespannen al kon Vonnie er geen grip achter krijgen waarom dat zo was. Ze scande de zweetgeur en trof direct opmerkelijke resultaten aan. De chef was ontspannen en de anderen...nou ja....stonden op standje overspannen. Ze kon niet anders oordelen dat er tijdens het eten nog veel te verwachten was. Ze besloot om te gaan dansen. Vonnie sloot zich aan bij de andere vrouw die nog steeds op de dansvloer stond. Ze keek treurig en daarom gaf ze haar een kleine kus op de wang. Een kleine glimlach was de oogst. Vonnie zette in op langzame bewegingen. Ze wist dat ze daarmee snel de aandacht zou trekken van mannen. Het duurde niet lang en de meeste aanwezigen in de ruimte keken naar het tweetal op de dansvloer. Het werd tijd voor wat actie en ze bewoog zich sloom richting de vrouw en omringde haar met haar arm-tentakels. De vrouw vond het prima en Vonnie constateerde dat zij wellicht ook alleen hier was om de mannen te amuseren. De andere vrouw speelde het spelletje mee en het duurde niet lang voordat haar mond een beetje open viel. Het geheel maakte een sensuele indruk en de spanning liep op. Plotseling stopte Vonnie en liep weg zonder de vrouw nog een blik waardigheid te geven. Het was allemaal tactiek....het scheppen van bewondering, verwarring en ook verlangen.

Het eten arriveerde. Het zakte vanuit het plafond op een schaal naar beneden en landde precies in het midden van de tafel. Tegelijkertijd verschoof of draaide er iets in het tafelblad waardoor borden met bestek naar boven kwamen. Vonnie had niets besteld, maar dat maakte haar niets uit. Eten was alleen een vorm van tijdsvulling. Toch deed ze nog enige moeite om de verwarring te behouden en keek met overdreven aandacht naar de gerechten om een keuze te maken. Ze besloot om het zeegras met garnalen te nemen. 

De keuze was veilig. Ze had al genoeg informatie verkregen in de afgelopen jaren van ongelukkige eters, die de afloop van het diner niet eens bewust konden meemaken. Zelfs kinderen werden soms een prooi voor de sterren-koks. Deze koks, meestal opgeleid in Zuid of Oost gebruiken de meest uiteenlopende ingrediënten om zoals ze dat zelf noemden, het levens-elixer te vinden. Dat elixer, ooit door alchemisten verzonnen in een ver verleden, zou beschikbaar moeten zijn, indien de juiste mix werd gevonden. Het was nooit getraceerd. Nog niet...en daarom was dit nog steeds de meest belangrijkste prijs in het kook-wereldje. Vonnie had al snel geconstateerd dat hier mogelijk een sterrenkok in de keuken stond en kreeg zo enig begrip voor de zenuwachtigheid van de deelnemers aan deze lunch. De chef maakte na Vonnie als eerste zijn keuze en zodoende bleef - naar het idee van iedereen - de meest onveilige keuzes over voor de overige drie. De eerste, de oudste ook van het stel, koos een lams-steak met kruiden. Gevaarlijk, dat wel, maar alleen de kruiden zouden voor gevaar kunnen zorgen en daar leek niet al te kwistig mee te zijn gestrooid. De volgende, een dunne man met opvallende knijp-oogjes twijfelde, maar koos uiteindelijk voor een broodje Zweefvis met extra's. "een riskante keuze", vond Vonnie, want extra's konden van alles zijn. Toch was de jongste van het stel wellicht de klos. Er bleef een groenachtige paddenstoelen-soep als laatste over en met tegenzin pakte hij de kom. Hij bibberde een beetje.....

Nadat iedereen aan het eten was geslagen - de drie met tegenzin en zonder haast - begon de chef met datgene wat hij wilde vertellen. "Jongens", zo begon hij en verontschuldigde zich bij Vonnie.

Ze reageerde niet.

"Jongens, we zijn veel bits en data kwijt geraakt en dat neem ik jullie kwalijk. We hebben het er eerder over gehad. De man schraapte zijn keel en keek een ieder afzonderlijk even aan. Het leverde winst voor de chef op, want alle drie keken ze snel naar hun bord of kom. "Zodoende........Jullie drie - hij wees ze aan - jullie..... moeten iets verzinnen. Iets bijzonders waardoor ik weer winst kan maken. Ik hoop op jullie bijdrage en de tijd die ik daarvoor beschikbaar heb, gaat nu in". De chef leek nog vriendelijk, maar de boodschap was ijs-helder. Er werd een oplossing verwacht van het drietal en wel eentje die de baas voldoende vond. Vonnie trok haar valse wenkbrauwen op en richtte haar aandacht ook op het drietal. Ze had goed ingeschat dat haar werkgever op dit moment, de chef in kwestie was. De drie keken elkaar eerst nogal verschrikt aan en namen voorzichtig nog een hap van het eten, omdat ze niet meteen iets wisten te verzinnen. De scan gaf inmiddels een zweet-top-hoogte aan en dat werd ook zichtbaar. De dunne man had al enkele druppeltjes op zijn voorhoofd en de oudste trok zijn jasje uit. De jongste leek nog onverstoorbaar, maar bibberde met zijn lepel waardoor de soep weer terug in de kom viel.

"Wel blijven eten, he ukkie. Eten en denken". Het ukkie knikte meerdere malen.

"Baas", begon de oudste....."Baas, ik besef dat de tijd moeilijk is, maar......"

Hij kon zijn zin niet afmaken. De chef was opgesprongen, liep rondom de tafel en brulde keihard in het oor van de oudste. Kennelijk was zijn naam oetlul of zuigzwerm, want die namen werden vaak genoemd, constateerde Vonnie. De oude oetlul kromp ineen en het bleef een tijdje stil. Vonnie zag dat de luidruchtige uitbarsting geen effect had op de rest van de bezoekers. Ze keken niet eens op! Vonnie berekende dat de chef, een kern-machtige moest zijn, één met veel macht, veel vrijheid en vooral veel bits. Bovendien een regelmatige bezoeker omdat ook geen enkel personeelslid - als die er al waren - ingreep op de situatie. De chef trok zijn jasje recht en ging weer zitten. Een tweede periode van stilte brak aan totdat een ander aanvoelde dat er toch iets moest worden gezegd.

De dunne man nam deze keer het woord en koos zijn woorden voorzichtig. "Baas, ik heb een idee. We zouden gif uit Zuid als zuivere kokosolie kunnen doorverkopen aan Noord. Voordat ze er achter zijn, hebben wij de bits." De chef knikte instemmend, maar dit knikken veranderde naar een schuddende afwijzing.

"Te lastig. Meestal betaalt Noord achteraf", oordeelde de chef.

Wederom een kleine stilte. De oude man kwam stotterend aan het woord.

"Baas, kunnen we het gif niet dumpen in zee? Dat levert ook bits op. Veel bits, toch?"

"Je hebt gelijk, ouwe, maar de boete op dumpen is veel te groot. Jammer....."

"Heb jij niets te melden, ukkie?". Iedereen keek de jongeling aan en deze voelde uiteraard een enorme druk. Hij liet van schrik zijn lepel vallen. "Geeft niet, ukkie", zei de chef vriendelijk. Hij knipte met zijn vingers en al snel kwam er langzaam een nieuwe schaal naar beneden. Een robotarm nam de kom weg en ruilde deze om voor een chocolade snack. Het ukkie glimlachte - blij als hij was om van de doodenge soep af te zijn - en pakte de snack. Terwijl hij zijn eerste hap nam, vroeg hij zich hardop af of het gif misschien niet ergens in kon worden gestopt. Bananen of zo, was zijn aanvulling, die hem zelfs liet glunderen. Het was wederom muisstil en iedereen keek met de hoop het hart naar de chef. Het leek een goede ingeving. De chef reageerde echter totaal anders. Plotseling bulderde hij het uit van het lachen en alle drie deden ze snel mee. Plotseling plofte er iets aan tafel en een gorgelend geluid overstemde al snel het gelach. Verschrikt keken de deelnemers naar de richting waarvan het geluid vandaan kwam. De jongeling rolde met zijn ogen en een groot gat in zijn keel maakte ook duidelijk wat de plof had veroorzaakt. Vonnie registreerde met een afstands-scan een afwezigheid van een hartslag. "Nitro's", berekende Vonnie. Een gevaarlijk goedje dat werkelijk overal in kon worden verstopt. Ze wilde opstaan om de afschuwelijke setting te verlaten, maar kreeg geen toestemming. De chef wees nu naar haar.

"Blijven jij......ik ben nog niet klaar. Ik verwacht ook iets van jou. Ik heb niet voor niets zoveel bits betaald."

Het maakte haar even sprakeloos. Een dergelijke situatie had ze nog nooit meegemaakt. Bovendien was ze - naar haar eigen berekening - getuige van een voorop gezette moord. Ze knipperde met haar ogen en probeerde een uitweg te vinden.


Balanceren.


"Ik wil eerst even rekenen, als u dat goed vindt?", zei Vonnie in de hoop wat tijd te winnen. De chef ging akkoord en gebaarde met zijn arm. Het ronddraaien van zijn vinger was voldoende om een aanzet te geven tot het opruimen van de "rotzooi". De overige twee keken nog steeds met verbazing naar de ongelukkige jongen, die met open ogen in zijn eigen bloed lag. Vonnie besloot te gaan dansen om geen getuige te hoeven zijn van het opruimen. Snel liep ze naar de jonge vrouw, die nog immer op de dansvloer stond. Die maakte nog steeds dezelfde bewegingen en pas toen drong het tot Vonnie door dat ook zij een real-borg moest zijn. Ze probeerde digitaal contact te leggen, maar er kwam geen enkele reactie. Ze leek "min of meer" dood. Een snelle scan bevestigde dat er niets menselijk aan deze vrouw was en ook dat er geen buitenlichamelijke impulsen waren. Vonnie rekende en scande en na enkele sifa-seconden kwam de uitslag op haar licht-sensor. "Real-borg, automatische pilot-modus". "Niets meer dan vulling van de dansvloer dus", constateerde Vonnie. Ze keek naar de overige bezoekers en zag direct dat er ook iets met hen aan de hand was. Allen zaten nog steeds in dezelfde positie als bij binnenkomst. "De hele zaal is nep", berekende ze.

Vonnie werkte even naar een tijdelijke oplossing en begaf zich weer naar de tafel toen duidelijk was dat de opruiming was geslaagd. Bij haar terugkomst zag ze dat er niets meer terug te vinden was van de tragedie die zojuist had plaats gevonden. Behalve dan op de gezichten van het tweetal. Ze waren in shock en keken angstig in haar richting. Gelukkig had ze een idee.

"Beste eh......baas. Er is altijd een weg om snel geld te verdienen en vooral diegenen die - zoals ik heb gemerkt - geïnteresseerd zijn in bepaalde stoffen", begon ze. De chef ging even verzitten.

"Vertel Ik luister".

"Nou, zoals je weet is er de afgelopen jaren, eeuwen eigenlijk, veel gedoe geweest in het Midden-Oosten. En, als ik eerlijk ben, is dat zacht uitgedrukt. De mens heeft daar de situatie behoorlijk...eh...hoe zeg ik dat?....verknalt. Ja, verknalt, letterlijk. Jeruzalem is een dode stad nabij de dode zee. Gaza bestaat niet meer en Damascus evenmin. Toch is daar veel geld te verdienen." Ze stopte even om de aandacht van de chef te peilen.

"Ga verder. Ik ben interesseert."

"Oke, nou, vrij recent is er weer een verzoek uitgegaan om de tonnen VX die daar nog liggen, op te ruimen. Uiteraard tegen een flinke vergoeding van de VN. Niemand wil die klus doen en dat is al jaren zo. Geen land ter wereld en ook geen enkele maatschappij tot nu toe. Doe een aanbod en het werk is binnen."

"Klinkt goed, maar wat is VX?", vroeg de chef. De onwetendheid irriteerde Vonnie dus ze besloot om haar idee in kleine brokjes te vertellen.

"Laat ik je wat over VX vertellen, dan begrijp je het beter. VX ofwel Di-isopropylamino)ethyl-methylfosfonothiolaat is een krachtig zenuwgas en wel één van de meest gevaarlijke ter wereld. Het is gebruikt in diverse oorlogen en ook om tegenstanders van een regiem uit te schakelen."

"Ga verder".

"Het opruimen is extreem gevaarlijk en kan alleen door middel van gespecialiseerd personeel. Mijn idee.....koop een chemische fabriek, die feitelijk niet bestaat. Data-sites, rapportages en jaarverslagen aanmaken met valse foto's en documenten en meldt het bedrijf aan bij een kleine Kamer van koophandel in Oost. Doe een schriftelijk aanbod bij de VN. Je krijgt het werk met zekerheid, want je bent de eerste die het durft, let maar op. Vraag dan een voorschot aan en wel een flinke, omdat je nog wat veiligheidsmaatregelen moet doen. Nou ja.....dan heb je die bits al binnen." De baas knikte.

"Vervolgens koop je een stokoud wit gekleurd vrachtschip en plaats nep-foto's van een gloednieuw wit gekleurd schip op alle economische Data-sites. Stuur later ook wat nep personeel in witte overalls naar de opslagplaatsen en doe vooral net alsof je aan de slag gaat. Voor mij part pomp je lucht over naar het schip. Niemand durft toch in het ruim te kijken, want dat is zeer gevaarlijk." De chef knikte nogmaals.

"Vraag een tweede voorschot aan vanwege "vage onvoorziene kosten" en ook die krijg je met zekerheid. De bits en data's die je ontvangt, kan je - voor zover mijn systemen kunnen berekenen - nog steeds probleemloos overzetten naar een bit-bank op de Corrona-eilanden, je weet wel, de zelf gemaakte eilanden van Oost in de Chinese zee. Vanaf dat moment zijn je bits en data's veilig en verdwijn je. De VN merkt pas veel later dat er niets is gebeurd met het gas, maar dan zit je al fijn ergens op een zonnig eilandje. Tevreden?"


Overwerk




Een thuis is een afgesloten plaats waar je meestal bent, als je niet werkt. Datzelfde gold voor Vonnie. Ze keerde na haar werk snel terug naar haar thuis, een verblijfplaats op niveau achttien. De baas had ze tevreden achtergelaten. Hij had Vonnie verder ook niet meer nodig, want de jonge real-borg op de dansvloer viel ook onder zijn "bestelling". Terwijl ze wegging hadden de twee overgebleven mannen, de oude en de magere, haar verbijsterd aangekeken. Ze snapte het wel. Haar idee was niet alleen simpel, maar ook voorzien van een garantie. Iedereen wist hoe de UN werkte. Langzaam, nog eens langzaam en meestal met een zeer gebrekkige controle. De simpelheid van het idee zou zorg dragen voor succes, omdat niemand verwachtte dat iemand op de hele wereld zo een gedurfd plan ter uitvoer zou brengen. Vonnie had de chef bij haar afscheid nog gepeild en scande bij hem een grote hoeveelheid testosteron en endorfine, beiden gelukshormonen in diens bloed. Ze wist genoeg en berekende een vijfenzeventig procent kans op werkelijke uitvoering. Ze besloot om dit onderwerp in de gaten te houden. Niet voor haar plezier, maar gewoon.....het vloeide voort uit haar brein en zodoende had ze binding met het idee. Professionaliteit noemen de mensen deze binding. Dat het een verachtelijk idee was, interesseerde haar geen druppel olie. Ze deed gewoon haar werk, al was het deze keer wel anders verlopen, dan bij een normale opdracht. "Moeten de mensen maar betere regels ter controle opstellen", vond ze ook. Terwijl ze genoot van een kop warme th-olie bracht ze een kort verslag uit aan haar werkgever, uitzend escort - real-borg.

16.10 - Vonnie; tijdsduur 82 minuten. Plaats afgeschermd, niet relevant. Geen contact, alleen sfeerverhoging, geen bevuiling, geen bijzonderheden.

Vonnie las het bericht nog eens na. Ze rekende nog een keer en bleef bij de tekst. Een moord was zeker aan de orde geweest, maar ze vond het meer een "intern werkgerelateerd" ongeval. Ze wist niets van de jonge knul en mogelijk was hij iemand die deze straf zelfs verdiende. Inmenging achtte ze bovendien te gevaarlijk, omdat de plaats van handeling feitelijk onvindbaar was. "Deze moord is voor de sector-ordedienst, als ze het lijk vinden." Ze dronk nog een th-olie en nam plaats in een luierings-stoel. Hoewel deze stoelen eigenlijk alleen voor mensen waren bestemd, vond ze het gevoel van zweven erg fijn. Ze keek naar buiten maar ze kon niet genieten van het uitzicht. Zelfs niet nu de zon onderging en de neon-verlichtingen op sterkte begonnen te branden. Ergens binnenin haar brein ontstond de eerste kleine kortsluiting. Gelukkig werd de storing snel opgelost, maar haar systeem typeerde de storing toch als zorgelijk. Ze besloot om het gebeuren van vandaag nog eens opnieuw te bezien. Ze rekende alles nog een keer na, maar zag geen fouten in haar eigen optreden. Ze had gedaan wat de koper had gewenst, een idee geven om bits en data te verdienen, meer niet. De dood van de jongeling was niet haar fout. De moord kwam uit het niets en was kundig voorbereid door - met een waarschijnlijkheid van zevenennegentig procent - de chef. Hij had het teken gegeven, dat was het bewijs. Toch knaagde er iets van binnen en haar systeem schreeuwde enige tijd later om meer informatie om verdere storingen te voorkomen. Ze moest aan de slag. "Dat wordt overwerken dus". Ze informeerde haar zoek en hack-systemen en deze gingen met volle aandacht op zoek naar informatie.

De eerste informatie was binnen vier atlas-minuten gevonden.

Vermist; Jim Burakka, 22 jaar, mens. Laatst bekende adres; PostVIII-13, niveau 3. 

Ze was niet verrast. Vermissingen van jonge mensen waren aan de orde van de dag. Vaak ook bewust door de familie opgevoerd om belastingen en stadsplichten te voorkomen. Wat ze ook wist was dat dergelijke jongeren meestal belandden bij criminele organisaties. Hoe dan ook, deze informatie gaf geen rust aan haar systemen. Ze zocht verder en dieper.

De volgende informatie was vreemder en ook meer verontrustend. Het kwam uit een hoek die ze niet had verwacht en daarom liet ze een extra check uitvoeren. Zonder resultaat. Haar systeem bevestigde de gevonden informatie.

Vermist: Sandra Burakka, 16 jaar, mens. Laatst bekende adres; PostVIII-13. niveau 3. Duplicaat; Real-borg A1467, uitzendbureau Real-borg Joy.  

Vonnie knipperde met haar ogen. Hier was iets helemaal niet in orde. Een broer en zus, beiden vermist, de één waarschijnlijk vermoord en de ander min of meer aanwezig in de vorm van een Real-borg. "Wat was hier aan de hand? Een wreed en duister plan om deze mensen of de familie te beschadigen? Een wraakneming misschien?" Ze wist het niet, maar het meisje liet haar niet meer los. Haar systeem schreeuwde om oplossingen. Drie kleine kortsluitingen hadden minieme schade aangericht. Nog eenvoudig te herstellen, informeerde haar systeem. Ze berekende verder. Het probleem lag hem in de onzekerheid, dat was wel zeker. "Was ze in staat om de mens Sandra nog te vinden en misschien zelfs te helpen?. Een jong meisje waarvan een duplicaat, een real-borg was gemaakt, dat gaf grote zorgen vooral omdat de real-borg ook bij de bestelling van de chef hoorde. Het duidde op ernstige problemen van het origineel, de mens zelf. En hier drongen de robot-wetten haar tot actie. De wetenschap dat zij - als robot - op de hoogte was van een mens en wel mogelijk in grote problemen. Ze moest haar vinden om de wil van de robot-wet te stoppen. Dit probleem was vaker aan de orde geweest en het was een hardnekkig probleem, omdat het systeem niet wist of de mens nog leefde. De robot-wetten waren zo gemaakt en geinstaleerd dat zelfs bij een vermoeden tot schade aan een mens, er actie moest worden ondernomen. Meestal leidde het tot vernietiging van het robot-brein wegens kortsluitingen, omdat het probleem niet kon worden opgelost. Heel even overwoog ze om haar werkgever te informeren, maar wist eigenlijk al dat dat een nutteloze stap was. "De ordedienst dan?", berekende ze. "Nee, want dan zou ze medeplichtig kunnen zijn aan de moord en dan kon ze zeker niets oplossen". Het betekende maar één ding. Ze moest zelf op onderzoek gaan en proberen het meisje te vinden, dood of levend, dat maakte voor de robot-wetten niets uit.


wordt vervolgd op Hoofdstuk 2.

E-mailen
Map
Info