Ideemachine.nl
                                                                                                 

Verhaaltje 16




Rood en zo


De film, Toy Story 23 boeide niet zo. De hoofdrolspeler Woody had nog maar één been en de helm van Buzz zat onder de krassen, zodat zijn gezicht niet goed kon worden gezien. Ook de gesprekken gingen met moeite, ze kraakten en knarsten en soms was er geen blikje aan vast te knopen. Skittel keek ongeveer een kwartier en gaf aan verder te willen reizen. Even later bevond ons drietal zich weer in de riksja op weg naar de mist.   

De paraplu had zijn werk gedaan. Vlak voordat de mist werd bereikt, had Willem hen toegeroepen om onder de paraplu te gaan zitten. Skittel en Doppeltje volgden de aanwijzing op. Nero uiteraard niet. De mist kwam toch nog vrij onverwachts. Skittel had een dikke wolk verwacht met flarden onder en boven, maar die berekening klopte voor geen blikkie. De mist, niets meer dan een centimeter dikke doorgaanbare schijf van kleine waterdruppeltjes hield alle het zicht vanaf beneden tegen. Je kon er niet doorheen kijken, maar wel doorheen reizen. De paraplu, die uiteraard als eerste de schijf raakte, maakte een mooi rond gat waar Skittel en Doppeltje doorheen konden gaan, zonder kletsnat te worden. Het waren dus Nero´s veren die na de doorgang helemaal onder de kleine druppeltjes zat. Hij schudde zich uit en dat zorgde alsnog voor flink wat druppels op Doppeltje. Die gromde, maar moest er eigenlijk ook om lachen omdat Nero eruit zag als een …..eh... opgeblazen kraai. Nero begon zijn veren te schikken en likte wat druppels op. Na nog een paar keer flink schudden, leek hij weer op een normale kraai. 

Skittel bewonderde inmiddels dat wat boven de schijf lag. Hij opende zijn mond en staarde rondom. Overal waar hij keek, spatte de kleuren in het rond en jawel....ook de kleur rood. Skittel was bijna vergeten hoe mooi deze kleur wel niet was. Mooier dan alle andere kleuren, zo berekende hij, hoewel Nero het daar natuurlijk niet mee eens zou zijn. Ook Doppeltje werd er stil van. Hij zag enorme klimplanten op de muren van de toren, vol met groen bladeren en rode bessen. Hij zag ook kleine platformen met een bed van bloemen in alle kleuren, de ene bloem nog mooier dan de andere. De gehele omgeving was er ook rustiger. Hoewel de meeste banen naar één toren schenen te leiden en het daar best wel druk was, zag Skittel ook ander verkeer, maar die gleden of raasden veel langzamer dan beneden de mist. Het leek hem eerder pleziertochtjes dan dat ze werkelijk ergens heen moesten. 

"Nou, hier is jammerlijk veel rood", kraaide Nero. 

Doppeltje keek de vogel aan en blafte snel dat bloed ook die kleur had. Nero ontving die boodschap met plezier. "Ja, rood bloed. Eh...ook mooi, maar....niet zo mooi als zwart", kraaide hij terug. 

Skittel hield zich niet ermee bezig. Hier zou vast wel ergens de rode hoed verstopt zitten en dat maakte hem een beetje aan de kook. Zijn olietemperatuur liep een beetje op en Skittel berekende dat hij liever wilde dat deze tocht niet snel ten einde zou komen. Toch ging de riksja slechts in één richting. Het eindpunt op de hoogste toren. Maar zover was het nog niet, dus speurde Skittel naar allerlei bijzonderheden om te leren. Iets verderop raasde een kleine razer met twee mensen erop. Het leken hem jonge mensen en die berekening klopte. Hij zag ze zoenen, vlak bij een platform vol met rode bloemetjes in de vorm van een hartje. Bij het raadplegen van zijn woordenboek kon hij dergelijke bloemetjes niet vinden. Aan de andere kant trof Skittel een prachtig versierd lucht-bootje aan. In het midden van de boot stond een groot hart en daarnaast een jong stel mensen. 

"Die gaan trouwen", Skittel verduidelijkte Willem. Skittel bekeek het lieflijke gebeuren. Rondom de boot vlogen kleine engeltjes rond en ze hielden een pijl en boog vast. "Als een pijl je raakt, wordt je verliefd, Skittel", voegde Willem toe. 

"Waarom is dit hier, Willem?", vroeg Skittel. 

"Nou Skittel, dat kan ik je uitleggen. Beneden onder de schijf van mist, is de wereld niets meer dan een omgeving waar maar één ding voorop staat... werken (en ping verdienen). Wie niet werkt kan alleen onder sector A wonen en daar is geen zonlicht. Hoe dan ook, er is in de stad geen ruimte voor het mooiste op aarde, de liefde. Gewoon...omdat de mensen er geen tijd voor hebben. Ze moeten werken. Daarom hebben de mensen besloten om hier boven, de mooiste plek van de stad te maken. Iedereen die genoeg werkt en ping heeft kan hier komen. Meestal zijn het stelletjes die verliefd willen worden of de wat oudere mensen, die een vakantiedag hier houden, snap je".

"Maar dat is toch zielig voor mensen die geen ping verdienen?", vroeg Skittel en hij zette een groot vraagteken op zijn voorhoofd. "Eigenlijk is het zielig voor alle mensen", voegde hij toe. "En nu ik eens goed bereken. Alleen maar werken en werken, dat kan toch niet de bedoeling van het leven zijn? Dan zijn mensen bijna gelijk aan robots."

"Mee eens Skittel, maar er is niets aan te doen. Er zijn ongeveer honderd mensen op de aarde die alles kunnen beslissen en zij hebben besloten dat ping verdienen nu eenmaal moet."

"Waarom kunnen zij alles besluiten?"

"Omdat zij enorm veel ping hebben". 

Skittel krabbelde op zijn hoofd en rekende verder. Hij berekende ook de vraag of de Burgemeester in zijn dorp ook zo iemand kon zijn, maar dat zou Willem vast niet weten. Skittel besloot iets anders op te merken. 

"Maar er zijn zoveel mensen...die kunnen toch met zijn allen iets anders verzinnen?"

"Wat dan?", antwoordde Willem.

"Nou, ze zouden toch gewoon anders kunnen beslissen. Er zijn hier toch veel meer mensen dan die stomme honderd?", zei Skittel in het volste vertrouwen dat hij het goed had berekend. 

Willem schrok en knipperde snel met zijn ogen. "Ssssst", siste hij. "Dat mag je niet zeggen, Skittel", zei Willem op zijn zachtste toon. "Dat is gevaarlijk. Ik hoop maar dat de vrouw hierachter dit niet heeft gehoord, want anders beland je dadelijk in de blubber-kelder van de stad", fluisterde hij in het oor van Skittel. 

Skittel knikte. Hij berekende zijn fout. 

Het gesprek met Willem bleef helaas zijn olie temperatuur verhogen en dat mocht niet te lang duren. Skittel berekende dat dit probleem moest worden voorgelegd aan zijn diepte-systeem. Het ging immers nu ook om zijn gezondheid. De diepte-vragen die hij stelde was deze: "Moet ik hier ook een opdracht van maken? "Alleen maar werken en werken voor mensen, is toch ongezond?" Hij voegde tot slot er nog aan toe dat de robotwetten hem de opdracht gaven om voor elke mens te zorgen, dus ook voor de mensen hier in de stad en zeker die onder de sector A leefden. 

Het antwoord kwam onverwachts snel. "Skittel, als je niets kan doen, dan moet je het probleem loslaten". Skittel berekende dit antwoord en inderdaad....hij zag niet wat hij hier aan kon doen. Hij liet het probleem pardoes los en richtte zich weer op zijn eigen opdracht; zoek de rode hoed. Skittel registreerde meteen een verlaging van de olietemperatuur. 

Hoe dan ook...de opdracht leek na enkele minuten ook opgelost. Aangekomen bij de hoogste toren, zag hij een bordes vol met een bijzondere paarse bloem met een rode stip in het midden. Willem gaf hem een hint, knipperde met zijn ogen en Skittel ging even naar Wikipedia. 

"De Rode zonnehoed, een plant die mensen met een ziekte aan de longen kan helpen. Gebruikt in de 21e eeuw als een medicijn tegen een vervelend virus. Tegenwoordig wordt de plant geplaatst om de lucht zo zuiver mogelijk te houden". 

"Aha...nu snap ik de opdracht en ook waarom. De lucht is inderdaad hier erg schoon", riep hij tegen Doppeltje en Nero.

"Uh, Uh"....blafte en kraaide het tweetal die nog steeds geboeid naar de vliegende bootjes keken. "Wat bedoel je Skittel", vroeg Doppeltje. 

"Nou, let op. Die bloem daar....Dat is de rode hoed. We hebben de opdracht gehaald, goed he?", zei hij met snel knipperende ogen. Nero schudde zijn hoofd. "Een hele afschuwelijke reis om een stomme bloem te zoeken.....verschrikkelijk", kraaide hij. Doppetje was wat aardiger. "Wat nu, Skittel? Krijgen we een prijs? Ik wil een bot, dat weet je". 

Er kwam echter geen prijs en dus ook geen bot. Doppeltje jankte eventjes totdat Nero op zijn koppie...nou ja, je weet wel. Het gevolg was een bras en ren-partij tussen de hond en de vogel. Nero won uiteraard, want hij kon vliegen, stak zijn tong uit en ging rustig zitten op een paaltje. Doppeltje sprong en sprong totdat zijn tong bijna op de vloer lag. Skittel moest hem stoppen. Willem bekeek het drietal en verwonderde zich. Dat Skittel sprak met deze beesten berekende hij als abnormaal. Intussen kwam de vrouw met de twee robots eraan. Ze legde uit dat Skittel niets meer dan een tijdelijke stad-ster was. Zijn reis naar boven werd gevolgd door ongeveer 34.000 mensen en 15.000 robots en kreeg het cijfer 9,5, zo vertelde ze. De vrouw was er blij mee en nam afscheid. Skittel begreep er niets van.

"Eh, beste mevrouw. En wat nu. Laat u ons hier achter of zo?" De vrouw glimlachte zo vriendelijk mogelijk, maar haar antwoord was ijskoud. 

"Je hebt geen vergunning voor langer verblijf in de stad. Je mag op de top daar één keer een reisvoertuig uitkiezen en vertrekken, Duidelijk zo, beste robot, Doei." Skittel keek ze na en daar stond ons drietal. Willem zat al in zijn riksja en zwaaide nog even. 

"Dag, Willem. Fijn je te ontmoeten", fluisterde Skittel.   

wordt vervolgd op 17.     

E-mailen
Map
Info