www.ideemachine.nl (Robots&Zo)
                                                                                                 

TTTT W-7

De kunst van het ontsnappen.

 

Jack opende zijn ogen en zag een onwaarschijnlijke warboel naast hem. De RB lag ondersteboven en één van haar loop-tentakels begon bij zijn heup en eindigde in zijn nek. Een halve grijp-tentakel botste keer op keer tegen zijn borst. Er was ook een vreemd geluid hoorbaar. Het zoemde en had een bepaald ritme wat gelijk liep met het botsen van de grijp-tentakel. Hij keek naar beneden, rechts naast zijn schouder en zag een robot-hoofd. De blauwe kleur van de streep over het gezicht bracht hem terug in zijn herinnering aan de confrontatie. Onmiddellijk besefte hij het gevaar en keek verschrikt naar links en rechts. Er brandde ergens een vuur, flink ook, maar het baarde hem geen zorgen. De rook daarentegen begon al flink in zijn longen te kriebelen en dat was wel zorgelijk, temeer omdat hij zich niet kon bewegen. Het botsen ging onverminderd door.

Skype had zich nabij het ongelukkige tweetal gevoegd, maar hield zich nog even schuin. De rook was voor RB's namelijk helemaal geen probleem en hij berekende of de mens snel zou stikken. Dat was niet zo, omdat de ventilator bovenin ook nog werkte. Geen sproeisysteem, wel ventilatie....."Vreemd", vond Skype en hij zag een aantal onderzoeken naar hoe zoiets toch mogelijk was, al voor zich op de holo-visie. De man bij Vonnie kreunde en probeerde iets te doen aan zijn benarde positie. Dat lukte niet en de reden was simpel. Vonnie's loop-tentakel zat tussen de muur en het brede blad waardoor alles knelde. De schoep duwde keer op keer, aangedreven door de motor en dat veroorzaakte het botsen. Hij vloekte en trok zonder resultaat aan de tenakel. Een eerste wanhoops-schreeuw denderde door de ruimte, gevolgd door andere scherpe schreeuwen vanuit de kamers. Enkele mannen liepen half gekleed snel naar de trap en verdwenen zo snel als ze konden. Een paar vrouwen, sommige nog meisjes volgden, maar het was al te laat. Het vuur had de trap bereikt en verspreidde zich snel omdat enkele gordijnen van de kamers werden geraakt. Dat was het moment om in te grijpen voor Skype, want hij berekende een spelling van enkele mens-minuten voordat alles vlam zou vatten.

Het bracht Skype in een gevaarlijke berekening, analyse en oplossings-advies. Er moesten keuzes worden gemaakt en snel. Skype voelde een storing aankomen, omdat dit probleem wel erg complex was in verhouding met een simpele keuze volgens één van de robot-wetten. Skype besloot hulp te vragen en wel van Vonnie. Snel liep hij naar haar toe en schudde met zijn grijp-tentakel tegen haar hoofd. Er gebeurde niets, behalve dat Jack hem aansprak. Skype focuste zich even op Jack, maar louter om te controleren of hij een gevaar kon zijn. Een snelle scan berekende dat hij geen gevaar kon zijn. Vonnie kermde, nee....brabbelde een beetje. Een teken van interne controle-acties. Skype knipperde hoopvol met zijn sensoren en seinde intern naar haar. Jack intussen, riep Skype aan en gebood hem te helpen. Een nieuw dilemma. Een mens in gevaar.

"Hij is geen mens, Skype.....het is een monster", seinde Vonnie tot grote opluchting van Skype.

"Je hebt gelijk. Ik haal je hier uit en dan kunnen we samen proberen met mensen, die wel mensen zijn, te ontsnappen. Ik geloof dat ik wel weet hoe dat te doen", seinde hij terug.

"He, flinke jongen. Ik moet haar eerst los maken, oké?". Jack verbeet de pijn en sommeerde hem eerst te doen. Het mocht niet baten. Jack reageerde niet op zijn bevel en duwde voorzichtig tegen de tentakel van Vonnie. Die verschoof een beetje. Skype duwde door.

"Luister, Vonnie. Zo dadelijk ben je los, maar je moet....je moet vóórdat de schoepen verder gaan, onderuit zien te komen. Als het eenmaal weer draait, dan ben je te laat. Heb je dat begrepen?....Gaat het je lukken?". Vonnie knipperde éénmaal met haar lichtsensor. Skype begon te duwen. Naast hem begon Jack te brullen.

"Hoezo doordraaien.....He...Robot....en ik dan?", stamelde Jack. Zijn ogen werden groot en de pupillen evenzo waardoor hij het uiterlijk kreeg van een wild dier. Speeksel liep uit zijn mond en toen....toen ging het snel.

Met een plof schoot de tentakel van Vonnie los en ze viel een klein stukje naar beneden. Skype greep onmiddellijk naar haar grijp-tentakel en trok ze omhoog. De actie was echter onnodig. De schoep maakte een schok en stopte toen. Vonnie kroop naar boven en stortte zich in de tentakels van Skype. Jack gilde inmiddels en zag dat de schoep beetje bij beetje doordraaide. Plotseling veranderde de kleur van Jack's gezicht, Het werd eerst rood, daarna donkerrood en vervolgens blauw. Hij opende zijn mond, maar een verder gillen bleef achterwege. Het kon ook niet anders, want vanuit de keel kwam de maag naar boven, gevolgd door enkele eerste darm-onderdelen. De mond van Jack spreidde zich open om de inhoud van zichzelf te laten ontsnappen. Het was het tweetal onduidelijk of Jack al dood was, maar wat er daarna gebeurde, trok zodanig hun aandacht dat ze vergaten om snel daar weg te gaan. Tergend langzaam begonnen de oogbollen hun kassen te verlaten en uiteindelijk ploften ze eruit. De maag en de gehele slokdarm hingen op de borst van Jack en er volgde nog meer. Het eindigde met een ferme klap. Het moment dat de schoep doordraaide. Het slappe lichaam zakte naar beneden. De volgende klap was hard genoeg om het hoofd te scheiden van de romp.

"Dat was inderdaad geen mens Vonnie....Kom op. We moeten weg hier". Skype trok vonnie mee, maar dat lukte niet. Een snelle scan zorgde voor een andere actie en voordat Vonnie het wist, hing ze al een pop op de brede schouder van Skype. 

Hmm....Het is de verteller voor te stellen dat de lezer vragen heeft over deze verloren ziel. Laat ik eerst wat helder stellen.

Jack was natuurlijk niet altijd boos en gefrustreerd, een houding die leidt naar agressie en maatschappelijke nutteloosheid. Ooit was het een vriendelijk mannetje, totdat er iets in zijn lever gebeurde, wat hem voor altijd veranderde. Jack had geen moeder gekend. Gestorven in het kraambed, iets wat feitelijk nooit meer voorkwam op Aarde. Maar dat was nu net het probleem. Jack's geboorte vond plaats op de vierde Maanbasis. Een geavanceerd station, dat wel, maar niet goed genoeg uitgerust voor een geboorte. Het was ook niet zo gepland en gebeurtenissen in een leven zijn altijd het gevolg van de wet van oorzaak en gevolg. In dit geval een kapotte transzender, die nodig was om data- en bit-rapportages te verzenden naar Aarde. De moeder van Jack werd aangesteld om ondanks haar zwangere status zich te verplaatsen van station Alfa naar het vierde station (er was nog geen naam bekend, omdat het nog maar net in werking was gesteld). Anna (zo heette ze) wilde eerst niet, maar ze was de enige die het kon repareren. Aldus volgde er een gevaarlijke en moeizame reis over het maanlandschap en dat kwam niet ten goede aan haar gezondheid. Zwaar vermoeid kwam ze aan op de basis waar ze vernam dat het defect één uur voor haar komst was hersteld. Ze baalde ervan en raakte zelfs een beetje in paniek. Het was genoeg om de geboorte te activeren en dat zorgde voor nog meer spanning. We kunnen natuurlijk uitgebreid de ellendig verlopen geboorte vertellen, maar dat doen we maar niet. Hoe dan ook....Anna stierf nog dezelfde dag. Met spoed werd er een transport geregeld vanuit Aarde, wellicht ingegeven door het gevoel van schuld. De operatie om Jack te redden was groots en zeker niet een garantie dat het zou lukken. Het lukte gelukkig wel en zo kwam Jack enkele dagen na zijn geboorte op Aarde aan. Zijn vader volgde snel daarna.

Jack werd min of meer opgevoed door zijn grootouders en hij kreeg dan ook een uitstekende band met hen. We hadden het over oorzaak en gevolg, dus een verder ongeluk kon niet uitblijven. Wat er precies gebeurde is onduidelijk en daarom ook nooit goed opgelost, maar op een dag in november, Jack was zeven jaar oud, hoorde hij een gil vanuit de keuken. Jack rende in de richting van het geluid en wat hij toen zag, heeft zijn leven vergoed veranderd. In de keuken stonden Flitstrom, de realborg samen met zijn opa en ze keken verbijsterd naar het lichaam van oma op de grond. Ze bloedde hevig en gorgelde haar laatste onverstaanbare woorden. Het laatste teken van leven was een vinger die ze richting haar echtgenoot stak, als teken van afscheid. Jack begon te krijsen en de wanhoop sloeg op hem neer. Al snikkend viel hij op de grond en bevoelde de wond van oma. Ze was gestoken en iets later realiseerde Jack datgene wat hem vanaf dat moment veranderde. Naast opa stond de realborg met een bloedend keukenmes in zijn tentakel.

De afloop was duidelijk, althans voor toen. Opa vertelde de regio-politie dat de realborg uit het niets de arme vrouw had gestoken. De realborg zei helemaal niets en dat bleef zo totdat hij werd vernietigd. Toch had de politie twijfels. Er werden geen bijzonderheden gevonden in het interne systeem, behalve een korte periode, die was gewist. Waarom dat zo was, kon niet worden achterhaald. Ook een robot-psycholoog wist niets uit de realborg te halen, louter omdat hij weigerde te spreken. De zaak werd afgedaan als een mysterieus gebeuren en stil gehouden om geen paniek onder de bevolking te zaaien. Jack echter verbitterde tot op het bot en op een dag...op een dag in november, besloot hij om alle realborgs te vernietigen. Het maakte hem een pester op school, een dierenmishandelaar en tot slot een moordenaar van onschuldige realborgs.

De kunst van het ontsnappen, deel II

 

Skype rende met Vonnie op zijn schouder naar een rood-kleur-plaats, factor 4. Deze matige factor leek voldoende om langs te ontsnappen. Andere delen gaven al een factor 7 en 8 aan en dat zorgde voor paniek bij de overige aanwezigen. Vooral de meisjes en jongens in de kamers gilden en sloegen inmiddels met gordijnen zowel rook als vlammen van zich af. Skype scande de omgeving op zoek naar een uitweg, maar dat vergde meer tijd, omdat hij de gehele verdieping niet goed in beeld kreeg. Intussen liep de rood-kleuring op. Skype liep verder om een beter zicht te verkrijgen, maar het was nutteloos. Plotseling analyseerde hij een mogelijkheid en scande van links naar rechts om verdere gegevens te verkrijgen. Het analyse-systeem hield vast aan de berekening. Het was een mogelijk, maar wel een moeilijke. Het dilemma was eenvoudig van aard....schade oplopen, vluchten en klaar of schade oplopen, helpen en daarna misschien vluchten.....Skype's eind-systeem berekende - ondanks de robot-wetten - de eerste mogelijkheid. Een unicum in zijn bestaan en wellicht een unicum in het bestaan van alle robots.

Vonnie....we gaan. Het kan.", seinde hij intern. Onmiddellijk kreeg hij een signaal terug. Het was een nood-signaal en die kon maar van één robot afkomstig zijn. "Simsalabim", fluisterde Skype en hij vloekte erachteraan, omdat zijn systeem opnieuw een analyse vormde. Het kostte wederom tijd en de rood-kleurings-factor liep verder op. Enkele hipsi-seconden later kwam de uitslag.

"Weigeren", flitste op in zijn lichtsensoren. Skype verzette zijn tentakels in de richting van wat een trap leek en plotseling verscheen een nieuwe situatie met betere mogelijkheden. Vanwege de rookwervelringen was een kleine doorgang gecreeerd en wel precies bij de trap die naar de kamers leidde. Iets verderop was een nooduitgang, die ongelukkigerwijze vanzelf was geopend. De zuurstof zorgde voor extra hitte. Skype nam een groot aantal jonge mensen waar, huilend en geschokt, omdat zij niet bij de nooduitgang konden komen. Skype rekende en plots...plots was daar de ingeving die nodig is om uiteindelijk tot een held te worden uitgeroepen. Skype legde Vonnie op de grond en verdween in de rook. Na slechts een difco-minuut  keerde hij terug met een jammerende Simsalabim aan zijn zijde. Het jammeren was oprecht, want Skype sleurde hem mee en wel zodanig dat zijn loshangende hoofd op en neer botste. Hij zette de arme robot recht voor de trap. De volgende stap was even simpel als geniaal. Simsalabim begon te krijsen, maar dat hielp hem niets. De grijp-tentakel van Skype verdween via het open gat op zijn skelet naar binnen en kwam buiten met een blauwe slang. De slang opende zich met een snelle beweging van één van de vingers op de tentakel en een blauwe vloeistof spoot eruit. Simsalabim gilde nog harder. "Nee, niet de voedings-ader", maar het was voor hem al te laat. Zijn skelet schrompelde ineen en zorgde ervoor dat hij op de grond viel. Skype hield de slang in de goede richting en zijn plan lukte. Voor hem doofde het vuur vrijwel onmiddellijk en Skype zorgde ook voor een vrije doorgang voor de jonge mensen. Even later stonden ze buiten en Skype was zo vriendelijk geweest om ook de slappe Simsalabim mee te nemen. "Je weet maar nooit", berekende zijn systeem.

De tempel brandde af.

wordt vervolgd op W8.

E-mailen
Map
Info