Ideemachine.nl
                                                                                                 

De Laatste Robot, L-19


De val van Rotopia II

15 uur.

(Opgelet....het Robotische tijdschema wordt aangehouden)

Terwijl Tara alles op alles moest zetten om haar schat te behoeden voor vernietiging, liep de spanning bij een tweetal aan de andere zijde van Rotopia op. Eri-Lene had haar tentakels gevouwen in een zekere rusttoestand, maar van een rust in haar brein was geen sprake. Ze piekerde en piekerde zich suf op zoek naar een oplossing. Het denken bereikte keer op keer geen oplossing en maakte haar moedeloos. SSB daarentegen had wel de rust in zijn beide breinen gevonden, maar zijn/haar weergave van een zekere instabiliteit werd geuit door het ijsberen. De aantal keren dat hij/zij op neer was gelopen kon ze niet meer tellen.

Eri-lene bekeek haar omgeving nog eens. De onmogelijkheid van ontsnappen werd vooral zichtbaar doordat de twee muren leken te zijn gemaakt van een harde steensoort, misschien wel marmer. De andere zijden leken evenzo ondoordringbaar. Hoewel de buitenste deur, een massieve oude kerkdeur betrof, had zij door er eenmaal op te bonken al geconcludeerd dat deze enkele tientallen centimeters dik moest zijn. SSB bevestigde haar vermoeden door de deur te meten met een röntgenstraaltje. Aan de andere zijde stond het raster-hek doodstil. Eerst had het nog lang na getrild toen de robot het luik dichtgooide, maar daarna was er geen beweging meer in te krijgen. Het luik zat potdicht en het ophangsysteem van het hek was zo dik als een menselijke pols van een volwassen kooi-vechter. Langs de gladde muren droop water en dat maakte de omgeving nog kouder. Soms droop er een klein straaltje in de nek van Eri-Lene. Het had één voordeel, ze beleef wakker. Even later kreeg ze, zoals vaak tijdens de overgang van wakker naar slapen, een mogelijk nuttige ingeving.

Eri-Lene besloot te gaan krijsen. Iets wat SSB totaal van slag maakte en ervoor zorgde dat het nu zijn/haar beurt was om in een hoekje te gaan zitten. De cyborg - Eri-Lene verhoogde haar stem en had groot voordeel van het robotische gestel onder haar hoofd. Waar eerst de longen zaten, was nu plaats gemaakt voor een doedelzak-vormige blaasbalg en deze had een formidabele kracht. Zo sterk dat de uithaal van lucht wel meer dan twee minuten kon worden aangehouden. Natuurlijk kan een robot zijn gehoor-sensoren uitschakelen, maar dat kon de bewaker van de Westpoort niet. Een verbod, opgegeven door zijn meerdere. Zodoende duurde het maar enkele minuten voordat het luik wederom open ging. Eri-Lene hoopte op een nieuw gesprek in de hoop haar spoed te kunnen overbrengen.

"Luister, ongelukkigen...Ik kan niets voor jullie betekenen. Kunt u alstublieft het geluid uitschakelen. Dank u". De robot keek Eri-Lene aan en knipperde driemaal met zijn licht-sensoren. Het luik ging weer dicht.

Het krijsen vulde de kamer en galmde door richting de overige vertrekken binnen Rotopia. Eri-Lene krijste nu zo hard als ze kon en hield niet meer op.

Het luik opende.

"Beste mevrouw.....wat kan ik voor u doen om dit geluid te doen stoppen. Weet u, we zijn in oorlog en uw schreeuw om aandacht helpt ons niet". Het luik sloot weer, althans bijna want een tentakel hield het tegen.

Wacht....zei SSB op ernstige toon. "Luister naar de schreeuw van aandacht". De wachter twijfelde, maar knipperde een tel later één maal als een teken van goedkeuring onder protest. Hij was al blij dat het krijsen ophield. Eri-Lene pakte haar kans. Ze had de ingeving goed uitgedacht en hoopte op een ommekeer.

"Beste wachter....weet je dat Tara een vriend van ons is?" De wachter schudde zijn hoofd.

"Nou, wachter.....stel je eens voor wat er met je gebeurt als Tara iets overkomt en ze hoort later dat jij.....JIJ....ons niet hebt binnengelaten...."

"Mevrouw....U kunt wel zeggen dat u een vriend bent van mijn meester, maar enig bewijs daarvan ontbreekt.....Weet u, misschien bent u beiden wel spionnen, gelet op uw....eh...zeer menselijke uiterlijk".

"Wij zijn cyborgs". "Maar goed. Anders gezegd dan. Stel je eens voor dat Tara zo meteen de oorlog verliest, omdat wij....WIJ....haar niet hebben kunnen helpen en jij....JIJ wordt door een vechtrobot van de mens gevonden."

"Eh....nou...wat dan?"

Eri-Lene rook haar kans. Ze had beet.

"Nou, beste wachter, de kans bestaat dat ze jou meteen uitschakelen om voorgoed in de vergetelheid te verblijven. Maar dat verwacht ik niet." Eri-Lene hield even stil.

"Nou....ga door...Wat dan....Wat verwacht jij dan?"

"Ehm....ik verwacht....en ik spreek uit ervaring, dat....dat de kans groot is dat jij een onoplosbaar raadsel te verwerken krijgt waardoor je tot in de oneindige aan het rekenen bent. Maar dat is nog niet alles. Ik weet bijna zeker dat dan ook je tentakels worden verwisseld. Je zult de wereld alleen nog maar op zijn kop zien. En dat terwijl je eindeloos moet rekenen. Het kan natuurlijk ook anders".

"Ja.....Hoe dan...vertel"

"Nou, je laat ons vrij binnen Rotopia en dan redden wij Tara en uiteraard zal jij....JIJ....voor eeuwig worden geëerd als de redden van de ultieme leider. Mooi toch?"

De wachter moest minutenlang rekenen en analyseren. Hij kraakte en piepte en soms was een geurspoortje van een kleine storing te ruiken. Plotseling opende hij de deur. De wachter knipperde een volle firo-seconde met zijn licht-signaal en maakte een kleine knik. "86 procent....Dat is toch voldoende?, vroeg hij.

"Natuurlijk, beste wachter. Sterker nog. Wij berekenden 100 procent. Onze dank is groot en we zullen jou niet vergeten".

Het tweetal nam afscheid van de robot met een rotopische knuffel door de schouders één voor één tegen elkaar te houden. Eindelijk....Ze waren binnen en het voelde als een start. Een start op een dodelijk parcours, dat wel.

Het 14e uur

(Het Robotische tijdschema verloopt sneller dan de menselijke tijd)

De route die ze namen werd door het tweetal al snel benoemd als de meest verwarrende ooit. SSB liep voorop, schuifelend en behoedzaam, een must...gelet op de zeer mogelijke aanwezigheid binnen in het gebouw van één of meerdere vechtrobots. Hij/zij volgde op goed geluk - dus zonder analyse - een groene fluoriderende lijn, die niets meer was dan een aaneenschakeling van lichtgevende schimmels. De schimmels hadden een hoogte van 0,1 millimeter en dat maakte het beloopbaar zonder dat er een beschadiging op kon treden. De exactheid van de lijn, kaarsrecht en zonder afwijking maakte dat SSB een eerste verwondering verkreeg als uitslag van een simpele berekening. Met andere woorden, hijzij zou niet weten hoe de Robots dit kunstwerkje voor elkaar konden krijgen. Lange tijd om zich hierover te verwonderen hadden het tweetal niet. Diep in het gebouw klonken harde klappen en soms een afschuwelijk gekraak. Er zou geen deur bestand zijn tegen de kracht van de vechtrobots, zo dacht Eri-Lene. Intern sloot SSB zich daarbij aan in de volle wetenschap dat deze onberekenbare machines lasers en snijders tot hun normale uitrusting behoorden. De groene lijn had zich als eerste bij de poort bevonden en werd slechts éénmaal gekruist door een oranje lijn. Een berekening waarom er pas twee kleuren zichtbaar waren, leidde tot de conclusie dat het gebouw - als alle basiskleuren zouden zijn gebruikt - een grootte moest hebben van ongeveer zes maal Utopia. Eri-Lene wist wat dit exact betekende; Rotopia had de vorm van een ijsberg. Slechts een topje werd zichtbaar en de rest zat onder de grond. Deze conclusie gaf weer een andere onwelkome onzekerheid, namelijk dat het geenszins duidelijk was of Tara nu boven of juist ondergronds zich zou bevinden. Het tweetal besloot de groene lijn verder te bewandelen om meer duidelijkheid te verkrijgen over welk gedeelte het operatie-centrum zou bevatten er vanuit gaande dat Tara toch een soort van verzet zou leiden en dus zeker Rotopia niet zomaar zou opgeven. De groene lijn bevond zich voornamelijk bovengronds aangezien de lichtinval vanuit de glazen wanden niet veranderde. De bovenbouw bestond uit meerdere slingerende gangen en ruimtes met een koepel erop. De drang om naar boven te kijken was te groot, ondanks dat het tweetal feitelijk vooral voor en achter zich moest waken. Elke koepel had iets weg van een oude kerk uit het vorige millennium. Als je goed keek zag je verschillende afbeeldingen van Robots gebrand in het glas. Op het gebruik van kleur was niet bezuinigd, sterker nog de schakelingen van kleur hadden nagenoeg alle facetten van het kleur-palet. Eri-Lene kreeg een afbeelding van een schilderij van Monet in haar gedachten. Bovenin de eerste koepel was de afbeelding van Hendrik K te zien, een wereldberoemde Robot, die zorg had gedragen voor een aanpassing van de rechten van Robots. De vriendelijk ogende robot hield een geschrift boven zijn hoofd en wees met een tentakel op het pamflet. Eronder waren mensen afgebeeld in een gebogen houding. Het schaamtegevoel werd zo duidelijk afgebeeld. Eri-Lene had vernomen van die periode waar de onrust onder robots groeide naar mate ze intelligenter werden met als eindresultaat een kleine vreedzame optocht, geleid door Hendrik K. Zijn beroemde voordracht werd een eyeopener voor de mens en feitelijk waren ook zij blij met de aanpassing. De smet van het verleden - de slavernij-achtige toestand van Robots, kon hiermee ten einde worden gebracht.

De tweede koepel was geheel anders van opzet. Het trotse gevoel werd meteen teniet gedaan door de afschuw van de afbeelding die daar werd getoond. Hoog bovenin de koepel stond XC-1657, een kleine mensachtige Robot, meer een valse cyborg, op een vaste pilaar. Het fijngebouwde robotje, uitgebeeld met een glimlach had niet in de gaten dat achter haar een monster van een vecht-robot in het glas was gebrand, met de reden om haar met één slag te vernietigen. Iedere Robot - en Mens - op Aarde kende deze afbeelding. De gruwelijke daad, de meest onterechte Robotische daad ooit, de vernietiger van de goedwillende en goed-dienende robot. Ze was het boegbeeld van dienstbaarheid, maar ook van naïviteit. Ze had het gedurfd, zo wist Eri-Lene, om de woede van de vechtrobots proberen te matigen door zich kwetsbaar op te stellen in de hoop dat de vernietigers zich zouden bezinnen. Haar daad was net zo moedig als onzinnig gebleken. Snel liep het tweetal verder en wilde niet al te lang worden herinnerd aan het lot wat hen mogelijk ook te wachten stond.

Een verheldering. Robotische eenheden. Aangezien de Robot geheel anders is dan de mens, hebben zij ook een afzonderlijk eenheden-systeem. Zo is de temperatuur niet in Celsius of Fahrenheit weergeven, maar in Rasta, afgeleid van het olie-kookpunt welke te vergelijken is met 180 graden Celsius. Daarnaast is er uiteraard de tijd. Omdat 1 seconde ongelofelijk lang duurt volgens de Robot, is de seconde opgedeeld in een enorme hoeveel eenheden, die alleen voor een Robot zijn te volgen. Er zijn al verschillende versies langsgekomen bijvoorbeeld de Gria-seconde, exact een honderdste deel van een gewone seconde. Mensen-minuten en uren of dagen, zijn voor de mens relatief kort, maar de Robot....tsja, Robot-dagen zijn te vergelijken met mensen-eeuwen en daarom is een Robot-uur qua eenheid veel kleiner gemaakt. Dit alles uiteraard omdat de Robot duizenden malen sneller verbindingen in het brein maakt dan de mens. Ook het metrische systeem heeft aanpassing nodig om ze werkbaar te maken voor een robot. Een millimeter is namelijk erg groot voor het werk-geheugen van de Robot, die werkt namelijk met miljoenste delen van een millimeter. De gegeven uren zijn dus Robot-uren en korter voor een mens van voor een Robot. Laten we zeggen dat 24 uur niets meer is dan enkele mens-uren. Aldus.....menselijk gezien; de werkelijke tijd om in hun opdracht te slagen was kort.    

Tijdens de route viel het op dat alle Robots die ze passeerden zich niet om hun bekommerden. Elke robot droeg een vorm van haast met zich mee, iets wat vooral naar voren kwam in het uitblijven van enige begroeting. Normaal gesproken volgt er bij elke ontmoeting een korte knik of een knippering van een licht-sensor, maar dat bleef dus uit. Zelfs een begroeting door Eri-Lene werd niet beantwoord. Het was SSB die een noodzakelijke actie uitvoerde. Hij stond prompt recht voor een Robot stil en ging niet opzij.

De Robot, een redelijk eenvoudige realborg, fronste zijn wenkbrauwen en vergrootte zijn licht-sensoren.

"Met uw welnemen. Gaat u opzij, want mijn opdracht is belangrijk."

"Die van ons ook, beste ehh.....kunt u zich identificeren?" SSB gedroeg zich totaal anders dan verwacht, temeer omdat uit de interne berichtgeving die de Robot ontving duidelijk bleek dat de Robot voor hem niet gerechtigd was om in Rotopia te zijn. De Realborg raakte hierdoor enigszins van slag.

"Eh....nou ja....wie zijn jullie beiden dan? Identificeer, want anders ben ik genoodzaakt om een fase 3 af te roepen."

"Rustig....wij zijn vrienden van Tara. Bovendien heb ik een hogere status, mocht u dat niet analyseren. Dit is Eri-Lene, een cyborg van de hoogste klasse en ik ben eh....een soortgenoot van Tara. Is mijn uitleg voldoende?"

De Robot rekende en rekende maar kon geen conclusie maken. SSB zag de twijfel in zijn lichtsensoren en was een lichte storing voor. "Luister, beste Realborg. Wij zijn Robots....Rotopia is in gevaar....Tara is in gevaar. Reken mee...als Tara wordt vernietigd dan kan Rotopia niet meer bestaan en dat betekent dat jij ook wordt vernietigd."

"Eh....ik reken mee, maar wie zegt dat jullie niet zijn gestuurd door de mensen? Ik ga hulp vragen hoor, want ik kan het niet berekenen." De Realborg stond op het punt om een intern bericht te zenden, toen een fikse storing zichtbaar werd door een klein rookwolkje uit één van de licht-sensoren. SSB wist genoeg......

"Was dat nou nodig SSB?", vroeg Eri-Lene even later. De Realborg hadden ze kokend van het rekenwerk achter gelaten, ondanks dat ook hij een belangrijke opdracht had.

"Ja, Eri-Lene.....we hebben geen tijd voor een uitleg aan wie weet welke robot. Zijn opdracht was trouwens niets meer dan de bewakers van de Zuid-poort te informeren de poort te openen voor robots die willen vluchten, omdat er vechtrobots binnen in Rotopia zijn. Dat kan ook intern en dat heb ik zojuist gedaan. Om verdere problemen te voorkomen heb ik hem een raadsel opgegeven....en ja eentje die onmogelijk op te lossen is. Jammer voor hem".

"Welke dan...als ik vragen mag?"

"Hoelang is een chinees?....Dat was het...."

Eri-Lene keek een beetje verschrikt naar haar metgezel. "Zacht van buiten, maar hard als peri-diamantsulfatine als het moet", concludeerde ze. 

Het 9e uur.

Een schurend geluid ver bovenin de schacht zorgde ervoor dat Tara's brein veranderde van een stabiel werk-brein naar een zekere aanvals-modus. Niet dat Robots dit hebben, maar ze had het zelf geïnstalleerd, juist voor dit moment. Het was niets meer dan een bijzonder appel op al haar sensoren en controle-systemen. De sensoren werden op de uiterste gevoeligheidsstand geplaatst en alle systemen werden gecontroleerd op maximale uitvoering. Oliedruk in alle pompsystemen, alle verbindings-snaren op scherp en snelle kwantum-verbindingen werden vrijgemaakt voor de meest complexe uitvoeringen. Tara werd uiteraard zo niet een vechtmachine, maar het zou niet gemakkelijk zijn om haar te vangen laat staan haar te vernietigen. Een kat in het nauw, zeg maar.... 

Tara begaf zich op weg naar de schacht. Het laatste wat ze wilde was een directe toegang van een vechtrobot naar haar kraamkamer. Afsluiten van de schacht kon geen optie zijn, omdat - mocht Tara worden vernietigd - de kamer voor altijd ontoegankelijk zou blijven. Tara hield er rekening mee dat zij mogelijk jaren later de kamer zou kunnen betreden en maakte daarom de laatste instructies voor het zorg-systeem in orde. Ze stelde de periode van haar afwezigheid op 32 mensjaren. Haar brein kon geen analyse maken van de periode, want de uitslag van haar berekening lag van 5 minuten tot oneindig; oftewel nooit.....

De deur van de kraamkamer sloot.

Zelfverzekerd liep ze naar voren, de kleine gang in en berekende dat ergens ver bovenin de grote schacht de griezel van alle mensen en robots te vinden moest zijn. Dergelijke wezens roken gewoon waar ze moesten zijn, zo analyseerde ze. Een eerste flitsende blik in de grote schacht bevestigde haar berekening. Recht boven het gat had de vechtrobot positie ingenomen door een viertal loop-tentakels te spreiden. Een beeld van een grote zwarte spin in haar web, verscheen in haar licht-sensor. "Yep.....dit beeld klopt", zei ze intern tegen haar eigen suggestie-systeem. Ze knipperde met haar licht-sensoren. Natuurlijk zou ze nooit kunnen winnen van een dergelijk monster, maar dat hoefde ook niet, berekende ze. Het weglokken van de griezel kon misschien voldoende zijn om de kraamkamer veilig te stellen. Mensen zouden nooit toegang kunnen krijgen, omdat de beveiliging slechts via haar aanwezigheid kon worden uitgeschakeld. Een kwestie van een sleutel in de vorm van persoonlijk Robot-slijpsel, een eigen Robot-DNA. Het goedje was voldoende om de deur nimmer te openen zonder de aanwezigheid van Tara zelf. "Maar was het voldoende?.....Zou de mens het aandurven de deur te forceren met dinamiet-sterexsels....Nee, toch?", analyseerde ze. De kans dat de Aarde zou imploderen in een kernfusie-achtige serie van explosies achtte ze een aannemelijke kans. Niet dat het waar was, maar ze had voldoende digitale informatie in de kleine schacht achtergelaten die dat suggereerde. Enfin....de opdracht was holo-helder....Lok het beest mee, weg van de grote schacht. Een Fase-1 opdracht dus.

De griezel verplaatste zijn loop-tentakels en bevoelde de binnenzijde van de ronde schacht. Al snel schoof één tentakel weg op de gladde wand. Het beest berekende dat hier sprake was van een moeilijkheidsgraad 9A, maar dat schrok het gedrocht niet af. Voorzichtig plaatste het meerdere tentakels tegelijkertijd en zette ze met druk vast tegen de wand. Dat werkte en in een paar drigo-minuten vorderde de tentakels enkele tientallen meters in hun afdaling. Het beest had Tara gesignaleerd en vuurde een laser-straal af naar beneden als een onnodige waarschuwing. De straal trof niets meer dan de grond, spatte uit elkaar en de vonken sloegen Tara om de hoor-sensoren. Tara had niets om mee te vuren en mocht ze wel wapens hebben, dan maakten die geen kans tegen het pantser van het beest. Fero-glistrine-pantser kon alleen nucleair worden verwijderd. (hetgeen trouwens destijds de oplossing was richting de vernietiging van de in het moeras opgeslagen vechtrobot-breinen)

Het besef van een ontmoeting, althans dat betrof de conclusie van meerdere analyses, leek onvermijdelijk. Tara moest een weg zien te vinden voorbij de vechtrobot, iets wat normaliter onmogelijk was om een fase 2 te kunnen voltooien, namelijk het afsluiten van de grote schacht eventueel met het beest erin. Ergens ver boven haar hing een klein touwtje, verborgen in een nis, die in nood de schacht kon afsluiten. Het enige wat moest gebeuren....aan het touwtje trekken en wel door haarzelf, omdat een opsluiting in de schacht met het beest, niet bevorderlijk kon zijn voor haar bestaan. De griezel sloop rustig door en berekende een gevaarlijke, maar nuttige tocht. De meester zou blij zijn met de uitschakeling van Staats-vijand nummer 1. De vechtrobot analyseerde de verdere gevolgen en concludeerde dat een explosieve stijging in de vechtrobot-hiërarchie tot de onbetwiste nummer 1 ook een optie was. Een gegrom ergens uit de diepte van het skelet bevestigde dit en het galmde door de schacht met een langdurige echo.

"SBB...hoorde je dat? Jeetje, wat een duister geluid. Moeten we daar naar toe? Zou het afkomstig kunnen zijn van Tara, nee toch?" ratelde Eri-Lene.

"Het lijkt mij duidelijk een uiting van een vechtrobot, Eri-Lene. Het is juist beter dat we de andere kant opgaan. We moeten juist de vecht-robots uit de weg gaan. Tara zal toch die griezels niet opzoeken, geeft mijn berekening aan. Ze heeft namelijk geen kans. Kom we volgen de blauwe lijn."

Uit de kruipende machine drupte warme olie. Tara zag het en proefde enkele druppels die vlak naast haar waren gevallen. De synthetische olie had het type 32 RDNA en betrof één van de beste oliën die er ooit waren gemaakt. Slechts toepasbaar in geavanceerde exemplaren, omdat deze olie zich kon aanpassen aan elke toepassing die op dat moment werd gevraagd. De olie, niet-organisch van aard had een bepaalde vorm van leven in zich en dat uitte zich in de omstandigheid dat elke verloren druppel terug wilde keren naar de woning, de Robot. Enkele kleine stroompjes van olie kropen omhoog via de schacht en Tara berekende of ze hiermee iets kon. Dat was niet het geval. De druppel spuugde ze weer uit, hoewel deze zich goed op zijn gemak zou hebben gevonden in het skelet van Tara. Inmiddels vorderden de tentakels hun weg naar beneden. De platforms die het tegenkwam, gaven de tentakels een goede grip, al vielen enkele plateaus weg, terwijl het beest dacht dat ze er wel waren. Tara bekeek het tafereel boven haar met een ombuig-scoop uit haar linker licht-sensor en analyseerde geen direct gevaar meer. De vechtrobot had voorlopig nog veel te doen om houvast te houden. Soms slipte een tentakel weg, omdat het dacht zich te plaatsen op een platform, maar die plotseling verdween. Het systeem wat Tara had bedacht, werkt voor haar prima, maar voor elk ander wezen was het een gruwel van een tocht. Een enkele keer, als weer een tentakel misgreep, vuurde de robot een laser af....een frustratie-puls, analyseerde Tara en dat gaf haar te denken. Mocht de robot zich helemaal een weg naar beneden vinden, dan waren de kansen voor Tara voorbij, zo berekende ze. Een uitweg via een andere route was er niet. Ze had eigenlijk de bescherming te hoog ingeschaald. Een fout, concludeerde ze en dat gaf meteen een kleine storing. Ze stelde een vraag aan haar analyse-brein; "Zou ze zich terug kunnen trekken in de kraamkamer in de wetenschap dat ze mogelijk daar voor eeuwig werd opgesloten?" Het antwoord, een dikke nee, gaf slechts één mogelijkheid. Ze moest de strijd aan...in de grote schacht....en wel zeer snel. Tara knipperde met haar rechter-licht-sensor en keek nog eens om het hoekje. De vechtrobot had het moeilijk en moest keer op keer stoppen om een nieuwe stap te kunnen maken. Dit gaf Tara nog even de tijd, een slordige vijf mesta-minuten. Ze benutte de tijd om het beest goed te bekijken. op zoek naar een zwakke plek. Die vond ze niet. Hoewel de scharnieren bij de tentakels en de nek open stonden, kon niets het interne gedeelte beschadigen omdat alle binnenste delen afzonderlijk waren voorzien van een dunnen laaf Ferro-plastics. Onbrandbaar, onvernietigbaar....Ja nucleair, dan wel, maar daar kon ze niet aan beginnen, zo berekende ze. Het skelet, glimmend van de olie en vanwege het gebruikte materiaal, een legering van diamant-gruis en staal, was evenzo onverwoestbaar. De overige kleinere delen, zoals de lasers in de tentakel-toppen zagen er spiksplinter nieuw uit. Tara kon niet eens een roetvlekje waarnemen. Het hoofd daarentegen was - zoals altijd - goed beschermd, maar altijd nog kwetsbaar. Er zat een helm overheen, met een opening voor een interne grijp-tentakel, een vermorsel-ding, een bek vol met tanden kon je het ook noemen. Tara wist zeker dat de bek lang uitschuifbaar en wendbaar zou zijn. Gewoon een extraatje om het beest nog afschuwelijker te maken dan het was was. Elk onderdeel van de bewegende delen droeg een zekere macht van vernietiging bij zich, Het kon knijpen, zagen, laseren, prikken, grijpen, slijpen en vast en zeker ook schuim-verpulveren met het gevreesde Sliprotianium. Tara pufte en er volgden enkele serieuze storingen in haar analyse-brein. Er schoot een tentakel los en het probeerde snel weer grip te krijgen. Er viel Tara iets op.....ze analyseerde het en het conclusie-brein kwam met een verrassende oplossing. Nou ja, oplossing....een kans. Het percentage om te slagen werd op 35 gezet. Een kleine kans dus.

Tara wachtte niet langer, maakte haar systeem gereed en sprong de schacht in. Als het zou verlopen als ze had berekend, moest ze met één ding rekening houden. Haar batterij. Als de energie op was, zou ze vallen en zeker worden vernietigd.

De eerste laserstraal schoot vlak langs haar heen en knalde op de grond uit elkaar. Het beest gromde en vuurde nogmaals. Het had geen zin. Het kleine geval, de vijand daar beneden kon zich sneller verplaatsen dan het richtsysteem van zijn laser. Het beest stopte met vuren en gebruikte zijn krachten om verder naar beneden te klimmen. Hoe kleiner de ruimte tussen hen werd, des te minder tijd de kruimel daar beneden had, zo berekende de griezel. En dat klopte. Tara moest veel van haar krachten gebruiken om van plaats te verwisselen, maar ze moest nog even wachten om een maximaal resultaat te behalen. De gruwel kroop door en het hoofd sloeg van links naar rechts. Flinke klodders olie en slijm dropen uit de opening waar de flitsende grijp-tentakel zich ophield. Soms kroop het slijmerige ding uit de bek en het was alsof het zelf licht-sensoren had. "Geur-sensoren", analyseerde Tara's brein. Het ding kon ruiken en wist maar al te goed waar zij was. Een enkele keer beet het ding richting haar. Een teken van wat haar te wachten stond. Tara knipperde met haar licht-sensoren, iets wat de flex-bek tot waanzin dreef, omdat het begon te klapperen met de scherpe tanden. "Prima", berekende Tara. "Maak je maar druk".

Tara ging over naar het volgende deel van haar gewaagde plan. Ze zette een holo uit, een afbeelding van zichzelf op de wand van de schacht. De bek reageerde niet, maar de vechtrobot zelf wel en vuurde een laser. Die trof natuurlijk niets. De volgende holo zette Tara op een platform rechts boven haar met hetzelfde resultaat. De afstand tussen haar en griezel was inmiddels klein genoeg om het ultieme uit te proberen. Een nood-greep, maximale energie-verbruik ook in de hoop boven het beest uit te komen. Tara plaatste zes holo's van zichzelf op de wand en diverse platforms en merkte op dat de vechtrobot daar direct moeite mee kreeg. De bek fladderde op en neer naar een vermeende vijand die kennelijk plotseling overal was en de vechtrobot vuur keer op keer een laser naar daar waar Tara niet was. Plotseling gooide de robot een flexibel dago-net. Gelukkig richting een holo, maar Tara concludeerde - via haar alert-brein - onmiddellijk dat het nu of nooit was. Ze plaatste nog zes holo's en sprong naar boven. In een honderdste deel van een gig-minuut was ze boven de vecht-robot en klom op volle snelheid verder. Even keek ze achterom en constateerde de waarheid omtrent de zwakke plek. Het beest kon zich niet omdraaien om fatsoenlijk naar boven te klimmen, althans zeer moeilijk. Het beest onder haar worstelde met de holo's, de schacht en de platforms die keer op keer van positie veranderden. Tara klom naar boven, maar een hapering in haar linker-grijp-tentakel gaf een idee wat haar te wachten stond. Een controle van de batterij bevestigde haar vrees. Die was nagenoeg op. Ze zou moeten rusten of wachten op hulp zelfs. Iets wat niet kon, omdat de vecht-robot al halverwege zijn draai was. Het beest gromde als een waanzinnige. Als hij genoeg ruimte had voor zijn laser, dan zou Tara worden vernietigd, zo was wel zeker. Tergend langzaam met uiterste krachten klom ze verder en plaatste uiteindelijk haar rechter-grijp-tentakel op de rand van de schacht. Heel even keek ze boven de rand uit. Het enige wat ze zag....

Een blauwe lijn.

"Weet je zeker dat we de blauwe lijn moeten volgen, SSB", zond Eri-Lene. De vraag woelde al minutenlang door haar brein. Zonder een afdoende exacte wetenschap. Wat wel zeker was, betrof het geluid van een brullende vecht-robot en het werd steeds harden. Eri-Lene creëerde een klein onderzoek via haar pols-monitor en haar buitenste sensoren gaven aan dat het geluid op slechts dertig meter afstand ontstond. De echo's maakten duidelijk dat het beest ergens in een gat moest zijn, maar dat maakte haar niet gerust. Dit soort griezels verstopten zich overal, konden klimmen en wachten als een spin in het net. Ze had geen zin in een onverwachte aanval, die ze nooit kon overleven. "Ik keer om.....SSB, dit is echt te gevaarlijk, hoor". SSB maande haar stil te zijn en richtte zijn rechter-hoor-sensor nadrukkelijk in de richting van waar het geluid vandaan kwam. "Ik hoor nog iets anders Eri-Lene......Een....er is daar iets in gevaar en ik vermoed.....Nee, toch....Het is Tara, Eri-Lene. Het is Tara. Kom". Zo snel als ze konden renden ze naar daar waar het geluid vandaan kwamen. Plotseling stonden ze in de langwerpige ruimte met in het midden een zwart gat. De brul kwam overduidelijk daar vandaan, maar er was niets zien.

Tara vocht inmiddels voor haar bestaan. De menselijke lezer moet begrijpen dat het volgende zich binnen vijf kliu-seconden afspeelde.

De vechtrobot draaide de lasers richting de top van het gat en zocht naar het doel, een kleine worm van een robotje. Heel even haperde de zoektocht, omdat alweer een drietal van die vervelende holo's het ware beeld op zijn licht-sensoren vertroebelde. Tegelijkertijd zochten de twee onderste loop-tentakels naar een betere positie, met de bedoeling een laatste draai te kunnen maken. Dat lukte...en het aanvals-brein vond het ware doel. Een micro-seconde nam het beest de tijd voor een laatste analyse en conclusie; vangen of vernietigen? De gevraagde berekening was reëel nu zijn slachtoffer hulpeloos met één tentakel naar de rand greep en zichtbaar alle kracht had verloren. Het centrum maakte een conclusie en.....het betrof een foutieve.

Op het moment dat de vechtrobot een net gooide om Tara te vangen, gebeurde er iets tegelijkertijd. Een onbekende tentakel vlak boven de rand greep de strekkende tentakel van Tara en trok haar omhoog. Heel even zag de vechtrobot het beeld van een mens of een realborg, vrouwelijk van uiterlijk en hij vervloekte zijn beslissing. Maar er was nog iets anders wat meer de directe aandacht van het alert-brein trok. Een vallende robot, die zich met gestrekte grijp-tentakels op het afgeschoten net stortte. Al snel raakte het net met de robot verstrengeld en duikelden samen omlaag. De vechtrobot kreeg het net en de prooi vol op zijn lasers, gromde als een bezetene en met één grijp-tentakel smeet hij het net met de prooi met volle kracht naar beneden. Eenmaal op de grond, diep onder hem, knalde hij een laser af om het geheel daar beneden met één straal te verpulveren. Wat restte was wat smeulende as en verwrongen delen van metaal.

Snel richtte het beest de aandacht weer naar boven. Natuurlijk.....

Tara was niet meer te zien.  


wordt vervolgd op L-20

E-mailen
Map
Info