Ideemachine.nl
                                                                                                 

De Laatste Robot, L-10


De tweede fase I


Een pols-diverser maakte duidelijk dat er bezoek aan de voordeur stond. Zoals gebruikelijk informeerde de diverser naar de benodigde informatie. Het antwoord van de bezoeker was voldoende overtuigend om de hoofdbewoner met een rode puls te informeren.

Samuel Tyck, een man van middelbare leeftijd, zo'n negentig jaar bekeek het bezoek en constateerde dat het twee ambtenaren betrof van het Metropool-huis. Hoewel hij daar ook werkte, kende hij ze niet, maar wel het uniform, een donkerbruin strak pak, gemaakt van zachte plastics in de stijl van de jaren dertig, toen uniformen als ware uniformen werden beschouwd doordat ze allemaal hetzelfde waren zonder verschil van sekse of stand bij de drager ervan. Hij kon zodoende niet zien onder welke trede deze ambtenaren vielen, maar vermoedde wel vrij hoog, juist omdat hij ze niet van gezicht kende. Samuel hoopte stiekem op een promotie en maakte zichzelf wijs dat ze deze boodschap hem thuis graag wilde mededelen. Iets later besefte hij dat deze gedachte wellicht valse hoop moest zijn, temeer nu de gezichten niet echt een vrolijke uiting van goed nieuws uitstraalden. Des te meer hij dat realiseerde, ze leken eerder grimmig en koel, toen hij wat langer naar ze keek, des te meer zorgen hij ging maken. Enkele nieuwe gedachten stroomden door zijn hoofd. "Had hij een fout gemaakt bij de uitbesteding van opdrachten van publieke werken?.....Zou het aannemen van de firma Slots niet in orde zijn?" Hij besloot zich niet langer te kwellen, drukte op de opener van de diverser en begaf zich naar de hal.

"Goedemiddag.....meneer Tyck?", vroeg de langste van het stel.

"En u bent, heren....van.....?", antwoordde Samuel met stelligheid en sloot de tussendeur met een druk op de diverser om aan te geven dat hij van een dergelijke houding niet was gediend.

"Spencer en Bach-halt, wij zijn van Veiligheid en Orde. Volgens onze berichten bent u de eigenaar van een Robot, een huistype, formaat hond en voorzien van een A-brein, klopt toch?". Samuel overdondert als hij was door deze vraag, antwoordde niet meteen. Hij kneep zijn ogen tot een spleetje en de diepe rimpels op zijn voorhoofd verraadde een directe zorg. En zorgelijk was het ook. Samuel wist dat er actieve zoektochten naar intelligente robots werden georganiseerd. "Maar....ze zouden toch niet?....Nee, niet onze hond, toch?...Maike was gek op de hond, ze was haar alles". Hij moest er niet aan denken dat zijn dochter niet haar maatje meer kon meenemen naar de psyche-groep. Ze had de hond nodig...voor veiligheid en gezelschap.

"Eh....klopt, maar het is een hulphond voor mijn dochter. Ze kan niet zonder. Dit moet een vergissing zijn". Samuel maakte zijn houding en woorden zo vriendelijk mogelijk. Een samenspel tussen gezichts-spieren en stembanden. Het hielp niet.

"Luister Samuel", zei de kleinste met een loensend oog.

"Meneer Tyck, graag".

"Oke, meneer Tyck, zoals u wenst". Zijn stem was sissend van toon en duidelijk geïrriteerd.

"Of uw robot nu een hulp-element is of niet, maakt ons niet uit. We nemen de robot mee op grond van de algemene Veiligheidswet. U weet...intelligente robots van het type A zijn sinds vorige week verboden. Uw dochter mag nog afscheid nemen, maar wel nu en niet later".

"Ze is niet thuis".

"Spijtig, maar de hond gaat nu mee. Wij zijn glashelder, punt uit?" De laatste zin was duidelijk een verwijzing naar zijn beroep als ambtenaar. Het betrof de lijfspreuk van Economische Zaken, waar hij zelf bij werkte en liet dus geen ruimte over voor verder overleg.

De hond kwispelde nog in de gang en zelfs zijn tong hing een beetje uit zijn bek. De Robot zag er alleraardigst uit en berekende dat dit de gewenste houding was. Maar ook dat hielp niet. De twee heren keken streng en gaven geen aandacht richting de robot. Samuel gaf een opdracht....zijn laatste.

"Benji A36e154. Volg deze twee heren en gehoorzaam hun bevelen. Zonder uitzonderingen. Heb je dat geregistreerd?" De robot-hond knipperde eenmaal met zijn lichtsensoren. Het was het laatste contact. Hij en zijn dochter zouden Benji nooit meer zien. De twee mannen bedankten Samuel voor zijn medewerking en namen afscheid met een lichte buiging. Achter de gesloten deur zakte Samuel op de grond. "Hoe zou hij dit aan zijn dochter kunnen uitleggen?"....Hij zou het niet kunnen. Iets later voelde hij de radeloze paniek en de onontkoombare ontroostbaarheid van zijn dochter in zijn vezels opkomen en begon zachtjes te huilen.  

XXXXXXX wordt vervolgd.

wordt vervolgd op L-11

E-mailen
Map
Info