Ideemachine.nl
                                                                                                 

Het Dagboek, 1C


De uitdaging, vervolg.


"Orde, orde", riep de rood aangelopen voorzitter en hij klopte driemaal keihard met zijn houten hamer. Een kleine vlieg landde vlug op een druppel spuug, die evenzo op de tafel was beland. 

"En de vergadering was nog zo rustig begonnen", analyseerde ik, terwijl mijn alert-systeem overschakelde naar niveau 3. 

Na binnenkomst in de eivormige vergaderruimte werden eerst allerlei beleefdheden uitgewisseld, zoals het een goed kolonist betaamd. "Een hallo hier, een hallo daar, hoe gaat het, alles goed met uw gezin" en dat soort kleine praatjes, die niets meer inhielden dan het laten zien dat je er bent. Bij één persoon ging de beleefdheid echter anders dan zoals ik had berekend. Na een formeel hallo met een klein knikje van het hoofd naar voren - zeker geen buiging -, volgde er een sneer van grote orde. "Ach, daar hebben we Rumpfeld (zonder Sir!). Ik zie dat je je hele gevolg hebt meegenomen", pochte hij en wees achteloos met zijn pink naar mijn richting. Mijn meester - niet gek natuurlijk - had gelukkig een goed antwoord. "Ach gut, Budenbrock....jouw tekortkomingen dienen kennelijk veelvuldig te worden gecompenseerd", zei hij en richtte evenzo zijn pink naar het hoopje robots dat achter hem stond opgesteld. De man draaide zich meteen om en deed net alsof hij een betere kandidaat had gevonden om mee te kletsen. Mijn meester glimlachte naar me en vervolgde zijn weg naar de bronzen vergadertafel. 

Na een ietwat wilde stoelendans, sommigen wilden perse naast elkander zitten of juist niet, viel er een verwachtingsvolle stilte. Een enkeling kuchte beleefd, vooral bedoelt om te laten merken dat hij er ook was. (vrouwen, zoals altijd bij Kolonisten, waren niet welkom). Mijn meester hield zich stil en ontweek duidelijk de ijskoude blik van degene tegenover hem, de lange man, de onverlaat Budenbrock. Zelf nam ik even de tijd om de grote robot vlak achter hem te aanschouwen. Een dergelijk type had ik nog nooit geregistreerd en het leek mij een kruising tussen een realborg - zoals ik - mensvormig dus en een vechtrobot, klasse 1, aangezien er duidelijk aanvalswapens in het skelet waren opgeborgen. Het duurde slechts een enkele sivo-seconde en ik voelde de diepte-scan van de robot al op mij gericht. Mijn alert-systeem besloot te reageren met een kaats-puls en dat hielp....zo analyseerde ik in 1e instantie. Plotseling kwam er een visuele stem in mijn controle-brein - alsnog....

"MIO-9-X, aangenaam. Ik ben RAW-13-V", stond duidelijk in mijn rechter-licht-sensor geschreven. Hierna viel er een zwarte duisternis in dezelfde lichtsensor en kort daarna kwam het normale zicht weer terug. Het werd mij duidelijk. Mijn brein was even gehackt. Dit was mij nog nooit overkomen en mijn brein schakelde naar de hoogste alarmfase om het lek te vinden. Gelukkig traceerde een globale scan binnen 3 sero-seconden het lek en wel namelijk in mijn externe temperatuurmeter. De robot tegenover mij ontblote zijn messcherpe tanden. Er ontstond een kort overleg tussen mijn alert en controlesysteem wat door de laatste werd gewonnen. Ik bekeek zodoende met toestemming van het brein-gedeelte - het lek was gedicht -  alsnog de robot wat beter en zag toen dat de robot niet alleen atletisch was gebouwd, maar ook krachtig. Een duidelijke verwijzing daarvoor kon ik vinden in de omstandigheid dat de letters DIVO op het skelet waren gebrand. En de DIVO-systemen, zo berekende ik, waren vooral bedoelt voor robots in buitengewone omstandigheden. Mijn systemen concludeerden onmiddellijk dat deze robot vast en zeker naar de planeet zou reizen. 

Robots kunnen niet echt schrikken. Het is immers niet altijd duidelijk wat de toekomst zal brengen en daarom zijn ze ingesteld op real-time, het hier en nu, zeg maar. In ieder geval, de conclusie dat ik mogelijk samen met deze robot zo'n slordige miljarden kilometers moest reizen naar een onbekende planeet, had tot gevolg dat een goede afloop voor mij niet was te verwachten. Ik berekende een vraag voor mijn meester, namelijk of hij zich dat ook realiseerde. 

Na deze onwelkome ontdekking, stapte een oudere man de zaal binnen en nam plaats op een spreekgedeelte van een klein bordes. Het lijkt mij het beste om zijn inleiding hier te plaatsen. 

"Beste lieden van de Royal Astronomical Society, bedankt voor uw komst. Hoewel het erg druk is (een sneer naar Budenbrock en zijn gevolg) heeft u toch plaats kunnen vinden. Nu we het over een plaats hebben, kan ik u mededelen dat deze vergadering evenzo over een plaats zal gaan, namelijk de planeet Teegarden B. (een aantal onwetenden begonnen te smoezen en te mompelen). Teegarden B is onze beste optie als exo-planeet en zodoende wordt het tijd voor nader onderzoek en wel ter plaatse. Het lijkt ons een uitgerekende kans om de vlag van onze Society daar te plaatsen en zodoende eventuele eigendomsrechten te kunnen waarborgen. Het is nu aan ons om te overleggen hoe we deze missie gaan invullen. Ik geef daarvoor graag eerst het woord aan Sir Rumpfeld". 

Mijn meester stond op.

"Dank u, oudste lid", zo begon mijn meester. "Mijn voorstel is om 2 robots naar deze planeet te zenden met de "Springer-1", het meest geavanceerde toestel wat we hebben kunnen bouwen. Het staat al gereed in Punjab en beste collega's, het weer is uitermate gunstig om zelfs op korte termijn te vertrekken. Mag ik u mijn robot, Minox voorstellen en de suggestie geven dat zij een deelnemer wordt op deze missie, dank u". 

Er ontstond enig rumoer en dat had vast met mijn vrouwelijke uiterlijk te maken, berekende ik. Al snel was er één persoon die het nodig vond om te gaan lachen. Uiteraard, de heer Budenbrock. 

"Laat mij niet lachen, beste Rumpfeld. Ik bedoel het is een prachtig exemplaar hoor, maar ze overleefd daar misschien nog geen half uur op die planeet", schertste hij met een scherp stemgeluid welke paste ergens tussen disrespect en spot. Na deze woorden, die overigens wel wat meer onrust veroorzaakten, stond hij ook op en wees naar achteren. "Kijk, hier....Dat zijn pas robots die een stootje kunnen verdragen. Ik stel voor dat we RAW en een collega-robot, zoals bijvoorbeeld CRU of PRAK meezenden. We moeten immers zeker weten dat ze terugkomen en niet ergens op die verdorde planeet weg liggen te roesten, toch?" 

Deze woorden hadden een zekere impact en ik berekende dat er veel waarheid in terug was te vinden. Niet dat ik mijzelf als een mislukkeling bestempelde, maar eerlijk is eerlijk, kracht is een factor van belang. Mijn meester dacht er helaas anders over en we gingen op weg naar een finale met verstrekkende gevolgen. 

"Ach Budenbrock", begon hij en een vast en daadkrachtig stemgeluid wat meteen zorgde voor een stilte. "Altijd weer de bluf zonder inhoud, zoals ook bij het poker". De zaal wist kennelijk meteen wat mijn meester bedoelde en begon te lachen. Het was kennelijk bekend dat Budenbrock veel verloor bij het gokken, zo berekende ik. Mijn meester ging verder. 

"Luister heren. Het is volstrekt onduidelijk of deze planeet onbewoond is met intelligent leven. Stel dat hier een bruut van een robot komt en wat zal dan onze reactie zijn....Nou, ik weet het, we zullen het niet vertrouwen en mogelijk vernietigen. Een robot zoals Minox geeft vertrouwen. Ze oogt prettig, heeft nagenoeg geen aanvalswapens en is waarschijnlijk veel intelligenter dan de woesteling daar". 

Hierna ontstond de mate van onrust waarmee ik ben begonnen en het leidde tot de ingreep van de voorzitter. Het bonken op het tafelblad was voldoende om de rust te doen wederkeren. Budenbrock reageerde natuurlijk als ware hij gebeten door een slang. Vol vuur sperde hij zijn ogen op mijn meester en kneep ze samen tot spleetjes. Zijn mond verstrakte en vanwege deze bittere houding raakte de omgeving vervuld van spanning. Er stond iets te gebeuren. En dat was ook zo...helaas...

"Luister Rumpfeld. Ik durf te beweren dat mijn robots veel slimmer zijn dan dat ranke en breekbare schepsel van jou. Dat is één. Ten tweede meen ik dat de natuur van Teegarden B wellicht de belangrijkste factor van het mislukken van de missie kan worden. Kan jou liefje....(een schok trok door de zaal en iedereen hield zijn adem in), kan zij functioneren in koude, extreme hitte, onder water en zo? Dat vraag ik mij af". Hij ging zitten en wachtte op het antwoord. Dat antwoord kwam echter niet van mijn meester. 

"Geen probleem", antwoordde ik en tot mijn verbazing voegde ik er aan toe; "En als ik de liefde ben van mijn meester, wat zegt dat over u en RAW....ook liefde misschien?" 

De mensen in de zaal ontploften van plezier en brulden het uit. "Goede vondst, Minox", fluisterde mijn meester, maar hij realiseerde ook dat deze opmerking hem als een belediging zou worden aangemerkt. Budenbrock haatte op dit moment mijn meester. Hij kneep zijn handen tot vuisten en overwoog vast en zeker om Rumpfeld uit te dagen voor een duel. Toch besliste hij anders en dat veranderde mijn positie. 

"Oké, genoeg gelachen. Ik erken....slimheid genoeg bij deze robot. Rumpfeld, laten we deze kwestie uitvechten daar op planeet B. Een win-win-situatie. Mijn voorstel is om deze twee naar Teegarden B te zenden. Ik weet nu al zeker dat mijn robot als enige hier aan tafel een verslag van de reis kan uitbrengen". 

"En ik, Budenbrock, meen dat mijn robot hier de eerste zal zijn die verslag doet van de reis. Sterker nog, ik verwed mijn hele fortuin erom dat mijn robot een reis kan maken rondom Teegarden B en binnen 80 dagen hier voor een verslag zal terugkeren". De zaal was muisstil en ik knipperde drie keer met mijn lichtsensor, Mijn systemen rekenden en rekenden met als conclusie een drama voor mijn meester. 

Budenbrock begon wederom hard te lachen. "Man, man, wat een grap. Nou goed, beste kerel. We doen het zo. Onze robots gaan naar Teegarden B en de ene gaat linksom de planeet en de andere rechtsom. Hoe dan ook moet één van deze twee hier binnen 80 dagen - vanaf vertrek in Punjab - terug zijn voor een verslag hier midden op de tafel wat mij betreft, akkoord?"

"En wie verliest?", antwoordde mijn meester.

"Is zijn gehele fortuin aan de winnaar kwijt", antwoordde Budenbrock ijskoud. 

De voorzitter sloeg hierna met zijn hamer voor de laatste keer op tafel. Ik zag dat de vlieg niets meer was dan een plat en morsdood wezen. 

wordt vervolgd op 2A. 

E-mailen
Map
Info